WERELD & DENKEN
 
 

Bronnen bij Cultuur, integratie, toekomst: segregatie

.2008

 

Uit: De Volkskrant, 04-10-2007, column door Marcel van Dam (volledig artikel hier  )

 

 
Islamitische school bevordert integratie
14 oktober 2003 (pagina 7)
Hans Wansink

De voorbereiding van kinderen op de buitenwereld vindt het beste plaats in een vertrouwde omgeving en wordt door islamitische scholen bevorderd. Het is absurd dat segregatie te noemen, meent Hans Wansink.

Met de islamitische scholen blijkt niets aan de hand. De onderwijsinspectie heeft een streng onderzoek ingesteld, maar geen spoor van subversiviteit aangetroffen. De aantijgingen dat de koranscholen broeinesten van fundamentalisme zouden zijn, blijken – opnieuw – ongegrond.
Net als christelijke of katholieke scholen moeten moslimscholen aan 'deugdelijkheidseisen' voldoen om voor bekostiging door de overheid in aanmerking te komen. Voor de islamitische scholen betekent deze eis dat er veel Nederlanders voor de klas staan die niet in Allah geloven. Ook het lesmateriaal en het onderwijsprogramma moet in orde zijn, anders raakt een bijzondere school zijn subsidie kwijt. Met andere woorden: de vrijheid van onderwijs is relatief. Het is de overheid die bepaalt wat de inhoud van het lesprogramma is. Daarmee definieert de staat wat zij nodig acht voor een 'actief en democratisch staatsburgerschap'.

Het mooie van de vrijheid van onderwijs is dat ouders hun verantwoordelijkheid voor de opvoeding van hun kinderen gestalte kunnen geven. Ze kunnen kiezen voor een school die een levensovertuiging uitdraagt die met hun geweten overeenkomt. De staat mag zijn (modernistische) moraal nooit opdringen. Vandaar dat de liberale staatsman Thorbecke de vrijheid van onderwijs in 1848 in de Grondwet heeft opgenomen. Hij zou zich in zijn graf omdraaien als hij de VVD zou horen pleiten voor een verbod op koranscholen. Tolerantie betekent dat je andersdenkenden toestaat opvattingen te belijden die je zelf verwerpt. Moslims hebben andere opvattingen over seksualiteit en de rolverdeling tussen mannen en vrouwen dan de gemiddelde Nederlander. Ze hebben het recht die uit te dragen, uiteraard met in achtneming van de wet. Het zijn opvattingen die een halve eeuw geleden gemeengoed waren. Ze geven aanleiding tot felle generatieconflicten, waarbij de Turkse tv, met zijn halfnaakte zangeressen allang geen bondgenoot meer is van de strenge vaders.

Daar komt nog bij dat het bijzonder onderwijs de afgelopen eeuw enorm heeft bijgedragen aan het zelfrespect, de emancipatie én de integratie van achtergestelde katholieken en protestanten. Want de voorbereiding op de veeleisende buitenwereld vindt het beste plaats vanuit een veilige, vertrouwde omgeving.

Ik ben ervan overtuigd dat de emancipatie van de tweede generatie Turken en Marokkanen er beter voor zou hebben gestaan als we niet dertig jaar lang het stichten van koranscholen hadden tegengewerkt. De islamitische gemeenschap kreeg een behandeling als tweederangsburger.

Door het teruglopen van het leerlingental waren niet alleen openbare, maar ook bijzondere scholen in de jaren tachtig maar wat blij met de islamitische nieuwkomertjes. 'Op onze school geloven we ook in God', verzekerden de katholieke en protestantschristelijke scholen. Waarna met Sinterklaas en Kerstmis de aap uit de mouw kwam. Initiatieven voor scholen met de Koran werden gesaboteerd om de markt voor de bestaande scholen te beschermen.

Vrijheid van onderwijs wordt tegenwoordig 'segregatie' genoemd. Ik vind dat absurd. In de eerste plaats betekent segregatie door de staat afgedwongen scheiding van bevolkingsgroepen op basis van ras. Een term die van toepassing was op het apartheidsregime in Zuid-Afrika en de rassenscheiding in het zuiden van de VS, een halve eeuw geleden. Niettemin spreekt het SCO-Kohnstamm Instituut (van de UvA) in zijn beschrijving van de 'verkleuring' van de Amsterdamse scholen van 'onderwijssegregatie'. De onderzoekers hanteren als norm dat elke ouder zijn kind naar de dichtstbijzijnde school moet sturen. Kiezen ze bewust voor een andere school, bijvoorbeeld een witte, dan is dat eigenlijk niet in de haak.

Uit het rapport blijkt overigens dat veel ouders bewust kiezen voor een zwarte school. Door de positieve discriminatie (een achterstandsleerling telt dubbel) hebben zwarte scholen kleine klassen, mooie gebouwen en de nieuwste apparatuur. Uit het onderzoek van het Kohnstamm Instituut maak ik op dat er in Amsterdam van culturele apartheid geen sprake is. Er zijn geen scholen met uitsluitend Marokkaanse, uitsluitend Turkse of uitsluitend Surinaamse leerlingen. Zelfs het aantal scholen dat voor honderd procent wit is, is heel klein.

Het onderwijs kampt niet met een segregatieprobleem, maar met een sociaal-economisch probleem. De achterstand van migrantenkinderen is – door een combinatie van erfelijke en sociale factoren – zo groot, dat weinigen zich kwalificeren voor havo en vwo. Het vmbo is voor veel kinderen te moeilijk: te abstract en te weinig ambachtelijk.

Het grote obstakel voor allochtone kinderen zit in de 'montessorificatie'van het onderwijsbestel. Uitgaande van het ideaal van het 'ontdekkend leren', werden kennis, discipline en oriëntatie op de arbeidsmarkt verdacht. Een ouderwetse, klassikale aanpak helpt, vooral voor kinderen uit de lagere sociale klassen. Maar de lerares (mannen zie je niet in de school) is liever een 'maatje' dan een strenge meesteres.

Copyright: de Volkskrant

Hans Wansink is redacteur van de Volkskrant. Reageren? Ga naar www. volkskrant. nl/wansink

 

Gemengde school begint bij postcode

Deventer lijkt een goede oplossing te hebben bedacht voor bevorderen gemengde scholen


Van onze verslaggeefsterAnja Sligter Anja Sligter
gepubliceerd op 11 mei 2009

DEVENTER - In Deventer is een bemoedigend begin gemaakt aan het mengen van autochtone en allochtone kinderen op scholen, zegt Wiet Tutupoly van de Stichting Quo Vadis voor bijzonder onderwijs in Deventer. ‘Maar voor echt gemengde scholen heb je gemengde wijken nodig.’


Kinderen uit groep 3 van de Deventer basisschool De Mozaïek, die baat had bij een ‘aanvalsplan’. Foto Marcel van den BerghHet postcodebeleid dat nu in Deventer is ingezet, helpt niet om zwarte scholen in zwarte wijken witter te maken. Op zo’n school zit namelijk de ideale afspiegeling van de wijk. En dat is wat dit beleid beoogt.

Tutupoly ziet het postcodebeleid daarom als een eerste stap. ‘Gemengde wijken zijn er niet van de ene op de andere dag. Dat duurt jaren. We hebben besloten daar niet op te wachten.’

Al worden er wel moedige pogingen ondernomen in de herstructureringswijken van Deventer. In de Rivierenwijk worden bijvoorbeeld vijfhonderd huizen gesloopt en zeshonderd woningen nieuw gebouwd. Dat moet leiden tot een andere samenstelling van de wijk.

Maar in Voorstad, de schil rondom het centrum van Deventer die bestaat uit talloze kleinere volkswijkjes, worden her en der mondjesmaat nieuwe huizenblokken gebouwd. ‘Daar ontstaan zwarte scholen omdat de wijk zwart is. En in Deventer zijn zwarte scholen scholen met alleen Turkse kinderen, waar de voertaal Turks wordt’, schildert Tutupoly. ‘Dat versterkt het zwarte gevoel.’

Voor schooldirecteur Steven Diepenveen van de Borgloschool is het een uitkomst dat er binnenkort een nieuwe wijk tegen de gemengde wijk de Keizerlanden wordt aangeplakt. Zijn school, met in meerderheid allochtone kinderen verhuist, dan naar een nieuw gebouw op een nieuwe locatie. ‘Samen met het postcodebeleid moet mijn school dan de ideale samenstelling krijgen: 30-70.’

Deventer probeert al jaren iets te doen tegen ouders die hun kinderen naar twee populaire scholen in de binnenstad of naar de omliggende dorpen Schalkhaar en Diepenveen brengen. Vijf jaar geleden is afgesproken dat deze scholen niet meer mochten groeien ten koste van andere, zegt Jan Rensink, directeur van de bestuurscommissie Openbaar Primair Onderwijs Deventer (OPOD). ‘Ze kregen geen recht op uitbreiding. Zes scholen liepen vol en twee tot drie leeg. Daar moest iets tegen gedaan worden.’ In de omliggende dorpen waar de scholen een groeispurt hadden gehad, werd het leerlingental langzaam gestabiliseerd.

Op de Mozaiëk, een zwarte school, had een aanvalsplan effect. Ton Plagman, nu directeur van de Snippeling, zwaaide daar toen de scepter en zat ook in de denktank integratie van de gemeente. ‘De wijk was veel gemengder van samenstelling dan de school. We hebben huis aan huis brieven verspreid, we hebben ambassadeurs benoemd om andere ouders over de streep te trekken.’

Het had veel voeten in de aarde, maar het succes bleef niet uit. ‘Als je nu kijkt op die school zijn de eerste groepen nu fifty-fifty. Terwijl de groepen 4 tot en met 8 nog volledig door allochtone kinderen wordt bevolkt.’

Je zou vermoeden dat de populaire scholen niet staan te juichen bij het postcodesysteem, waarbij kinderen uit de wijk voorgaan. Maar directeur Dieuwke de Witte van de Hagenpoort is er juist blij mee. ‘Het geeft eindelijk helderheid. Voorheen konden ouders hun kind van 2,5 al aanmelden. Het was wie het eerst komt, het eerst maalt. Vroege leerlingen hadden veel meer kans dan late. Heel oneerlijk.’

Het is niet zo dat haar school altijd populair is geweest. ‘In de jaren negentig liep de school leeg en stond hij zelfs op de nominatie om te worden gesloopt.’ De ommezwaai kwam met een Dalton-profiel en een accent op kunst en cultuur. Daar bleken Deventer ouders gevoelig voor. De school stroomde vol, tot 225 leerlingen in acht lokalen.

De Witte mag niet uitbreiden en moest elk jaar tien tot vijftien ouderparen teleurstellen. Nu heeft ze er twintig moeten afbellen.

Maar de samenstelling van de eerste groepen op de twee binnenstadsscholen is met het nieuwe beleid totaal verschoven. Het grootste deel van de 28 kinderen in de eerste groepen van de Hagenpoort (19) en de Windroos (16) komt uit de wijk, en bij een kleiner deel (6 en 8) gaat het om broertjes of zusjes van oudere schoolkinderen. Daarna was er nog plaats voor een heel klein aantal (3 en 4) uit andere wijken. Voorheen waren de meeste kinderen (65 procent) afkomstig uit andere delen van de stad, en slechts 35 procent uit de buurt.

De ouders die moesten worden teleurgesteld – van 29 kinderen, op een totaal van 1.180 aanmeldingen – komen maandagavond bijeen in het gemeentehuis om met de scholen te spreken over alternatieven. Wiet Tutupoly van de Stichting Quo Vadis voor bijzonder onderwijs zegt: ‘Het voordeel van ons aanmeldbeleid boven dat van Nijmegen, waar ouders zes scholen in plaats van één mogen opgeven, is dat zij niet met de ouders in contact komen. Wij kunnen nu direct in gesprek gaan over de belemmeringen.’


Tussenstuk:
Deventer keuzebeleid werpt al snel zijn vruchten af

Bijna alle 4-jarigen in Deventer gaan in 2010 in hun eigen wijk naar school. Het postcodebeleid waarmee de gemeente dit jaar begon, lijkt zijn vruchten at te werpen. Ouders zijn vrij in hun schoolkeuze, maar gemeente en schoolbesturen hebben afgesproken dat kinderen uit de buurt voorgaan. Voor maar 29 van de 1.180 kinderen is geen plaats op de school van eerste keuze. Jan Rensink, directeur van de bestuurscommissie Openbaar Primair Onderwijs Deventer (OPOD), heeft sterk de indruk 'dat ouders op basis van onze maatregelen bij voorbaat een andere keuze hebben gemaakt' .
    Ook directeur Ton Plagman van basisschool de Snippeling constateert een trendbreuk. Van de vijfhonderd schoolgaande kinderen in 'zijn' Rivierenwijk, de vogelaarwijk van Deventer, gaan er nu 250 buiten de wijk op school. Voor 2010 hebben van de vijftig 4-jarlgen zich zeven op scholen buiten de wijk aangemeld. Voorheen groeiden twee populaire scholen in de binnenstad en vier in de dorpen Schalkhaar en Diepenveen ten koste van scholen In de gemengde wijken, die kleiner en zwarter werden. Het grootste effect heeft het spreidingsbeleid op de twee populaire scholen in het centrum, de Hagenpoort en de Windroos. Ook de 'witte vlucht' naar Schalkhaar en Diepenveen lijkt gestopt.


Red.:  Let op: bevorderen = afdwingen

 


Naar Cultuur, integratie, toekomst  , Allochtonen overzicht  , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home  .