De Volkskrant, 18-02-2010, van verslaggeefster Ianthe Sahadat .2010

'Gooi protocollen overboord en ga naar ouders toe'

Het tweede publieke debat over de Onderwijsagenda ging over het contact tussen ouders en scholen.

Hoog opgeleide witte ouders en analfabete allochtone ouders hebben meer gemeen dan ze denken. Beide groepen zijn onvoldoende betrokken bij het onderwijs van hun kinderen. ‘Na de lagere school raak je het spoor bijster: waar gaat mijn kind elke dag naar toe?’, vraagt een vader zich af, dinsdagavond tijdens het tweede publieke debat over de Onderwijsagenda van de Volkskrant in Rotterdam.

Stelling van de avond: ouders en school zijn onvoldoende partner in onderwijs en opvoeding. Opmerkelijk genoeg vinden zowel ouders als docenten dat. Docenten vinden dat ouders te veel opvoedkundige taken op school afschuiven. Ouders denken dat hun bemoeienis ongewenst is of weten niet hoe ze kunnen bijdragen.

‘Hoog opgeleide ouders zijn heus niet zo betrokken hoor’, zegt Willeke Vester. ‘Die denken: ik zet mijn kind op een goede witte school, dan komt alles goed. Verder hebben ze het druk met hun werk. En achteraf natuurlijk wel klagen, als het niet goed gaat.’ Zijzelf voelt zich pas echt betrokken sinds ze geregeld over haar beroep – ze is architect – op de school van haar dochter komt vertellen.

‘De ouders die ik spreek, willen het beste voor hun kind’, zegt Fatima el Jaoui, schoolcontactpersoon voor Marokkaanse ouders in Rotterdam, ‘maar omdat ze zelf nooit op school hebben gezeten, weten ze niet hoe ze kunnen bijdragen.’

Scholen moeten de eerste stap zetten, vindt zij. Bijvoorbeeld door de ouders persoonlijk aan te spreken in een simpele taal die ze verstaan. De resultaten zijn ernaar: minder verzuim, hogere slagingspercentages en drukbezochte ouderavonden.

Vrij Nederland-redacteur Margalith Kleijwegt, die het boek Onzichtbare Ouders, de buurt van Mohammed B. schreef, sluit zich daarbij aan. ‘Gooi de protocollen overboord en ga naar de ouders toe. Geen overlegjes op school óver het probleemkind. Maar thuis aanbellen, dat is het enige dat werkt.’

Dat is precies wat leerplichtassistent Hanneke Simons elke dag doet. ‘Ouders zijn bijna altijd blij als ik voor de deur sta. Eindelijk aandacht of hulp, denken ze.’ Volgens Simons hebben veel ouders het gevoel dat scholen te weinig doen. Om dat beeld te doorbreken moet je langsgaan.

Dat juicht een vader in de zaal toe. ‘Laat ze maar komen, perfect. Want hoe moet ik een vertrouwensrelatie opbouwen met de mentor van mijn zoon als ik met 82 ouders in de aula op een tienminutengesprekje zit te wachten?’

Dat huisbezoeken tot spectaculaire resultaten kunnen leiden, bewezen de leerplichtambtenaren in Amsterdam. ‘Een groep van ruim dertig Roma-kinderen kwam nooit naar school’, vertelt Simons. ‘Wij hebben elke dag aangebeld, waar is uw kind. Nu komen ze allemaal.’

Andere oplossingen die de revue passeren: het gebruik van digitale middelen, hogere lerarensalarissen zodat ouders meer tegen hen opkijken. ‘En word luizenmoeder’, roept een schooldirecteur, ‘dat vergroot de sociale gemeenschap’.


Tussenstuk:
Goed oudercontact is taak van de school

De inspanningsplicht om goede contacten met ouders te bereiken, ligt bij de school. Dat schrijft de Onderwijsraad in het rapport Ouders als partners, dat woensdag aan de Tweede Kamer is gepresenteerd.
    Het advies luidt: maak onderling goede afspraken over de taakverdeling. Bijvoorbeeld via een ‘engagementsverklaring’, zoals komend schooljaar in Vlaanderen standaard wordt.
    Een hechte gemeenschap van ouders rond een klas of school is van belang in de strijd tegen uitval van leerlingen. Een goede band tussen ouders onderling kan zelfs een sterke positieve werking hebben in de wijk rondom de school.




Naar Cultuur, integratie, toekomst , Allochtonen overzicht  , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]