De Volkskrant, 15-02-2010, door Margalith Kleijwegt, redacteur van Vrij Nederland en auteur van Onzichtbare Ouders, de buurt van Mohammed B. .2010

Ouders en school moeten lijstjes maken

Op school vergaderden ze elke week over Jason, maar niemand ging op huisbezoek. Van die fout hebben ze geleerd. Erop afgaan loont, schrijft Margalith Kleijwegt.

Ouders en school moeten precies formuleren wat ze van elkaar verwachten. Als dat duidelijk is, en ze het er mee eens zijn, zullen ze veel beter kunnen samenwerken. Het voordeel is hun gezamenlijk belang: alle ouders willen dat het goed gaat met hun kinderen en dat wil school natuurlijk ook.

Het geval Jason, die destijds wekenlang spijbelde, is een mooi voorbeeld van hoe het mis kan gaan. De bezorgde mentor belde Jasons moeder en liet berichtjes op haar voicemail achter, maar zij reageerde niet, zei ze later, omdat ze overdag werkte. Deze 14-jarige leerling werd vervolgens iedere paar weken op school besproken tijdens het zorgoverleg, waar ook de leerplichtambtenaar en de zorgcoördinator bij zaten, maar niemand kwam op het idee om Jason eens thuis op te zoeken. Om te horen waaróm die jongen zo lang niet op school was verschenen.

Jason was een van de leerlingen die ik leerde kennen toen ik voor mijn boek Onzichtbare Ouders met alle ouders van klas 2K van het Calvijn met Junior College in Amsterdam-West sprak. Op de avond dat ik met Jasons moeder had afgesproken, wilde ze graag vertellen over de problemen met haar zoon. Jason was er zelf ook, hij zei dat hij niet meer naar school wilde omdat hij werd gepest door de machofiguren uit zijn klas. De volgende dag liet ik school weten dat ik een verslagen Jason en een hardwerkende, overbelaste moeder had aangetroffen, maar mijn hartekreet hielp niet. Jason heeft zeker een jaar thuis gezeten, terwijl er geregeld over hem werd vergaderd. Hij gleed af en pleegde kleine delicten. Uiteindelijk werd de kinderbescherming ingeschakeld. Voor zijn moeder leek die interventie bijna een opluchting.

De protocollen waren nageleefd, zeiden de school en de wethouder van het stadsdeel Slotervaart. Dat zal best, maar in die protocollen had natuurlijk moeten staan dat bij langdurig verzuim de leraar of de leerplichtambtenaar persoonlijk polshoogte moeten gaan nemen. De bureaucratie won het van een menselijke handreiking.

Zeker op zwarte scholen kost het soms moeite en inspanning om met ouders in contact te komen. Ze hebben er niet altijd zin in, uit schaamte of uit angst tekort te schieten. Als hun kinderen 14, 15 jaar zijn, hebben de ouders weinig gezag. Ik herinner me een meisje met een Turkse achtergrond dat haar rapport kwam halen. Haar mentor liet merken hoe jammer hij het vond dat ze naar een lager niveau moest. ‘Zal ik je moeder eens bellen, dan kan ik het met haar bespreken?’ ‘Doe geen moeite’, antwoordde de leerlinge nonchalant. ‘Mijn moeder spreek toch geen Nederlands.’

De leraar zou juist wél moeten bellen of langs gaan, om het de moeder duidelijk te maken. Gebarentaal is ook communicatie. Sommige moeders, merkte ik tijdens mijn huisbezoeken, wisten niet precies waar hun kind op school zat, laat staan dat ze de naam van hun mentor kenden.

Inmiddels wordt op het Calvijn-college veel aandacht en energie gestoken in het contact met ouders. Alle eersteklassers worden thuis bezocht. De meeste ouders waarderen de belangstelling van de leerkracht. Voor hen is het prettig om in hun vertrouwde omgeving over het wel en wee van hun kind te spreken. De school maakt tijdens die huisbezoeken duidelijk wat haar bijdrage is, en wat er van de ouders wordt verwacht. Dat werkt. Een situatie als met Jason kan niet meer voorkomen.

Op de Joop Westerweelschool, een basisschool in de Amsterdamse Baarsjes, tekenen ouders sinds een paar jaar een overeenkomst als ze hun kind inschrijven. Daarin staan de rechten en plichten van zowel ouders als school beschreven. De school biedt onder meer een prachtig schoolgebouw, naschoolse opvang en alle mogelijke zorg voor de leerlingen. Onder het kopje ‘Wij vragen van ouders’ staat dat de ouders ervoor moeten zorgen dat hun kind op tijd komt, dat ze akkoord gaan dat de leerkracht thuis op bezoek komt en dat er in en rond de school zoveel mogelijk Nederlands gesproken wordt.

Directeur Dick Haanraadts is tevreden. Door te formuleren wat je van elkaar kunt verwachten en dat met een handtekening te bekrachtigen, zijn de verhoudingen helder. Ouders zijn nu meer betrokken, ze bellen af als ze hun afspraak niet kunnen nakomen en ze komen zelf met initiatieven.

Betekent zo’n aanpak meer werk? Misschien wel. Maar zowel Haanraadts als Zeki Arslan van kennisinstituut Forum, dat een platform voor allochtone ouders oprichtte, loont een niet-bureaucratische maar activistische benadering de moeite. Erop af, je inleven, af en toe zachte dwang gebruiken, dan krijg je ouders mee.


Naar Cultuur, integratie, toekomst , Allochtonen overzicht  , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]