De Volkskrant, 11-02-2010, van verslaggever Robin Gerrits .2010

'Op mijn roc wilde geen leraar werken'

Een half miljoen mbo’ers telt Nederland. Ze krijgen meer aandacht uit Den Haag. Want hun klachten stapelen zich op.

Tussentitel: Van Bijsterveldt wil nog niet het beeld zien van een losgeslagen toestand

‘We moeten de zaken op het middelbaar beroepsonderwijs scherp in de gaten blijven houden’, zei staatssecretaris Marja van Bijsterveldt van Onderwijs in de Tweede Kamer, want er zijn tendenzen die naar beneden gaan.

Zo was het aandeel van bevoegde docenten in het mbo in 2006 nog 71 procent en in 2007 67 procent. Voor de jaren erna is het nog niet precies uitgezocht. ‘Maar moet er dan niet een minimum worden afgesproken?’, vroeg SP-Kamerlid Jasper van Dijk. ‘Anders kan het in theorie naar nul.’

Dat weersprak de staatssecretaris. ‘Bovenop die 71 komen nog 18 procent praktijkmensen met een pedagogisch-didactische aantekening’, zei Van Bijsterveldt. ‘Die zijn juist in het beroepsonderwijs heel waardevol. Laat hier nu niet het beeld ontstaan van een losgeslagen toestand.’

Dat was juist precies het beeld dat oprees uit de klachten van Amsterdamse mbo-leerlingen die vorige week samen met stadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch naar buiten waren getreden over grootschalige lesuitval, slechte kwaliteit en het ontbreken van structuur op de roc’s (de mbo-instellingen). Zo houd je jongeren niet op school, zeker niet in de toch al zwakkere wijken van de grote steden.

Daarom waren enige tientallen studenten woensdagmiddag naar het Haagse Plein gekomen om onder aanvoering van Jongerenorganisatie Beroepsonderwijs (JOB) te demonstreren voor meer en betere lessen. Een lage opkomst voor een sector met een half miljoen leerlingen, maar het was ook wel erg koud, de voorbereidingstijd was heel kort geweest, en het JOB moet nog wennen aan zijn nieuwe rol van actievoerder.

Maar wie er was, wist waarom. ‘We moeten er zelf achteraan om de lessen op ons rooster echt te krijgen’, zeiden Annemarie Jansen (18) en Clemente Valli (20), eerstejaars van het grafisch lyceum in Utrecht. ‘De kwaliteit moet ook beter. Te vaak zeggen leerkrachten dat ze niet precies weten hoe iets zit.’

Veel studenten hebben er ook last van dat het niveauverschil tussen mbo en hbo zo groot is. ‘Stapelen wordt een stuk moeilijker’, zegt Jansen. Op een vorige mbo-opleiding, aan ROC ASA, had Valli het nog veel erger meegemaakt. ‘Daar kreeg ik slechts 35 procent van de lessen die ik moest volgen. Er wilde geen leerkracht werken.’

Maar Daniël Leegwater (18), eerstejaars op het Mediacollege, een school die het volgens de Inspectie heel slecht doet, vindt helemaal niet dat hij te weinig les krijgt. ‘Ik heb die vrije uren nodig voor mijn opdrachten voor school. Dat is voor mij echt onderwijstijd.’

Het beeld uit het mbo-veld is zeer divers, sprak ’s avonds de staatssecretaris in de Kamer. Er zijn goede cijfers, en via allerlei kanalen komen zeer versnipperde klachten. Daarom wil ze die centraal gaan inventariseren.

Vrijwel alle fracties drongen aan op minder geduld met onvoldoende presterende roc’s. Van Bijsterveldt overlegt met de Inspectie of niet elke zeer zwakke mbo-opleiding voortaan al binnen een jaar weer een voldoende moet halen.



Naar Cultuur, integratie, toekomst , Allochtonen overzicht  , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]