WERELD & DENKEN
 
 
Drugs, bestrijding, en maatschappij

nov.2003; rev.aug.2006


Wat betreft drugs is de eerst vraag natuurlijk of drugs Łberhaupt wel bestreden moeten worden. Als theoretische of morele vraag is het antwoord "ja", als praktische hangt het af van het soort drug. Dat is niet zozeer een stellingname als ook een praktijk: alcohol en tabak, overduidelijke drugs, worden gedoogd, cocaÔne en heroÔne niet. En om aan te geven dat ook dit terrein weer onderhevig is aan de normale verdeling: cannabis bevindt zich ergens in een grijs gebied.

De scheidslijn tussen gedogen en verbieden heeft te maken met een paar factoren: schadelijkheid, en verspreidend zijn de belangrijkste: Hoe schadelijker, hoe eerder verboden, en hoe verspreider, hoe eerder gedoogd. Het laatste is weer een praktisch argument: wijde verspreiding maakt bestrijding vrijwel onmogelijk.

Om preciezer te zijn: juridische bestrijding van een wijdverspreide drug heeft contra-productieve gevolgen. Het meest grootschalige voorbeeld is de drooglegging in Amerika in de jaren twintig. Het resultaat was dat iedereen, van hoog tot laag, ging drinken in illegale uitgaansgelegenheden, waarvan de winsten terecht kwamen bij criminele organisaties als de maffia. De zaak liep dusdanig uit de hand dat het alcoholverbod na een aantal jaren weer moest worden ingetrokken, maar dat kon niet meer voorkomen dat een flink deel van de Amerikaanse maatschappij voor langere tijd (op zijn minst tot in de jaren zestig) werd gedomineerd door criminele organisaties. Hetzelfde geldt natuurlijk voor de huidige strijd tegen drugs uitleg of detail .
 
De reden voor de slechte ervaring met juridische bestrijding is simpel: een verbod verandert niet de vraag, want die vraag is gebaseerd op veel sterkere emoties van die van vraag en aanbod uitleg of detail , dat wil zeggen: als de prijs stijgt, blijft men betalen, alleen steelt men of steelt men meer.

Als dit waar was zouden bij het legale voldoen aan de vraag de negatieve aspecten die verbonden zijn met de illegaliteit verdwijnen. Recente ervaringen met experimenten met de decriminalisering van drugsverstrekking wijzen er ook allemaal op dat dit de overlast van drugsgebruik zowel voor maatschappij als gebruiker sterk vermindert, of het nu soft- of harddrugs zijn.

De grote vraag is dus: als alle rationele overwegingen er op wijzen dat het beter is om drugsgebruik legaal te reguleren, waarom gebeurt dit dan niet. De meest genoemde reden is dat dit het gebruik van drugs zou bevorderen. Dat klinkt voor de hand liggend, maar in de praktijk merkt men daar niet veel van. De reden is dat ook als drugs illegaal zijn, het voor iemand die ook maar enigszins geÔnteresseerd of vatbaar ervoor is, nog steeds redelijk makkelijk is om eraan te komen, omdat het illegale circuit bijzonder wijdverspreid en efficiŽnt is. En het illegale circuit is dat, omdat vanwege het verbod drugs zo duur zijn, dat de winst op drugshandel enorm is.

Eigenlijk zijn er dus geen goede praktische reden om drugs niet te legaliseren, want zoals gezegd: het verminderd overlast aan twee kanten en vermeerdert het gebruik nauwelijks of niet. Maar zoals altijd: als er als er geen rationele reden is, is er wel een irrationele.

Die reden is makkelijk te vinden als men zich realiseert waarom mensen drugs gebruiken. Hier moeten we weer eerst het onderscheid tussen de zware, schadelijke, drugs, en de lichte. De eerste hebben vaak verband met psychische kwalen, en worden apart behandeld vervolg . Hier gaat het om de lichtere gevallen, tabak, alcohol, cannabis, en misschien ook cocaÔne. De reden voor het gebruik van dit soort drugs werd eens gegeven in een documentaire over de geschiedenis van het roken op de BBC World Service -  op de vraag waarom mensen roken gaf de professor een ongebruikelijk openlijk en onomwonden antwoord : “People smoke because they lead such miserable lives.”. Het is natuurlijk niet zo dat maatschappelijke ellende noodzakelijkerwijs leidt tot drugsgebruik, sommige mensen reageren door andere vormen van niet-welbevinden uitleg of detail , en anderen putten er juist energie uit. Maar het maakt wel dat van de groep die bevattelijk is voor drugs , er een groter aantal daadwerkelijk drugsgebruiker wordt.

Gewapend met deze kennis duiken er meteen twee argumenten op die de voorstander van justitiŽle drugsbestrijding zouden kunnen hebben voor hun contraproductieve houding. Ten eerste is daar het concurrentie aspect: daar waar drugs ellende verlicht, doet dat af aan andere ellendeverminderaars. De bekendste ellendeverminderaar is de religie. Het is dus niet verwonderlijk dat de grootste voorstanders van drugsbestrijding te vinden zijn bij de religieus gemotiveerden. Als men het heel zwart wil zien, kan men zelfs stellen dat voor de religieuzen het mes aan twee kanten snijdt: ten eerste bestrijden ze concurrentie van de gelegaliseerde drugsbestrijding, en ten tweede zorgt de misdaad ten gevolge van de illegaliteit van drugs voor een nieuwe toestroom van ellendigen.

Een tweede drijfveer voor de voorstanders van juridisch drugsbestrijding volgt uit het gzegde van de professor: drugsgebruik is een maat voor de hoeveelheid menselijke ellende, en voor mensen als groep: de maatschappelijke ellende - oftewel: de mate van drugsgebruik wijst op het goed of slecht functioneren van de maatschappij. In een gelukkige maatschappij is er weinig drugsgebruik, in een ongelukkige veel, zo simpel is het. En hierin is een duidelijke trend zichtbaar: naarmate de maatschappij individualistischer, kapitalistischer, of Angelsaksischer is, is het drugsgebruik hoger. De tweede belangrijke tegenkracht tegen de legalisering van drugs is dus van degenen die vinden dat onze individualistische, kapitalistische of Angelsaksische maatschappij toch wel behoorlijk dicht bij het ideaal zit. En ook daarin bevestigd de praktijk de theorie: naarmate die maatschappij individualistischer, kapitalistischer of Angelsaksischer is, is de neiging tot drugsbestrijding heftiger, met natuurlijk als ultiem voorbeeld de Verenigde Staten. En binnen die maatschappijen zijn de heftigste besrijder natuurlijk voornamelijk degenen die het inderdaad goed hebben, dat wil zeggen: de rijken en de machtigen, waaronder de meeste politici uitleg of detail .

De irrationele reden voor de bestaande contraproductieve manieren van drugsbestrijding is nu dus bekend, en zoals zo vaak, achteraf voor de hand liggend. Het is een afspiegeling van de bestaande, slechte, machtsverhoudingen in de maatschappij.

Dus kunnen we meteen door naar de vraag naar de feitelijke hoogte van het huidge drugsgebruik, en wat men dus daarmee kan zeggen over de geluksbeleving binnen onze maatschappij. Let op dat hier niet het woord "geluksgevoel" wordt gebruikt, dat laatste gaat over wat mensen zeggen te voelen. Onderzoek heeft uitgewezen dat dat lang niet hetzelfde is wat ze werkelijk voelen. Wat we moeten doen om de werkelijke geluksbeleving te vinden, is kijken naar handelingen, en drugsgebruik is een van de zeer goede indicatoren. Het is lastig hier echte, gemeten, uitspraken over te doen, maar een globale schatting is wel mogelijk.

Ten eerste, als het gaat over de maatschappij als geheel, dan moeten ook alle drugs meegenomen worden. Startende met de echte drugs, dan zijn de percentages niet zo hoog. Bij alcohol ligt dat radicaal anders, al moet men wel een onderscheid maken tussen bescheiden en verslavend gebruik, maar desondanks blijft dan een substantieel percentage over. Wat betreft  roken: dat strekt zich uit tot enkele tientallen procenten van de bevolking. Neemt men ook nog cannabis en cocaÔne mee, dan moet men nu al ergens tussen de dertig en de vijftig procent van de bevolking zitten, die men dus kan categoriseren als drugsverslaafden.

Maar iedere praktizerend psycholoog zal weten te melden dat daar voor het meten van het geluksbeleven nog minstens drie verslavingen bij komen: de eetverslaving, de gokverslaving, en de koopverslaving. Het is overduidelijk dat het gebruik van voedsel boven een bepaalde grens zonder meer tot de verslavingen kan worden gerekend: het is slecht, het is bekend dat het slecht is, maar men doet het als bevrediging van allerlei emotionele problemen. Even duidelijk is dat dit ook geldt voor sommige vormen van koopgedrag: uit diverse comedy series: “Ik verveel me, laten we gaan winkelen.”

Als men deze groepen bij de andere verslaafden optelt, dan zit men al ruim boven de vijftig procent. In de Amerikaanse maatschappij zijn met name de laatste categorieŽn zeer groot (het in december 2003 gemelde percentage van Amerikanen met overgewicht is 64% uitleg of detail ), zodat men misschien wel in de buurt van de tachtig procent uitkomt. Het oordeel over het daadwerkelijke geluksbeleven de Amerikaanse maatschappij (bijvoorbeeld) is dus eenduidig negatief, niettegenstaande alle beweringen hierover, het geluksgevoel, van de Amerikanen zelf. De redenen van deze enorme discrepantie is kortweg dat ze zichzelf institutioneel en fanatiek wijsmaken dat ze de ideale maatschappij hebben uitgevonden, maar de details daarvan is meer iets voor een aparte studie.


Addendum juni 2005:
Bovenstaand artikel is van november 2003 (geredigeerd aug. 2006). Bij de afkondiging van een rookverbod in alle openbare instellingen is bekend geworden dat meer dan 95 procent van alle inwoners van psychiatrische kliniek rookt. Dit is de extreme vorm van het bovenstaande verschijnsel, volgens het mechanisme beschreven in Psychologische stellingen vervolg .

Addendum augustus 2005
Uit archieven van de redactie dook de volgende op: Recente onderzoeken hebben naar buiten gebracht dat kosmetische ingrepen, en andere wat extremere vormen van lichaamaanpassingen als tattoos ook een goede aanwijzing voor geestelijk niet-welbevinden zijn. Een item over plastische chirurgie van de actualiteitenrubriek  Netwerk, TV Nederland 1, 28-11-2004, liet zien dat wens uiterlijk te veranderen vaak veroorzaakt door psychische klachten. een onderzoek in Japan heeft uitgewezen dat mensen mensen die plastische chirurgie hebben gehad circa 3x zo veel zelfmoorden. het verband tussen tattoos en niet-welbevinden is gebleken uit onderzoeken in psychiatrische klinieken die lieten zien dat de meeste van hun bewoners tattoos hebben.

Addendum oktober 2005
In de Volkskrant van 22 oktober constateert burgemeester Guusje ter Horst van Nijmegen dat drugsverslaafden de maatschappij circa 500 duizend euro per persoon per jaar kosten, en pleit voor verplicht afkicken. In een uitzending van Netwerk op 23 oktober wordt nog eens uit de doeken gedaan hoe ernstig drugsverslaving is voor alle betrokkenen en vooral voor hemzelf, beschreven als zeer moeilijk tot onmogelijk oplosbaar, vanwege de betrokkenheid van allerlei biologische hersenprocessen en aanwijzingen voor erfelijke factoren. Een junk verklaart dat afkicken nooit zal lukken vanwege de sterke interne motivaties voor het gebruik, en de directeur van een drugskliniek dat elders afgekickte verslaafden bij het terugkeer naar de stad al bij het stappen uit de trein sterke behoeftegevoelens krijgt, zelfs na tien jaar.

In Rijnlandse zorgboerderij is beschreven dat de oplossing voor zowel ernstige geesteszieken, drugsverslaafden als criminelen veel beter geregeld is in het kader van klein-agrarische en klein-technische gemeenschappen, met als expliciete doelstelling om ze in ieder geval weg te houden van de eerste bron van pervertering voor die mensen: de stad. De ernst van het drugsprobleem als boven beschreven is voor de redactie voldoende reden om na lange overweging de voor de hand liggende oplossing voor te stellen: het isoleren van de drugsverslaafden van de rest van de maatschappij. Een mogelijke manier om dat te doen is het omheinen van de zorgboerderij, maar dat is alleen houdbaar bij kleinere arealen. Een elegantere methode is het afscheiden van een deel van het land met een of andere natuurlijk barriŤre, en als mogelijkheid om dit te doen stelt de redactie voor de mogelijkheid te onderzoeken om dit te doen in een van de huidige IJsselmeerpolders, of een deel van de Markerwaard droog te leggen en te gebruiken voor dit doel. Het risico van smokkel van drugs naar dit gebied is niet groot, want de bewoners ervan hebben niet de financiŽn om de drugskoeriers te betalen.

Deze oplossing klinkt drastisch, maar is een realiseerbare oplossing voor een anderszins als onmogelijk beschreven probleem wat zeer veel leed veroorzaakt uitleg of detail . Het IRP hoopt dat haar voorstel besproken zal worden niet met de inzet van allerlei principes (wat natuurlijk wel gebeurt uitleg of detail ), maar vanuit het simpele uitgangspunt van een verlies- en winstrekening: wat verliezen alle betrokkenen, en wat winnen ze, bij de uitvoer ervan. Als die rekening positief is, zou het voorstel uitgevoerd moeten worden. De overtuiging van de redactie is, mede naar aanleiding van deze recente berichten, dat de uitkomst sterk positief is, wat nog eens overduidelijk blijkt uit de droefheid van de alternatieven, zie de uitwerking hier vervolg .

Addendum feb. 2006
De boven geschetste relatie tussen drugs en maatschappelijke factoren wordt in wat algemenere termen bevestigd door onderzoek, zie hier vervolg .


Terug naar In het kort , Drugs lijst , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of naar site home .