De Volkskrant, 21-02-2012, rubriek De Kwestie, door Peter de Waard 2007

Waarom niemand de auto kan laten staan?

Nederlanders mopperen massaal op de dure benzine, maar eten liever minder dan dat ze minder rijden.

Een moderne man rijdt op met een creditcard afgerekende benzine in een met een door verhoging van de hypotheek gefinancierde auto over een met een obligatielening gefinancierde weg. Op deze wijze omschreef de Amerikaanse humorist Earl Post heel treffend de huidige schuldenproblematiek.

Een liter euro loodvrij kost aan de pomp bijna 1,80 euro - evenveel als zes flesjes Heineken (aanbieding) of een fles slobberwijn. 'Liever bier in de hand dan benzine in tank', klonk het op het jaarlijkse carnaval.

Voor veel Nederlanders, die toch dit jaar hun koopkracht al hebben zien verminderen, is een bezoek aan het benzinestation een rib uit het lijf geworden. Maar ze gaan daardoor niet minder rijden, net zoals fervente carnavalsvierders door de crisis niet minder gaan drinken. Maandagochtend stonden op de bekende knelpunten zoals altijd de gebruikelijke files. Hogere benzineprijzen leiden er niet toe dat Nederlanders uitwijken naar het openbaar vervoer. De afzet van benzine is net zo ongevoelig voor prijsverhogingen als die van een vaatje zout in de supermarkt.

Economisch gezien is benzine een inelastisch goed. De elasticiteit van goederen wordt gemeten in punten. Televisies hebben een elasticiteit van 2, hetgeen betekent dat de vraag met 20 procent vermindert als de prijs met 10 procent stijgt. Kijken naar DWDD en GTST behoort niet tot de basisbehoeften.

Bij een cijfer van meer dan 1 is een product elastisch of luxe, als het minder is dan 1 is het inelastisch of noodzakelijk. De elasticiteit van benzine is 0,1 tot 0,2. Als benzine 10 procent in prijs stijgt, wordt er maar 1 tot 2 procent minder verkocht. Als de benzineprijs stijgt tot 2,25 euro per liter, gaan de Nederlanders slechts 2,5 procent minder kilometers rijden.

Nederlanders gaan nog eerder minder eten dan dat ze hun auto laten staan. De maatschappij is totaal auto-afhankelijk geworden, stelde de sociaal geograaf en voormalig D66-Kamerlid Hans Jeekel vorig jaar in een proefschrift. Niet alleen zijn Nederlanders voor vier van de tien ritten aangewezen op de auto, ook is door de jachtigheid van het moderne levenspatroon - waarin iedereen 101 dingen tegelijk wil doen - de auto bij andere ritten onmisbaar geworden.

Uit een nieuw rapport van het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid blijkt dat duurdere benzine zelfs niet leidt tot een zuiniger wagenpark. Tussen 1980 en 2009 bleef het benzineverbruik per kilometer in Nederland gelijk. De opmars van de PC Hooft-tractor heeft op macro-niveau de doorbraak van de hybride auto en verbeteringen van de brandstofefficiency tenietgedaan.

Voor de moderne man is een autovrij land een groter doemscenario dan een nieuwe hongerwinter.

 

IRP:  



Naar Houding laag I, automobilisme , Houding laag I , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]