De Volkskrant, -2008, door van onze correspondent  apr.2008



Stelling Honderd Kamerleden is genoeg
de Volkskrant, Forum, 19 april 2008 (pagina 09)


Elke week schrijven Amanda Kluveld en René Cuperus een reactie op een actuele stelling.


Kamer ook gebaat bij minder fracties


Politiek zit in onpeilbaar diepe crisis

Kamer ook gebaat bij minder fracties ‘Het getal van de leden van de Tweede Kamer wordt bepaald naar de bevolking, voor iedere 45.000 één’, stelde de Grondwet van 1848. Dit verband tussen de grootte van de bevolking en het aantal Tweede Kamerleden verdween bij de grondwetsherziening van 1887. Het aantal Kamerleden werd op 100 gefixeerd. Deze bepaling overleefde de afschaffing van het districtenstelsel en zou pas veranderen in 1956 toen een grondwetsherziening noodzakelijk was door het Statuut in 1954 dat de verhoudingen tussen Nederland, Suriname en de Nederlandse Antillen regelde. Het aantal Tweede Kamerleden werd vastgesteld op 150.
Volgens Hans Wiegel is het terugbrengen van de Tweede Kamer tot 100 leden ‘pas het echte werk’. ‘Met als beloning: terug naar die oude vergaderzaal, waar het echte politieke gevecht werd geleverd.’ Wiegel zelf heeft nooit in een Kamer van 100 leden gezeten. Tezamen met zijn verlangen naar de oude vergaderzaal, lijkt zijn overweging voort te komen uit het sentiment dat vroeger alles beter was en de meisjes mooier. Zo’n particulier gevoelen is magertjes als basis voor een grondwetsherziening.

In een betoog waarin ambtenaren, bestuurders en gekozen volksvertegenwoordigers op een grote hoop worden gegooid, stelt PvdA-Kamerlid Pierre Heijnen dat een kleinere Kamer dwingt tot politieke debatten waar het de burger ook echt om gaat (Forum, 16 april). Dit vindt ook Rita Verdonk die de Kamer wil terugbrengen tot 75 leden omdat ‘men zich dan kan bezighouden met de echt belangrijke zaken’. Heijnen en Verdonk bewijzen nergens dat een kleinere Kamer er automatisch toe leidt dat volksvertegenwoordigers zich op hoofdzaken richten, noch kunnen zij aantonen dat specialisten in de Kamer overbodig zijn.

Dan deed Joost Eerdmans in 2006 een zinniger observatie. Bij 150 leden, stelt hij, zijn er in grote fracties te weinig woordvoerderschappen beschikbaar waardoor sommige Kamerleden maar aan één debat per maand kunnen meedoen en soms zelfs een jaar na hun installatie nog hun maidenspeech moeten houden Misschien komt het grote aantal schriftelijke vragen waarover in ambtelijke kringen gemopperd wordt, behalve van de Partij voor de Dieren wel van deze bankzitters. Dat los je niet op door alleen het aantal Kamerleden terug te brengen. Ook de kiesdrempel moet naar 5 procent worden verhoogd. De Kamer is niet alleen gebaat bij minder leden maar evengoed bij minder fracties.

Amanda Kluveld

Politiek zit in onpeilbaar diepe crisis

Wie de schuimbekkende Internetreacties leest op het pleidooi van PvdA-Kamerlid Pierre Heijnen om het aantal politici terug te dringen, ziet direct dat dit helemaal het verkeerde voorstel op het verkeerde moment is. ‘Zakkenvullers’, ‘corrupte kleptocraten’ of ‘gehandicapten’ zijn voorbeelden van vuilspuiterij uit dit zogenaamde Internetdebat.

Het plan van Heijnen lijkt stoer (‘snijden in eigen vlees’), maar is de totale capitulatie voor de stem des volks van dit moment: hoe minder politiek, hoe beter; hoe minder politici, des te puiker. Dat kunnen we er naast Rita Corita en Elco Brinkman nog wel bij hebben. Die laatste riep ons op alles in het honderd te laten lopen. Pas dan zou de politiek wakker worden.

De Nederlandse politiek verkeert in een onpeilbaar diepe identiteitscrisis. Het geloof in de politiek is volledig verdwenen. Dit geldt niet alleen voor de wokkende vinexburgers van Nederland, maar ook voor de politici zelf. Zij geloven zelf niet meer in politiek. Het heeft iets weg van de Sovjet-Unie in haar laatste dagen.

De publieke taken werden verkwanseld. Aan Europa, aan de brute vrije markt of aan monsterlijke publiek-private constructies. Ons land is volkomen vastgeregeld, verjuridificeerd, verbureaucratiseerd. Europa hangt als een kleffe octopus over ons heen.

Politici hebben zichzelf impotent gemaakt en zijn gaan geloven in de eigen onmacht om daar iets aan te kunnen veranderen. Men buigt voor de tussenlaag van deskundigen, procesmanagers en toezichthouders die met hun ’bureaucratisch-bedrijfsmatige logica’ de politiek hebben vermoord.

Raad van State’s Tjeenk Willink stelde met het juiste gevoel van urgentie de diagnose van onze politieke legitimiteitscrisis. De politiek is opgelost en verdampt. Het klinkt sneu, maar wat de politiek nodig heeft, is een hernieuwd geloof in eigen kunnen, een herstel van eigenwaarde. Zo’n rehabilitatie van politiek vraagt om hoogwaardige gepolitiseerde debatten over de belangrijkste maatschappelijke problemen, en om politieke moed en gezaghebbend leiderschap tegen routines en gewoontedenken in.

Het mag waar zijn dat kleine fracties de beste Kamerleden produceren en grote fracties zich opbranden aan een interne strijd van allen tegen allen, toch valt niet goed in te zien waarom minder Kamerzetels een wezenlijke oplossing zou zijn voor de onpeilbare identiteitscrisis van de Nederlandse politiek.

René Cuperus

Naar Houding top IV , Sociologie lijst  , Sociologie overzicht  , of site home .
 

[an error occurred while processing this directive]