|
De Volkskrant, 14-07-2005, van correspondent Peter de Waard
Vier voorbeeldige, onopvallende Britten
Buurtbewoners en vrienden van de Pakistaanse Britten die de zelfmoordaanslagen
in Londen pleegden, beklemtonen dat de mannen zo aardig waren en helemaal niet
radicaal leken.
De 22-jarige Shehzad Tanweer was bijna Britser dan de Britten zelf. De avond
voordat hij zichzelf in een metro bij het station Aldgate in Londen opblies,
speelde hij nog cricket met zijn vrienden, vlakbij zijn woning. Hij was dol op
cricket. Vrienden vonden hem aardig, sportief, intelligent, leergierig en
humoristisch. Hij was ‘sound as a pound’, zei een vriend – iemand die met
iedereen kon opschieten.
Shehzad was de oudste uit een gerespecteerd gezin van vier kinderen. Zijn vader
kwam dertig jaar geleden vanuit Pakistan naar Groot-Brittannië. Hij werkte hard
en opende verscheidene zaken. Uiteindelijk had hij een goed lopende fish & chips
zaak in de wijk Beeston, vlakbij het voetbalstadion van Leeds United. Shehzad
had als kind geregeld achter de toonbank gestaan, maar studeerde nu
sportwetenschappen aan de universiteit van Leeds.
Hij stond niet bekend als een fanatieke moslim. Hij was een macho die graag in
de Mercedes van zijn vader rondreed. Enige tijd geleden had hij wel twee maanden
door Pakistan en Afghanistan gereisd. Daarna bezocht hij iedere dag een moskee,
maar niemand had enig vermoeden dat hij extremist was geworden. Beeston kent
drie moskeeën, maar die hebben geen imams die bekend staan om haatpreken tegen
het Westen.
De wijk lijkt sowieso geen voedingsbodem voor extremisme en een plaats waar een
bommenfabriek zou kunnen worden vermoed. Het is geen moslimgetto, slechts een
enigszins desolate wijk met rijtjeswoningen waarin burgers van verschillende
etnische afkomst wonen. Meldingen van raciale spanningen waren er nauwelijks.
Politici noemden Beeston zelfs een voorbeeld voor vele andere wijken. Niemand
vermoedde dat een aantal jongeren in die wijk een dubbelleven leidde.
Eén van hen was de 19-jarige Hasib Hussain, de jongen die de zelfmoordaanslag op
de bus uitvoerde. Hij was goed bevriend van Shehzad. Hij liep liever in een
spijkerbroek en T-shirt dan in een traditioneel moslimgewaad en maakte geen
geheim van zijn interesse voor westerse meisjes. Zijn Pakistaanse vader was een
fabrieksarbeider en hij had een zorgzame moeder die zich erg ongerust maakte
toen hij al een etmaal niet thuis was geweest om te eten. Donderdagavond, twaalf
uur na de aanslag, belde ze zelfs de politie, bang dat hij misschien slachtoffer
zou zijn van de aanslagen. De avond ervoor had hij gezegd ‘met vrienden naar
Londen te gaan’.
‘Hasib was een vriendelijke reus, iemand tegen wie je op keek’, zegt een vriend.
‘Een paar jaar geleden ging hij naar Mekka en liet hij zijn baard groeien.’ Zijn
vrienden merkten wel dat hij de laatste tijd ineens veel religieuzer was
geworden. ‘Hij ging een wit gewaad dragen, maar niemand zag daar kwade
bedoelingen in.’
Hasib en Shezhad trokken wel op met Mohammed Sadique Khan, een 30-jarige vader
van een acht maanden oude baby. Maar ook hij leek niet op een extremist. Hij
leek zelfs minder religieus dan zijn broers en zusters. ‘Hij was een paar keer
naar Pakistan geweest, maar nooit voor een langere periode’, vertelt een
buurman. Toch was hij vorige week verantwoordelijk voor de aanslag bij Edware
Road.
Ook de vierde dader, wiens identiteit nog niet bekend is gemaakt omdat er geen
papieren van hem op de plek van de aanslag zijn gevonden, stond niet bekend als
een potentiële terrorist. Geen van allen stond op de lijst van de
inlichtingendiensten. Ze waren zogenoemde lily-whites: onbeschreven bladen. Geen
jongens die met vier kilo explosieven in een rugzak naar Londen zouden gaan om
zich daar als ‘martelaar’ te ontpoppen.
De Volkskrant, 14-07-2005, door Henk Müller
Ze zijn van hier en ze zijn tegen ons
De radicale islam heeft in Europa een nieuw front geopend. Voor de eerste keer
hebben jihad-strijders zichzelf, zo laat het zich aanzien, in een Europees land
opgeblazen in hun strijd tegen het Westen. Het blijken jonge Britten te zijn,
van Pakistaanse komaf.
Mohammed B. wilde na de moord op Theo van Gogh het martelaarschap bereiken en
bad voor een dood door politiekogels. Deze Britten verkozen de onvermijdelijke
dood door zich op te blazen en daarmee zoveel mogelijk onschuldige burgers de
dood in te sleuren. Het is een relatief simpele manier, maar wel de
gevaarlijkste en zeer moeilijk te verijdelen. Mocht er een brein achter de
aanslag zitten die logistieke en ideologische hulp verschaft, dan is het risico
op meer aanslagen groot.
De angst dat Europa een broedplaats van radicale moslims is geworden, is eerder
geuit. Hoe terecht die angst is, tonen deze zelfmoorden die geënt waren op de
‘martelarenacties’ in Irak en Israël. Jonge, westers opgevoede moslims strijden
nu in Groot-Brittannië tegen wat in Al Qa’ida-jargon ‘de Amerikanen, de
zionisten en de kruisvaarders’ heet, maar waarmee het Westen in het algemeen
wordt bedoeld. Het is geen oorlog in Irak, maar een op eigen bodem. Die oorlog
kent maar één tegenstander: het Westen en alles wat westers is. Deze
jihad-strijders zijn geen vijfde colonne, geen import maar home made. Zij
vechten met alle middelen omdat het Westen moslims zou willen vernietigen.
Het is in hun ogen een strijd tussen goed en kwaad waarbij alles is geoorloofd.
Niemand wordt gespaard. Deze jihad-strijders zijn producten van de globalisering
en maken volop gebruik van de mogelijkheden die deze globalisering biedt. Ze
zien video’s en dvd’s met haatpreken en beelden van bomaanslagen in Tsjetsjenië,
Afghanistan en Irak. Op internet, waar ze ook verdere inspiratie opdoen:
ideologisch en praktisch. Al Qa’ida-sites leggen uit hoe explosieven te maken,
hoe een satelliet gestuurd navigatiesysteem te gebruiken en hoe een
stadsguerrilla te voeren. Kleine groepjes strijders gaan naar Irak. Niet om het
land te bevrijden, maar om te vechten tegen het Westen, de Amerikanen, en om de
daar opgedane ervaring in Europa te gebruiken.
De radicale jonge Europese moslims zoals deze Britse zelfmoordterroristen die
zich tot jihad-strijders ontpopten, zijn op zoek naar steun in hun strijd tegen
het Westen. Tegenover het perverse Westen stellen zij de umma als voorbeeld,
letterlijk de islamitische gemeenschap die alle grenzen overstijgt. Maar die
eenheid is een droom, een mythe naar eigen snit. Een salaam aleikum, vrede zij
met u – de traditionele moslimgroet – is zelfs voor andersdenkende medemoslims
niet weggelegd. De umma, dat zijn zijzelf.
Het Westen tracht volgens hen die umma te vernietigen, in Irak, in Palestina, in
Kashmir, overal waar moslims leven. Daarbij valt volgens radicalen een ontelbare
hoeveelheid slachtoffers en dat roept om wraak. Oog om oog, tand om tand,
waarbij geen westerling dient te worden gespaard. De ideologische leiders van de
haat zitten in Europa, soms in Pakistan of de Arabische wereld voorzover ze niet
naar het Westen zijn uitgeweken om aan de lokale regimes te ontsnappen. Soms
zoeken zij hun volgelingen persoonlijk op, gaat dat niet dan biedt internet
uitkomst.
De jihad-strijders in Europa doen hun inspiratie hier op. In Europa
radicaliseren ze politiek en religieus en hier willen ze hun ideeën in daden
omzetten. Eenmaal in die fase worden ze gerekruteerd. Zo gruwelijk en grof de
jihad-methoden zijn, zo subtiel zijn de wervingstactieken. Werving gebeurt niet
in radicale moskeeën door radicaal uitziende geestelijken of via radicale
websites. Maar op scholen, universiteiten en in gevangenissen, of via internet,
omzichtig en onopvallend. De rekruten versmelten daarna met hun omgeving.
Eenmaal klaar voor de jihad voeren deze radicalen geen bevrijdingsoorlog.
‘Bevrijding’ door een jihad – de guerrilla-oorlog van de Taliban en buitenlandse
vechters in Afghanistan die de Russen met succes verdreef – bleek in de jaren
negentig in Saudi-Arabië, Egypte, Algerije, Tsjetsjenië en Bosnië een echec. De
moslimmassa’s kwamen, zoals gehoopt door de jihadi’s, niet in opstand. In Irak
hopen ze nu op een herkansing. Maar de ideologische leiders hebben de strijd
principieel verlegd naar en tegen het Westen. Dat hield immers de regimes in het
zadel en voedde moslims met valse ideeën over democratie en vrijheid, aldus de
radicalen. Het nieuwe en angstwekkendste middel in de strijd was de
‘martelaaroperatie’, terreur door zelfmoordaanslagen. Dat middel is nu ook in
West-Europa ingezet. Het doel: de zwakte van Europa aantonen en moslims
mobiliseren tegen het Westen. De strijd kan twee kanten opgaan. Of de salafisten
en andere radicalen manipuleren en winnen, of Europa wordt een continent waar
miljoenen Europese moslimburgers met succes hebben meegeholpen de vijver waarin
radicalen vissen te doen opdrogen.
Terug naar Bommen Londen
, Actueel home , of naar
site home
.
|