Radio Nederland Wereldomroep website, 06-03-2007, door Mohamed el Ayoubi en Nicolien den Boer*  11 mrt.2007

Hoe onafhankelijk is Aribs werkgroep?
 
In de migratie-werkgroep waar PvdA-Kamerlid Khadija Arib deel van uitmaakt, zitten journalisten, onderzoekers, acteurs en andere parlementariėrs. Een Belgische volksvertegenwoordiger liet de Wereldomroep weten te hebben geweigerd in deze werkgroep plaats te nemen omdat "men niet in twee verschillende staatsinstellingen kan zitten."


De PvdA verwacht dat Kamerlid Arib haar advieswerk voor de Marokkaanse koning gewoon kan voortzetten. Fractievoorzitter Tichelaar heeft een onderzoek naar mogelijke belangenverstrengeling bijna afgerond. De VVD en de PVV van Geert Wilders eisen een spoeddebat over de kwestie, ongeacht de uitslag van het PvdA-onderzoek.

Onverenigbaar
De VVD en de PVV willen donderdag debatteren met premier Balkenende en minister van Buitenlandse Zaken Verhagen. Zij denken dat de adviesfunctie van Arib onverenigbaar is met haar Kamerlidmaatschap; er zou sprake zijn van conflicterende loyaliteiten.
    De Frans-Marokkaanse parlementariėr voor De Groenen Alima Boumediene-Thiery die ook in Aribs werkgroep zit, vindt dat er geen sprake is van een loyaliteitsprobleem, ze zegt geen enkele macht te hebben in Marokko. "Het probleem van de dubbele nationaliteit zou pas spelen als ik me kandidaat stel voor het Marokkaanse parlement,'" liet zij de Wereldomroep weten.
    Ook zegt Boumediene geen verbondenheid met de Marokkaanse koning te voelen; ze doet haar werk niet voor hem, maar voor het land. "Ik wil de koning niet overtuigen of adviseren. Mij gaat het om de migranten. Hoe kunnen we de situatie van de Marokkanen in Europa en in Marokko verbeteren?" Ze benadrukt dat de werkgroep onafhankelijk is omdat ze alleen een reiskostenvergoeding krijgt.
 
Onafhankelijkheid
De kwestie van de onafhankelijkheid van Aribs werkgroep komt telkens weer bovendrijven in de discussie rond de nevenfunctie van het Nederlandse PvdA-Kamerlid. In haar verweer zegt Arib dat haar werkgroep is opgericht door "een onafhankelijke mensenrechtenraad".
    Koning Mohammed VI kondigde vorig jaar de oprichting aan van een Hoge Raad van de Marokkaanse gemeenschap in het buitenland. Die moet zich inzetten voor de belangen van deze Marokkanen en hun "onderscheidende culturele en religieuze identiteit, die is gebaseerd op tolerantie voor anderen." Hij liet weten dat hij de in zijn ogen onafhankelijke mensenrechtenraad (Conseil Consultatif des Droits de l'Homme, CCDH) had gevraagd om de leden van de voorbereidende werkgroep bij elkaar te zoeken.
    Maar volgens de Marokkaans-Belgische migratiedeskundige Said El Amrani, die betrokken was bij de voorbereidingen voor Aribs werkgroep, is de mensenrechtenraad CCDH '"absoluut niet onafhankelijk". El Amrani zegt dat hij heeft geweigerd deel te nemen aan deze werkgroep, omdat deze te nauwe banden had met de Marokkaanse koning. "Volgens mij is de koning de enige die uiteindelijk de beslissing neemt en niet de werkgroep of de CCDH in zijn totaliteit."
    Hij wijst erop dat de mensenrechtenraad - die de leden van werkgroep uitzocht - is opgericht door de voormalige koning Hassan II; een koning die niet bekendstond om zijn democratische principes. Hassan II zou de raad hebben geļnstalleerd om zich in het westen te kunnen presenteren als een verlicht vorst.
 
Buiten schot
Ook onder zijn zoon Mohammed VI, die een meer democratische wind door Marokko liet waaien, worden de leden van de raad nog altijd benoemd door de koning. De mensenrechtenraad was onder meer nauw betrokken bij het onderzoek van de door Mohammed VI ingestelde waarheidscommissie. Die moest de mensenrechtenschendingen onder Hassan II naar buiten brengen. In het onderzoek werden veel slachtoffers in het openbaar gehoord, maar niet-gouvernementele mensenrechtenorganisaties in Marokko spraken na afloop hun teleurstelling uit omdat de schuldigen buiten schot bleven.
    De mensenrechtenraad CCDH, waarin ook slachtoffers van Hassans regime zaten, wordt nog altijd door Marokkaanse NGO's bekritiseerd omdat ze "financieel en moreel afhankelijk" zijn van de koning.
    Migratiedeskundige El Amrani zegt desgevraagd over de kwestie Arib: "Ik respecteer haar beslissing, maar je kunt niet twee landen tegelijkertijd dienen. Mevrouw Arib moet haar verantwoordelijkheid nemen."
 
Ondenkbaar
Ook het Brusselse parlementslid Fatiha Saidi van de Parti Socialiste besloot om die reden de uitnodiging voor de werkgroep van Arib af te slaan. "Mijn stelling is: men kan niet deelnemen aan twee verschillende staatsinstellingen. Mijn Marokkaanse nationaliteit komt op de tweede plaats. Ik heb in eerste instantie verantwoordelijkheden omdat ik Belgisch parlementariėr ben."
    Ze wijst erop dat ze weliswaar respect heeft voor het werk van de CCDH en dat ze geen belemmering ziet om in haar functie als Brussels parlementslid contacten te blijven houden met diverse Marokkaanse verenigingen en politieke instellingen. "Maar ik heb nog nooit in een Marokkaanse staatsinstelling gezeten. Dat is voor mij ondenkbaar."

* met medewerking van correspondent Frank Renout in Frankrijk.


Naar Allochtone loyaliteit , Allochtonen lijst  , Allochtonen overzicht  , of site
home .