De Volkskrant, 11-05-2005, door Kees Schuyt, lid van de Raad van State en oud-columnist van de Volkskrant.

Geef jonge immigranten meer speelruimte

Tussentitel: Het gevoel voor verhoudingen onder burgers is zoek

De welgestelde, oer-Hollandse culturele elite zoekt teveel het conflict, stelt Kees Schuyt, maar moet jongeren uit families van immigranten juist veel meer speelruimte geven.

Bij de aanvaarding van de dr J.P. van Praag-prijs zou ik de vraag centraal willen stellen: is er nog voldoende maatschappelijke ruimte voor het bevorderen van vrije menselijke persoonlijkheden en zo ja, hoe zou je dan die ruimte in onderwijs en opvoeding gestalte kunnen geven?
    De huidige maatschappelijke situatie is voor velen moeilijk te interpreteren, te begrijpen of te overzien, zeker in vergelijking met de overzichtelijke jaren vijftig. Talrijke maatschappelijke veranderingen tegelijk culmineerden in tumultueuze conflicten, in persoonlijk en politiek geweld. Nederland werd opgeschrikt en onaangenaam wakker geschud door drie moorden in tweeënhalf jaar tijd, een moord op een politieke lijsttrekker. een moord op een leraar in Den Haag en een moord op een begaafd filmmaker-columnist, een kunstenaar. Een vraag ligt herhaaldelijk op ieders lippen: 'wat is er met dit land aan de hand en wat moeten we eraan doen?' Op deze vraag komen zeer verschillende antwoorden: weer en meer waarden en normen eerbiedigen, de uit de hand gelopen tolerantie inperken, de verzorgingsstaat fundamenteel herzien.
    Ik pretendeer niet een kant-en-klaar antwoord te kunnen geven op deze lastige vragen. Ik wil wel op een paar aspecten van deze kwesties wijzen. De Nederlandse samenleving is in hoog tempo van een high trust society, in de terminologie van Fukayama, naar een low trust samenleving aan het opschuiven. Je ziet dat in de verhoudingen in de gezondheidszorg, in de arbeidsverhoudingen en sociale zekerheid, in verscherpte etnische verhoudingen, in de politiek en meningsuitingen en vooral ook in het reeds alom aanvaarde taalgebruik: van beschaafd naar algemeen onbeschaafd Nederlands.
    Na een lange periode van onderlinge verstandhouding en gevoel voor proportionaliteit, wordt thans steeds meer de nadruk gelegd, met behulp van de media, op conflicten, liefst hoogoplopend, op afwijkende opvattingen en gedragingen. Waar vroeger een zekere zone van onverschilligheid bestond, waarin men elkaar in elk geval met rust liet, neemt een spraakmakende culturele, maar oer-Hollandse, elite er nu, naar het me toeschijnt, geen genoegen meer mee, als men niet meer denkt en doet, leeft en werkt zoals het vrijgevochten, verlichte, zeer welvarende, goed opgeleide burgers betaamt. Met name voor bepaalde etnische en godsdienstige groepen geldt steeds meer: aanpassen of wegwezen.
    Voor jongeren, die er niets aan kunnen doen dat ze in deze groepen groot moeten worden, moet de dringende vraag gesteld worden: wat is voor hen de ruimte die door het eigen, geborneerde milieu en door het tamelijk vijandige Nederlandse milieu, wordt geboden om zich tot vrije, menselijke personen te ontwikkelen?
    Als men de autonome, assertieve persoonlijkheid als de uitdrukking van een vrij mens ziet, en daar is heel veel voor te zeggen, dan veronderstelt dit wel een belangrijke bereidheid tot coöperatie en een goed ontwikkeld gevoel voor proporties: wat kan wel, wat kan echt niet, wat kan nog net wel?
    Het gaat om humane waarden als tolerantie en constructief omgaan met onvermijdelijke conflicten, waarin tegenstellingen niet worden verdraaid of verdoezeld, maar hanteerbaar gemaakt. Hoe kunnen dergelijke waarden in onderwijs en opvoeding worden gecultiveerd? Allereerst zou ik zeggen door ze voor te doen. Vervolgens door niet in gemakkelijke tegenstellingen te denken.
    De waarde van mijn ervaring als docent aan een gewone Nederlandse school voor leerlingen uit immigrantengezinnen, zij het slechts voor drie uur in de week, is er juist in gelegen dat ik heb afgeleerd te denken in groepen, als het over het middelbaar onderwijs gaat. Ze zijn geen meisjes met hoofddoekjes meer, maar Yasmin of Fama (niet hun echte namen) en nog veel andere jonge, nog niet geheel vrije, maar in elk geval eigengereide individuutjes vol menselijkheid. Niet denken in kleuren en geuren, niet uitsluitend in taal en culturele achtergronden maar in het vormen van vrije, menselijke persoonlijkheden.
    Zoals het een toevallige samenloop van omstandigheden was dat in Nederland het conflict herontdekt werd, op het moment dat de nieuwe culturele en godsdienstige immigrantengroepen steeds talrijker werden, zo is het ook een wat ongelukkige samenloop van omstandigheden dat alle vernieuwingen in het onderwijs, goed bedoeld voor de brave blanke leerlingen werden ingevoerd toen de scholen met geheel anders geaarde en anders opgevoede leerlingen werden bevolkt. Die toevalligheden scheppen verplichtingen om niet te snel toe te geven aan gemakkelijke hokjesgeest.


Terug naar Allochtonen opvoeden , Allochtonen overzicht , of naar site home .