Bronnen bij Rijnlands onderwijsbeleid: het Nieuwe Leren
Onderstaand het eerste artikel in een reeks van Martin Sommer, waarin het het
inhoud-vijandige karakter van de nieuwe onderwijsmethodes beschreven wordt:
De Volkskrant, 08-09-2005, rubriek
Gemengde berichten
door Martin Sommer
Onder onderwijzers
Het nieuwe leren verspreidt zich als een olievlek. Het zou mooi aansluiten op de
belevingswereld van de leerling. In de praktijk is het de
zoek-het-maar-uit-school.
Bent u ook blij dat uw slungels weer in de schoolbanken zitten? Bij ons leek de
vakantie onafzienbaar - dat begon halverwege juni met schooldagen die gevuld
waren met met een kwartiertje klassefoto of een halfuurtje boeken terugbrengen.
De rest van de dag hingen ze op de bank of achter de computer. Deze week begon
het schooljaar met het omgekeerde ritueel: rooster halen, één dag gevuld,
kennismaken met de klas, weer een. Vandaag stappen ze voor het eerst voor een
complete schooldag op de fiets.
Toch is er een flinke kans dat ze bij u thuis de komende tijd helemaal niet om
tien over acht vertrekken met zo'n hangzak op de onderrug. Als ze laat opstaan
en ook over twee maanden nog steeds bankhangen: tien tegen een dát de school van
uw kind zich bekeerd heeft tot het 'nieuwe leren'.
In augustus kapittelde de onderwijsinspectie de alternatieve Iederwijs-scholen
omdat ze niet aan de minimumnormen voldoen:
onvoldoende bevoegde leraren, te weinig lesuren. Vier van de achttien
Iederwijs-scholen werden gesloten. De kern van de Iederwijs-filosofie: het kind
is koning. Als je
de hele dag in de zandbak wilt zitten, is dat ook leren. Ik zou zeggen: goed dat
er inspectie is en wat kan mij die anderhalve flierefluiterschool schelen.
Maar zo eenvoudig is het niet. Iederwijs is weliswaar de radicaalste (en snelstgroeiende) variant. Maar het
slib van de gedachte dat het allemaal uit de leerling zelf moet komen is de
afgelopen vijf jaar aangespoeld in bijna het complete Nederlandse onderwijs.
De middelbare school is nog betrekkelijk ongeschonden, ofschoon je ook in het
studiehuis ziet hoe 'leren leren' van middel steeds meer doel begint te worden.
De Groningse hoogleraar 'Onderwijzen en leren' Greetje van der Werf hield er
onlangs een mooie oratie over. Decanen hoor je op ouderavonden zeggen dat 'het
meer gaat om hoe de leerling leert dan wat hij leert'. Er zijn weinig contacturen
- vandaar dat bankliggen - en internet functioneert als fetisj: daar rollen de
werkstukken kant en klaar uit.
Over het hbo lees je met regelmaat in de krant, zoals vorig jaar over de
Hogeschool InHolland, waar de studenten zelden een docent zagen en geen benul
hadden wat ze moesten. Ja, het moest uit henzelf komen. Nog deze maandag stond
een D66-pleidooi in de krant voor een collegegeld-vrijstelling van
pabo-studenten. Tussen neus en lippen door bepleitte Boris Dittrich 'om
vakkennis op de pabo's weer centraal te stellen en die te toetsen in examens'.
Is dat nu dan niet zo? Nee, dat is niet zo. 'Nu slagen pabo-studenten op basis
van een 'portfolio'
dat ze zélf samenstellen.' Portfolio op de pabo, dat is erg genoeg.
Maar neem het middelbaar beroepsonderwijs, waar - het woord zegt het al -
studenten een beroep leren. De 16-jarige zoon van een vriend meldde zich vorig
jaar voor de studie elektrotechniek bij het ROC-Amsterdam, zo'n mammoetschool
met tienduizenden studenten. Elektrotechniek lijkt een rijkelijk concreet vak.
Maar het jaar begon zonder één boek. Er was 'competentie-onderwijs'. En
inderdaad, ze werkten aan een 'portfolio'. Opdrachten op een stencilt je en als
je wat wilt weten, zoek je het maar op internet. Docenten waren immer moeilijk
te vinden.
De jongen kwam thuis met het verhaal dat hij een stopcontact had moeten
bevestigen op een zinken emmer. Dat was voor de lampjes van de kerstboom in die
emmer. Die kerstboom kreeg wel eens water. Ook in die emmer. De jongen twijfelde
aan de veiligheid van de constructie en maakte bezwaar bij de leraar. De leraar:
'Elektrotechniek, daar ga ik niet over.'
Besprekingen van de vorderingen gingen
over de 'opstelling' van de student, over 'het samen tot stand brengen van
projecten'.
Er was een 'persoonlijke ontwikkelingsplan' van de jongen maar zijn naam wist
de leraar niet. Een karikatuur? Ik betwijfel of het op andere ROC's beter is.
Toevallig was de broer van mijn vriend leraar aan hetzelfde ROC. Tien jaar lang
had hij houtbewerking gegeven aan de Hendrick de Keyser-mts, een school met een
degelijke naam. Bedrijven wilden graag studenten van Hendrick de Keyser hebben.
Tot de school opging in het ROC Amsterdam, net als de andere beroepsopleidingen.
'Alles werd overhoop gehaald', zegt de broer. Tegenwoordig is het 70 procent
zelfstandig leren, 30 procent in de klas. 'Terwijl dat soort kinderen gewoon
klassikaal les nodig heeft, dat geeft houvast.' Nee hoor, competenties, overleg
voeren, netwerken, presentaties. Een mooi groot nieuw gebouw kwam er wel, zoals ROC's dat hebben. Ruimte voor
werkbanken en gereedschap was er evenwel niet meer. Die zijn verkocht, ze hebben
ze niet meer nodig.
De gevolgen: grote schooluitval.
Het gros van de leerlingen kan het helemaal niet zelf af. Uit de klas van de
zoon gaan er twee verder. Schooluitval werd acht jaar geleden al door het SCP
gesignaleerd als onze nationale schande. Geen enkel ander Europees land heeft
zoveel drop-outs, vooral onder wat het SCP al in 1997 'de praktisch ingestelde
leerlingen' noemde. Een paar jaar later begon de zegetocht van 'het nieuwe
leren', dat juist een antwoord beweert te zijn op het voortijdige
schoolverlaten. In het SCP-rapport dat afgelopen maandag werd gepresenteerd,
valt te lezen dat het aantal uitvallers groter is dan ooit.
De broer van mijn vriend is vertrokken. Naar een mbo-school in Amstelveen, waar
nog degelijk onderwijs wordt gegeven. Nu krijgt die school binnenkort een mooi
nieuw gebouw. Inderdaad, omineus. Ze gaan het nieuwe leren invoeren.
Volgende artikel hier
.
Terug naar Rijnlands onderwijsbeleid, inhoud ,
Rijnlands beleid
, Hiërarchie
Rijnland , of naar
site home
.
|