WERELD & DENKEN
 
 

Architectuur: lelijkheid

26 okt.2007

Er zijn vele indicatoren voor het welzijn van de maatschappij te bedenken, maar er zijn weinig zo zichtbaar en zo duidelijk als dat van de architectuur - het is het uiterlijk van de maatschappij naar buiten. Dus ook nergens komen de weerzinwekkendheden van de materialistische, kapitalistische maatschappij zo naar voren - de grote steden van de kapitalistische landen zijn geworden tot een galerij van Portretten van Dorian Gray - het schilderij in de roman van Oscar Wilde, dat na Dorian's pact met de duivel (ziel voor onsterfelijkheid) het morele verval en de liederlijkheid van zijn leven gaat weerspiegelen.

De misrekening van Dorian is natuurlijk dat hij een deal met de duivel kan sluiten, zonder daarmee een aantal andere, en belangrijkere, zaken op te offeren.

En iets dergelijks geldt voor het pact dat de westerse beschaving heeft gesloten met het kapitalisme. Het heeft grote materiële rijkdom opgeleverd, maar daarbij kwam een aantal zaken van hogere morele orde die we verloren hebben.

Geen betere manier om dat direct te zien dan door het vergelijken van de architectuur uit ons meer beschaafde, kleinschaligere, verleden, met dat van het kapitalistische heden - het brute, grootschalige, heden. Want waar het oude ontworpen was voor en door de mens, komt het nieuwe grotendeels voort uit de megalomane dromen van hen die de macht hebben , en het monomane denken van de projectontwikkelaars voor wie maar één ding telt: maximale opbrengst in geld, de homo economicus .

En geen plek waar dit contrast beter tot uitdrukking komt in de oude Hollandse steden waar men gaat breken en bouwen. Bij dat soort gelegenheden steekt een bijzonder onheilige drie-eenheid de koppen bij elkaar, met de kennelijke bedoeling alles dat mooi is zo snel en grondig mogelijk te verramponeren.

Dit duivelse complot bestaat uit drie groepen: als eerste en hoofdschuldige de al genoemde projectontwikkelaar, de geldgeile winstmaker. Daar bij komen de ambitieuze bestuurder en de moderne architect - in de termen van Marten Toonder: de combinatie van Bul Super, burgemeester Dickerdack en Terpen Tijn . De geldgeile winstmaker is de personificatie in deze van het kapitalisme, de duivel zelf, en de twee anderen zijn zijn verdorven hulpjes. De ambitieuze bestuurder van diverse politieke pluimage hoopt met zijn ingrijpen een zichtbaar stempel te drukken, dat wil zeggen: iets dat opvalt, vaak onder het mom van "het oplossen van problemen" uitleg of detail . En de moderne architect denkt dat het enige dat telt in de kwaliteit van zijn werk de factor originaliteit is uitleg of detail , en waar het hele spectrum van het mooie bouwen al doorlopen lijkt, en mede te vinden is in oude bestaande gebouwen, is hij zonder het knipperen van de ogen begonnen met het lelijke . En hoe origineler hoe lelijker - op dezelfde manier dat het moderne schilderen in de jaren zeventig en tachtig was verworden tot het besmeuren van meters canvas in éénkleurige rauhfaserverf, en de moderne muziek tot het afdraaien van een bandrecorder met twintig minuten aan motorlawaai: het was nog nooit eerder gedaan ...

Dit alles heeft een jaar of veertig ongestoord zijn gang kunnen gaan. Het overgrote deel van de culturele elite heeft het zelfs hartelijk omarmd uitleg of detail . Gelukkig is er hier en daar ook in die kringen verzet ontstaan. Oh ja, voor we het vergeten: de gewone burgers zijn altijd in tweederde meerderheid of meer tegen dit soort projecten en tegen de bijbehorende architectonische stijlen geweest  uitleg of detail - het werd doorgedrukt door de maatschappelijke bestuurlijke top en middenveld. Maar nu, dus, zijn er ook wat mensen binnen de top die de ramp hebben opgemerkt, en omdat ze in die top zitten, hun stem kunnen laten horen (uit VARA TV Magazine, nr. 44-2005, column door Paul Witteman):
  Lelijk Nederland

Mijn woede over moderne architectuur zou het gesprek beïnvloeden

De kwaliteit van mijn leven wordt aangetast door de lelijkheid van moderne gebouwen. Wie een doorsnee stad in Nederland binnenrijdt, moet door een haag van architectonische narigheid, bedacht door een gewetenloze projectontwikkelaar, betaald door de belastingbetaler en getekend door een architect die oorspronkelijkheid belangrijker vindt dan smaak.
    Wanneer u met de trein arriveert, is het dragen van een blinddoek aan te raden. U bestelt een taxi tot u een paar kilometer verwijderd bent van wat het Stationsplein heet en in de regel neerkomt op een onveilige plek waar in de spelonken van beton zakkenrollers hun kans afwachten. Er zijn veel partijen betrokken bij dit type hoogbouw maar zelden de toekomstige bewoners en al helemaal niet de mensen die in zo'n hoge kantoorkolos moeten werken of er tegenoverwonen. Deze in mijn ogen criminele praktijk is na de Tweede Wereldoorlog begonnen. De burgers zijn er aan gewend geraakt, ze denken dat het niet anders kan. ...


Voor een tweede waarnemer met dezelfde conclusies, zie hier

Ter ondersteuning van deze woorden heeft de redactie een aantal voorbeelden uit hedendaagse praktijk verzameld, voor zover het afgelopen jaar onder ogen gekomen van de hoofdredacteur. De eerste reeks gaat over projecten in oude binnensteden, mat twee hoofdthema's: dissonantie in stijl en grootschaligheid - de reeks bestaat uit (er staan ook links tussen deze voorbeelden): de Groningse Grote markt , het Deventer stadskantoor , het Eindhovense cityplan , het Delftse stadskantoor , en het Stedelijke Museum Amsterdam .

De architectonische ramp heeft diverse componenten. De eerste componenten is dat van de dissonatie in stijl, hetgeen ook speelt los van het effect van grootschaligheid zoals het volgende voorbeeld laat zien . Het geval van grootschaligheid als losse factor is geïllustreerd aan de hand van haar bekendste exponent uit de architectenwereld, Carel Weeber, met zijn Rotterdamse Peperklip als voorbeeld .

Een derde cruciale factor is die van de rechtlijnigheid. Ook daarvan zijn losse voorbeelden te zien op planologisch gebied , en op het niveau van wijkinrichting en straatinrichting .

Op deze plek nog een enkel los voorbeeldje, dat zichzelf uitkoos omdat het de meeste van de beschreven aspecten in zich verenigt - en omdat de evaluatie ervan zich ook leende voor een beeldend antwoord - de tekst onder de foto is de kop, in vette letters, van het artikel waarin de foto geplaatst was:


Almere is niet lelijk

 

Het is volkomen absurd. Hier staat bijna alles wat valt onder architectonische lelijkheid bij elkaar: de rechtlijnigheid, de dissonantie, de grootschaligheid, maar bovenal: de onmenselijkheid: de spelende kinderen gaan verloren in de vlakte - je vraagt je in alle gemoede af wat ze daar doen ...

Het originele bijschrift bij de foto vertelt dan ook nog hoe het zo ver heeft kunnen komen: 'Vind het mooi of lelijk, bijzonder is het nieuwe centrum van Almere zeker'.  Inderdaad. Maar dat zou een centrum bestaande uit een grote hoop stront ook zijn geweest. En zie ter bevestiging ook nog even de blik van een afstandje vanaf het water: een rotzooitje! Tussen twee haakjes: de ontwerper van dit moois is de gevierde Rem Koolhaas.

En kijk eens wat een andere coryfee zegt dienaangaande (de Volkskrant, 09-07-2010, door Kirsten Hannema):
  'In Nederland leer je niet om te verleiden'

Architect Florian Idenburg (35) oogst succes met zijn uitgesproken, licht provocerende ideeën. Hij studeerde in Nederland, begon in Tokio, en heeft nu een eigen bureau in Amerika. Dinsdag kreeg hij de Charlotte Köhler Prijs. ’Het zou vervelend zijn om nu al ‘het antwoord’ te vinden.’

Het project waarmee architect Florian Idenburg tien jaar geleden afstudeerde aan de faculteit Bouwkunde in Delft was een gebouw zonder functie. ...
    Florian Idenburg (Heemstede, 1975) had toen al uitgesproken, licht provocerende ideeën over architectuur. Zijn afstudeerproject was ‘een aanklacht tegen de nostalgische manier waarop er wordt omgegaan met de architectuur in de binnenstad van Amsterdam’.   ...
    ‘Toen ik in Delft les kreeg, was de hype rond Superdutch – architecten als Rem Koolhaas, UN Studio, MVRDV – op zijn hoogtepunt. Hun ‘Nederlandse methode’ was heel rationeel, heel technisch.’ Idenburg doelt op gebouwen als het Moebiushuis van UN Studio, dat gebaseerd is op het wiskundige symbool voor oneindigheid, en de bibliotheek van Koolhaas in Seattle, die een door hem getekend schemaatje met het programma van eisen letterlijk vertaalde in een gebouw van elf verdiepingen waarbij elke verdieping een eigen functie heeft.
    ‘Het is niet zo dat ik de architectuur van Koolhaas en UN Studio als ‘slecht’ zou willen kwalificeren..... In Nederland is het zo dat je met heel goede argumenten een heel lelijk gebouw kunt maken....’


En dat laatste, zonder de goede argumenten want die bestaan natuurlijk niet, is in Nederland heel goed gelukt.

Uit de gegeven voorbeelden blijkt dat deze lelijkheid zoals die tot uiting komt in architectuur en aanverwante zaken, niet het gevolg is van toeval, maar, zoals in begin al gesteld is, van maatschappelijke processen en tijdgeest. De betrokkenheid van materialisme en geldzucht is evident. De gelijkenis met moderne grootschalige architectuur en stalinistische en nazistische architectuur is dermate treffend, dat dit zonder meer toegeschreven kan worden aan dezelfde onderliggende krachten en motieven van pronkzucht, machtswellust en megalomanie.

Met deze factoren als drijfveer achter de architectonische ramp, zou je zeggen dat deze uitsluitend het gevolg was van de mentaliteit aan de top van de maatschappij. En dat de intellectuele tussenlaag, en de kunstzinnigen met een betere smaak, zich hier tegen zouden keren.

Het tegendeel is waar. Dat lijkt ten duidelijkste op het moment dat de smaak van de gemiddelde, gewone burger, wél een kans krijgt, en deze de voorkeur lijkt te geven aan kleinschalige en menselijke architectuur, van een huisje met een tuin boven een flat in een betonkolos. Op dat moment geven ze die kleinschalige en menselijke architectuur namen als  "kneuterig" of "Anton Pieck huisjes", zie Alfa-denken, orde, Anton Pieck  . Terwijl ze voor  het grootschalige, het onmenselijk, het grote-stadsmodel met beton en drugnaalden, alom waardering hebben , iets dat gebaseerd is op een algemene culturele houding en een  bijbehorend wereldbeeld .

De architectonische ramp is dus niet zo maar iets dat Nederland is overkomen - het is een symbool van een diepergaand en wijder verspreid proces: de collaboratie van de intellectuele bovenlaag. Dat is de groep die uitvoering geeft aan het megalomane beleid van de top, en daar ook direct verantwoordelijk is. want in hun eentje kan de relatief kleine groep in de top van politiek, bedrijfsleven, en vooral de financiële wereld niet veel bereiken - daarvoor is men puur met te weinig mensen, hoe rijk men tegenwoordig ook is. Nee, voor de uitvoering van hun streven is de hulp nodig van een veel grotere groep, een groep die bovendien ook de vaardigheden, technisch en anderszins, heeft die de echte top ook meestal volledig mist.

Het is het maatschappelijke intellectuele middenveld dat door haar collaboratie met de megalomanen uitvoering geeft aan de wereld zoals hij nu steeds meer wordt, en waarvan we de hoogtepunten zien in die landen waar het geld regeert - landen als de Arabische oliestaten. Dit is de richting waarin de wereld beweegt, en waarvan de architectonische ramp een teken is: megalomane rijke in geïsoleerde lustoorden, op hun materiële wenken bedient door miljarden in armetierige omstandigheden. Een alternatief is het Rijnlandmodel . Moge anders de klimaatramp maar snel komen .


Naar Rijnlandmodel, kleinschaligheid , Alfa wereld , Alfa-denken, Anton Pieck , Rijnlands beleid, lijst , Rijnlandmodel overzicht , of site home .