|
De Volkskrant, 09-06-2007, door Hans van Maanen |
16 jun.2006 |
Essay | veroordeling Vereniging tegen de Kwakzalverij berust op Van Dale en
een oud proefschrift
Wie zalft er dan wél kwak?
Deze week tikte de rechter in Amsterdam de Vereniging tegen de Kwalzalverij op
de vingers voor de aanpak van een orthomanueel therapeut. Columnist Hans van
Maanen vindt die uitspraak zelf ook haast kwakzalverij.
Tussentitel: Het propageren van aspirine tegen depressie mag, alles mag.
Behalve
iemand een kwakzalver noemen
Ik mag graag mopperen op de journalistiek die weinig benul heeft van wetenschap,
maar het is een berg van kennis vergeleken met hetgeen de rechtelijke macht
afgelopen week aan onkunde ten toon spreidde. De uitspraak in hoger beroep van
orthomanueel geneeskundige Maria Sickesz tegen de Vereniging tegen de
Kwakzalverij grenst aan, ik zou haast zeggen, kwakzalverij. Uit niets blijkt dat
de raadsheren, Van Hartingsveldt, Huijzer en Van Oosten-van Smaalen, enig begrip
hebben van de manier waarop het er in de wetenschap aan toegaat.
Het arrest, zo heeft inmiddels in de meeste kranten gestaan, pakt nadelig uit
voor de Vereniging tegen de Kwakzalverij — zo nadelig dat de club in zijn
voortbestaan wordt bedreigd.
Ik heb een paar jaar geleden het jubileumboek voor de vereniging verzorgd, dus
opheffing zou mij nogal aan het hart gaan. Maar belangrijker is nu de
inhoudelijke kant van de zaak. Medisch inspecteur-generaal Van der Wal
signaleerde onlangs in het tijdschrift van de Vereniging tegen de Kwakzalverij
dat het Openbaar Ministerie ‘matig geëquipeerd is voor het afhandelen van
klachten uit de medische sector’. Bij de rechtelijke macht valt ook nog veel
goeds te doen.
De vereniging heeft Sickesz tijdens de ledenvergadering van 2000 hoog op de
toptwintig van kwakzalvers gezet, zij het nog onder diëtist Moerman,
helderziende Borgman en het Staphorster Boertje. In 2001 deed de voorzitter van
de vereniging, Cees Renckens, het nog eens dunnetjes over. ‘In 1981 publiceerde
Sickesz het boek Orthomanipulatie (Stafleu), waarin zij vooral betoogt dat elk
mens absoluut symmetrisch moet zijn en ‘ontdekt’ maar liefst vijf mogelijkheden
van wervelscheefstand.
Suikerziekte
‘Het resulterende klachtenpatroon, dat ergo ook voor orthomanuele
behandeling in aanmerking komt, gaat verder dan klachten van het
bewegingsapparaat: menstruatieklachten, suikerziekte, maagpijn, diarree, eczeem,
astma, hartkloppingen, oorsuizen et cetera, kunnen volgens Sickesz goed
behandeld worden.
‘De feitelijke behandeling bestaat uit zachtzinnige manipulaties van rug en
andere gewrichten, waarbij de scheefstanden zouden worden gecorrigeerd. De
laatste jaren wordt Sickesz steeds maller, als zij beweert dat ook ziektebeelden
als schizofrenie en manisch-depressieve psychosen het gevolg zijn van
standsafwijkingen van de bovenste nekwervels.’
Maar mag de vereniging Sickesz daarom een kwakzalver noemen? Voor de
beantwoording van die belangrijke vraag had het hof slechts twee bronnen nodig:
de vorige druk van de Van Dale, en een ruim zestien jaar oud economisch
proefschrift.
Het hof citeert Van Dale vrijwel correct: ‘iem. die nutteloze middelen toepast
ter genezing van de een of andere ziekte of middelen beweert te kennen tegen
alle mogelijk ziekten, ofwel iem. die zulke middelen, meestal met veel ophef, te
koop aanbiedt; – onbevoegd beoefenaar van de geneeskunst. (fig.) iem. die het
publiek wat op de mouw wil spelden, syn. boerenbedrieger, oplichter, knoeier.’
Het lemma is dus opgedeeld in een letterlijk deel en een figuurlijk deel. Voor
het hof telt, blijkens het arrest, vooral de figuurlijke betekenis, de ‘gangbare
negatieve gevoelswaarde’ van het woord. ‘Voor een arts als Sickesz vormt deze
connotatie van boerenbedrieger, oplichter en knoeier ontegenzeggelijk een
aantasting van haar professionele en persoonlijke integriteit’, aldus het
arrest. Als Sickesz geen arts, maar palingboer was geweest, had de zaak
kennelijk heel anders gelegen.
De echte vraag is natuurlijk of Sickesz iem. is die nutteloze middelen toepast,
of middelen beweert te kennen tegen alle mogelijke ziekten. Ook nu heeft het hof
aan één bron genoeg, te weten het proefschrift van Johan Albers en Eppe Keizer:
een onderzoek naar de waarde van orthomanuele geneeskunde (OMG) uit 1990. En
daaruit alleen de samenvatting, waarvan het hof heeft begrepen dat ‘twee op de
drie van de met OMG behandelde patiënten er in hun algemene toestand op vooruit
zeggen te gaan en een gunstig effect van hun klachten ervaren’.
Het proefschrift leidde in 1990 nogal tot ophef. De twee orthomanuele artsen
promoveerden niet aan de medische, maar aan de economische faculteit. De
reacties uit de medische wereld waren niet mals. Orthopeed Van Linge schreef het
college van decanen (verantwoordelijk voor promoties) een woedende brief waarin
hij stelde dat ‘het doctoraat van de Erasmus Universiteit een forse devaluatie’
had ondergaan. Elders sprak hij van ‘kermisgeneeskunde’.
Zijn collega Kerrebijn, zelf ook decaan, distantieerde zich al evenzeer: ‘Noch
de theorievorming, noch de uitvoering van dit onderzoek voldoen aan de
voorwaarden die aan patiënt-gebonden onderzoek moeten worden gesteld.’ De
conclusie dat twee van de drie patiënten opknapten, zei hij, heeft ‘geen
wetenschappelijke waarde’.
In een recentere literatuurstudie uit 2005, van orthomanueel arts M. B. van
Hogezand, wordt het werk van Albers en Keizer in één zin weggezet: ‘Er is 15
jaar geleden één effectiviteitsonderzoek gepubliceerd, dat echter naar de
huidige maatstaven niet voldoet (geen controlegroep, korte follow-up).’
Definitie
Voor het hof bewijst het proefschrift afdoende het nut van Sickesz’
geneeskunst. ‘Reeds op grond hiervan stelt het hof vast dat OMG niet ‘nutteloos’
is als bedoeld in de definitie van Van Dale.’ Voor het gemak laat het hof de
rest van de definitie, ‘ter genezing van een of andere ziekte’, maar weg.
Aan het hart van de beschuldiging van de Vereniging, de claim van Sickesz dat
OMG ook alle mogelijke kwalen als autisme, anorexie, depressie kan verhelpen –
laat staan aan haar argumenten en documenten – komt het hof niet eens toe.
Zelfs als het proefschrift wel zou deugen: in de medische wetenschap is het niet
voldoende dat patiënten zeggen op te knappen. Na een bedevaart naar Lourdes of
een weekje in een kuuroord voelen de meeste mensen zich ook beter — en daar is
niets tegen, maar voor wetenschappelijk bewijs van werkzaamheid is meer nodig.
Het hof schuift het belang van dat bewijs, van evidence-based medicine (EBM),
achteloos en zonder verdere toelichting van tafel: ‘Niet valt in te zien dat
voldoen aan de EBM-norm de enige manier is om aan de kwalificatie kwakzalverij
te ontkomen.’ De gedachten achter evidence-based medicine zijn niet zo heel
moeilijk uit te leggen, maar Van Hartingsveldt, Huijzer en Van Oosten-van
Smaalen vonden het kennelijk niet nodig zich te laten bijspijkeren op dit
terrein.
Het hof beweert ook nog dat het nut van Sickesz’ behandelingen vaststaat omdat
verzekeringen ze vergoeden en dat ze nog nooit een tuchtrechtelijk is
veroordeeld.
Het is kermisrechtspraak, maar wat betekent het nu verder? Het betekent dat de
Vereniging tegen de Kwakzalverij zich wel ongeveer kan opheffen — als het de
kosten van een korte rectificatie (in een vlak van 10 bij 20 centimeter, het hof
heeft kennelijk ook weinig gevoel voor maten) kan opbrengen.
Niemand, en zeker een arts niet, kan nog beschuldigd worden van kwakzalverij, zo
lang er maar ergens één publicatie is, hoe armoedig ook, waarin ooit het ‘nut’
van een behandeling is beschreven. Het propageren van aspirine tegen depressie
mag, want aspirine helpt tegen hoofdpijn. Het propageren van kuren tegen kanker
mag, want mensen zeggen op te knappen van kuren tegen reuma. Alles mag, behalve
kwakzalvers voor kwakzalvers uitmaken.
Tussenstuk (door Sophie Broersen):
De kwestie Millecam en andere zaken: alternatieve genezers gingen al vaker
vrijuit bij justitie en rechters
Uw buurman laat naalden in zich steken en de buurvrouw heeft haar energiebanen
laten doormeten. Tweederde van de Nederlanders heeft weleens gebruikgemaakt van
alternatieve geneeswijzen. Per jaar gaan er twee miljoen homeopathische middelen
over de toonbank.
Toch vertrouwt 90 procent van de bevolking de alto's niet en
de reguliere dokters wel. Hoewel, als die alto ook arts is, dan vertrouwt de
helft het wel. Dat is niet altijd terecht.
De zaak Millecam
De populaire comédienne Sylvia Millecam stierf in 2001 op 45-jarige leeftijd aan
vergevorderde, onbehandelde borstkanker. Ze had haar heil gezocht bij
verschillende alternatieve behandelaars en weigerde de gebruikelijke therapie te
ondergaan. Als de tumor meteen goed was behandeld, was de overlevingskans groot
geweest.
De Inspectie voor de Gezondheidszorg vroeg het Openbaar
Ministerie vergeefs om vervolging van vijf behandelaars, onder wie drie artsen
en genezeres Jomanda, het populaire medium uit Tiel, dat bij Millecam geen
kanker zag, maar een infectie. Er waren onvoldoende aanwijzingen dat de
behandelaars nalatig hadden gehandeld, vond het OM.
Het Medisch Tuchtcollege kon de drie alternatieve artsen wel
veroordelen. Het vond dat deze artsen harder hadden moeten proberen Millecam te
overtuigen zich regulier te laten behandelen. Een patiënt zal waarschijnlijk
toch erop vertrouwen dat een arts verwijst, indien nodig.
Internist Erik Dankmeijer zag geen aanwijzingen voor kanker
bij Millecam en behandelde haar met onder meer siliconenkorrels en calendula.
Zonder effect. Dankmeijer werd zes maanden geschorst.
Arts Reni Broekhuyse stelde volgens getuigen met de Vegatest,
een manier om 'verstoringen van energiebanen' te meten, vast dat er geen sprake
was van kanker, maar van een bacteriële infectie. Zijn medicijnen moesten
verbetering brengen. Het tegendeel was waar. Broekhuyse was eerder al geschorst
wegens 'grove onkunde' en werd nu geschrapt uit het artsenregister.
Basisarts Jos Koonen zag de patiënte in het prille begin van
de ziekte en dacht ook niet aan kanker. Toen Millecam anderhalf jaar later
ernstig ziek was, heeft Koonen haar als vriendin in huis opgenomen. Behandeling
met zijn magneetveldapparaat en paracetamol had geen effect. Haar toestand
verslechterde en uiteindelijk belandde Millecam in het ziekenhuis. Wegens
ernstige benauwdheid kreeg zij zuurstof, vochtafdrijvers en later morfine. Drie
dagen later overleed zij.
Het tuchtcollege verwijt Koonen onder meer dat hij Millecam
in de laatste fase van haar leven onnodig heeft laten lijden. Hij werd een jaar
geschorst.
Cornelis Moerman
Cornelis Moerman ontwikkelde in de jaren dertig een dieet waarmee hij dacht
kanker te kunnen genezen. De charismatische huisarts kon hiervoor nooit
overtuigend wetenschappelijk bewijs vinden, maar desondanks hebben duizenden
kankerpatienten zijn adviezen opgevolgd: geen vis of vlees, veel groente, geen
suiker, wel supplementen. Het tuchtcollege veroordeelde hem wegens het onthouden
van reguliere zorg.
Hans Houtsmuller
In de jaren negentig suggereerde internist Hans Houtsmuller zichzelf te hebben
genezen van uitgezaaide huidkanker. En dit met zijn eigen variant op Moermans
antikankerdieet met onder meer haaienkraakbeen, vitaminen en mineralen. Later
bleek dat de kanker helemaal niet uitgezaaid was en dat de chirurg de tumor had
weggesneden. Houtsmuller zei dat hij dat pas achteraf had gehoord.
De Vereniging tegen de Kwakzalverij noemde het
Houtsmullerdieet kwakzalverij. De arts spande een rechtszaak aan en won deze in
hoger beroep. Volgens het hof kon niet aangetoond worden dat hij beweerd had dat
zijn dieet kanker geneest, wel dat het bijdroeg aan genezing.
Maria Sickesz
Deze bejaarde grondlegster van de orthomanuele geneeskunde is nog steeds actief
behandelaar. Duizenden patiënten hebben bij haar of een van haar leerlingen hun
wervels of gewrichten recht laten zetten om pijnklachten te bestrijden. Sickesz
beweert onder meer depressie, schizofrenie en autisme te kunnen genezen met haar
methodiek.
Deze week dus in het nieuws, omdat ze het hoger beroep tegen
de Vereniging tegen de Kwakzalverij (VtdK) heeft gewonnen. Volgens de VdtK was
er geen wetenschappelijk bewijs voor haar behandeling. Bij monde van haar
advocaat Bastien Eblé, laat zij weten dat het haar moeilijk wordt gemaakt om
wetenschappers te interesseren voor haar methode, omdat haar reputatie bezoedeld
is.
Sickesz is in de jaren zeventig al eens berispt door de
tuchtrechter door een kind met een scheve rug te behandelen en de operatie af te
raden. Ook deze zaak won zij in hoger beroep.
Naar Juristen, rechters, fouten
, Juristen, rechters
, Juristen, lijst
, Sociologie overzicht
, of site home
.
|