| Bron bij Universiteit: contacturen |
19 dec.2007 |
In afwachting van een artikel over het universitaire onderwijs, onderstaand een
artikel over de effecten van het aantal contacturen - eronder al wat
commentaar:
De Volkskrant, 15-12-2007, door Gerard Reijn
Onderwijs | Intensievere begeleiding van studenten leidt tot meer motivatie,
maar prestaties blijven achter
Meer college, maar leren ho maar
Meer uren college betekenen niet dat studenten ook beter presteren. Het kan ook
ten koste gaan van het zelfstandig werken.
Tussentitel: Bij meer dan 300 contact- uren per jaar gebeurt er iets geks:
elk uur meer
geeft minder zelfstudie
De Radboud Universiteit Nijmegen stak vorig jaar vijf miljoen euro in het
intensiveren van het eerstejaarsonderwijs in de alfa- en de gammafaculteiten.
Juist aan die faculteiten waren studierichtingen waarbij de studenten veel te
weinig op de universiteit kwamen, en veel te weinig studeerden.
Met het extra geld ging de universiteit vooral meer colleges
geven, meer werkgroepen, kortom: meer contact-uren. Gemeten over de vijf
faculteiten die deelnamen aan de studie-intensivering, steeg het gemiddelde
aantal contact-uren voor eerstejaars van 13 per week tot 17,5 per week.
Onlangs kwam de universiteit met een eerste evaluatie van de
resultaten en die waren ten dele bemoedigend. Studenten voelden zich meer
betrokken bij de opleiding dan voorheen. De uitval werd er weliswaar niet
kleiner door, maar zij die vertrokken, deden dat eerder. Gunstig, want wie niet
op de goede plek zit, kan dat maar het best zo snel mogelijk weten.
Maar natuurlijk was het vooral de bedoeling dat studenten
méér zouden gaan studeren en daardoor betere resultaten zouden halen. Meer uren
maken ze inderdaad. De eerstejaars rechten van 2005 zeiden nog 29 uur aan hun
studie te besteden, die van 2006 houden het op 38 uur. Letterenstudenten gingen
van 32 naar 36 uur.
Toch zijn de échte resultaten, gemeten in behaalde
studiepunten, niet overtuigend. Op de vijf faculteiten die meedoen met de
onderwijsintensivering nam het aantal behaalde studiepunten van de eerstejaars
toe van gemiddeld 46,7 naar 48. Een toename van 2,8 procent, en dat valt weg in
de foutenmarge.
Luizenleven
Student zijn is tegenwoordig een luizenleventje. Een paar uur per week college,
af een toe wat studeren, veel tijd voor lol en een baantje.
Vooroordelen? De Onderwijsinspectie stelde in mei dit jaar al
vast dat 36 procent van de opleidingen op universiteit en hogeschool minder dan
tien contact-uren per week programmeert. Universiteiten en hogescholen gaan er
vanuit dat studenten rond 35 uur aan hun studie besteden, maar de
Onderwijsinspectie toonde aan dat ze zich behoorlijk rijk rekenen.
De meeste universitaire opleidingen (80 procent) rekenen op
meer dan 20 uur zelfwerkzaamheid, de meeste studenten (70 procent) zeggen minder
dan 20 uur te halen. Véél minder: 30 procent haalt nog geen 10 uur per week.
Geen wonder dat de roep om intensiever onderwijs steeds
helderder klinkt. De Radboud Universiteit is niet de enige die er werk van
maakt. De universiteiten hebben samen al vastgesteld dat ze de prioriteit leggen
bij het bachelor-onderwijs, en dat betekent ongetwijfeld: meer contact-uren.
Maar zelfstandig onderwijspsycholoog Peter Vos ontdekte al in
1987 dat daar grenzen aan zijn. Hij ontdekte dat het aantal uren dat de student
zelf achter de boeken zit, inderdaad toeneemt naarmate het aantal uren colleges
en werkgroepen toeneemt.
Maar als er meer dan 300 van zulke contact-uren per jaar zijn
geprogrammeerd – dat is ongeveer 12 per week – gebeurt er iets geks: elk extra
contact-uur levert dan juist minder zelfstudie op. De student houdt geen tijd
meer over om te studeren. ‘In een druk onderwijsprogramma komen studenten niet
aan meer zelfstudie toe’, schreef Vos in zijn proefschrift.
Vos is inmiddels al met pensioen, maar werkte daarvoor
jarenlang als consultant voor universiteiten en hogescholen. ‘Docenten denken
vaak dat als ze iets hebben uitgelegd, studenten het dan weten. En als ze het
niet weten, dat ze dan dom en lui zijn. Helemaal fout. De crux is niet om iets
uit te leggen, maar om studenten te dwingen zich goed voor te bereiden.’
Essentieel is dat de docent niet alles uitlegt wat er in het
boek staat. ‘Anders bereiden de studenten zich niet voor.’ Omdat studenten zich
pas op het laatste moment plegen voor te bereiden, moet je het rooster zo in
elkaar zetten dat er vlak voor het college tijd is voor die voorbereiding.
Als er te veel colleges worden ingeroosterd, of te dicht
achter elkaar, zal dat ten koste gaan van de voorbereiding. Vos: ‘Je moet als
het ware ook de zelfstudietijd inroosteren.’
De ‘Wet van Vos’, zoals de regel is gaan heten, is bepaald
geen academische wet. Maar ook in het Nijmeegse intensiveringsprogramma zijn er
aanwijzingen dat hij werkt. Aan de faculteit Managementwetenschappen is de groei
in het aantal contact-uren het grootst: van 10 naar 18 per week. Maar de
studenten zeggen desgevraagd maar 5 uur per week méér aan hun studie te
besteden. Blijkbaar zitten ze nu 3 uur minder achter hun boeken.
Henk Schmidt, onderwijspsycholoog aan de Erasmus Universiteit
Rotterdam, onderzocht of de Wet van Vos ook opgeld doet bij de medische
opleidingen. ‘Ik was verbaasd over de resultaten. Ik heb zelden zo’n sterk
verband gezien.’ En dat verband is: hoe minder contact-uren, hoe beter de
studieresultaten. Bij de opleidingen met de minste contact-uren halen meer
studenten hun diploma, en beduidend sneller.
Medicijnen
Volgens onderzoeksbureau Choice varieert bij de medicijnenstudies het aantal
contact-uren van 13 per week in Maastricht tot 21 aan de Universiteit van
Amsterdam. Schmidt moet zijn onderzoek nog publiceren, maar geeft toe: ‘In
Maastricht is het studierendement veruit het hoogst.’
De verklaring is simpel. ‘Je hebt hier te maken met zeer
gemotiveerde studenten. Als je die veel contact-uren geeft, gaat dat ten koste
van hun zelfstudie.’ Bij andere opleidingen waarbij het gaat om kennisoverdracht
zal hetzelfde gelden, al zal het optimum misschien op een ander niveau liggen.
Het idee dat studenten 40 tot 60 uur in de week moeten
studeren, is ‘bespottelijk’, vindt Schmidt. ‘Als je 32 uur in de week bezig bent
met kennisverwerven, dan is dat fulltime. Studeren vergt veel energie.’
Er is wel een ondergrens, en Schmidt erkent dat veel
opleidingen die niet halen. ‘Als je minder dan tien uur naar de universiteit
komt, raak je de band met de opleiding kwijt, en daarmee een deel van je
motivatie.’
Het optimum ligt volgens Schmidt in de regel rond 12 uur in
de week. Dan blijken studenten nog ruim 25 uur zelf aan hun studie te besteden.
De Wet van Vos zou kunnen verklaren waarom de intensivering
van de eerstejaarsopleiding in Nijmegen tot nu toe weinig effect had op het
aantal behaalde studiepunten.
Maar voorzitter Roelof de Wijkerslooth van het college van
bestuur van de Radboud Universiteit Nijmegen heeft een andere theorie.
‘Misschien zit het tussen de oren van de docenten. Je kunt je
voorstellen dat die bij het beoordelen van een tentamen onbewust een percentage
in hun hoofd hebben van het aantal studenten dat slaagt. Daar zullen ze dan hun
beoordeling door laten bepalen.’
Als dat zo is, zal verbetering van het onderwijs niet leiden
tot hoger studierendement. Wat is dan het nut van zo’n onderwijsintensivering?
De Wijkerslooth: ‘Dat de studenten beter onderwijs krijgen en daardoor het
niveau stijgt.’
Tussenstuk:
Kampioen in contact-uren: de Amsterdamse Hogeschool voor de
Kunsten
De SKI-databank van onderzoeksbureau Choice is gebaseerd op een enqu�te onder 45
duizend studenten, een geeft een goed inzicht in de studie-inspanningen van
studenten.
De minste contact-uren worden gemeld bij cultuurwetenschappen
in Maastricht: vijf per week. Maar de studenten melden 15 uur zelfstudie. Het
hoogste aantal contact-uren wordt gegeven bij artistieke opleidingen, met de
Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten als nationaal kampioen: 34 contacturen.
Daarnaast zeggen de studenten 16 uur voor zichzelf te studeren.
De pabo’s zijn de grootste groep vergelijkbare opleidingen.
De verschillen in contact-uren zijn gigantisch. Het kleinste aantal melden de
studenten van Fontys in Den Bosch: 9,2 uur. Aan de Gereformeerde Hogeschool in
Zwolle worden de meeste gegeven: 24 per week. Die school lijkt een perfecte
illustratie van de Wet van Vos. Aan zelfstudie doen de Zwolse studenten 12 uur,
en dat is heel weinig. Wat betreft het totaal aantal uren (contact-uren plus
zelfstudie) dat aan de studie wordt besteed, scoren de Zwollenaren zodoende
gemiddeld.
De ijverigsten blijken de studenten van de Hogeschool van Arnhem en
Nijmegen. Die zeggen 38 uur in de week te maken: 19 contact-uren plus 19 uren
zelfstudie.
Het minste aantal uren wordt gemaakt door het Protestants
Christelijke Hogeschool Marnix Academie in Utrecht: 12 contact-uren plus 12 uren
zelfstudie.
Groot zijn de verschillen ook bij de hbo-opleidingen
journalistiek. In Tilburg (bij Fontys) 9 contact-uren per week, in Ede (bij de
Christelijke Hogeschool) 21 uur.
Bij de universiteiten zijn ook enorme verschillen in
contact-uren. Nederlands recht in Maastricht: 6 uur; bij de Erasmus Universiteit
Rotterdam: 14 uur. Natuur- en sterrenkunde aan de Universiteit van Amsterdam: 20
uur. Zelfde vak aan de Radboud Universiteit: 29 uur.
De verschillen worden in deze beide voorbeelden geheel
gecompenseerd door de hoeveelheid zelfstudie. Geheel volgens de Wet van Vos.
IRP: Een essentiële factor in dit verhaal is het aantal uren dat
een mens effectief kán studeren - dat aantal is namelijk beperkt. Het aantaluren
dat men begrijpend kan leren of studeren op universitair niveau is beslist lager
dan het aantal uren dat men normaal kan weken - het vaireert natuurlijk, maar
een ruwe schatting, gebaseerd op eigen ervaringen van de IRP-hoofdredacteur en
zijn omgeving houdt het op iets rond de vier uur per dag: een hele
college-ochtend betekent weinig meer kunnen studeren de rest van de dag.
En ook per individu verschillend: studeren met tussenpozen lijkt
efficiënter dan uren achter elkaar - een collegeblok is duidelijk veel
vermoeiender en de laatste uren zijn veel minder effectief dan een een zelfde
aantal losse uren.
Naar Onderwijsbeleid, lijst
,
Rijnlands beleid
, Rijnlands beleid,
overzicht
, of
site home
.
|