Bronnen bij Linkse denkfouten: individualisme
|
3 mrt.2007 |
Het linkse individualisme is ontstaan na de culturele revolutie van eind jaren
zestig en de jaren zeventig. Hoewel daarbij ook een aantal zaken omver geworpen
zijn waarvan dit noodzakelijk was, heeft men in zijn enthousiasme iedere vorm
van inmenging van het publiek domein in het private bestempeld als betutteling,
en sindsdien fel afgewezen.
De gevolgen zijn elders beschreven
,
maar hier gaat het om de bevestiging van deze voorstelling van zaken van de
redactie:
Uit: De Volkskrant, 05-07-2008, door Leonard Ornstein
(volledig artikel hier
)
Op populisme is maar één antwoord: wees eerlijk
Tony Judt maakt zich in zijn nieuwe boek De vergeten 20ste eeuw grote
zorgen over ‘de vervreemding van de geschiedenis’. Hij schrijft: ‘Talloze zaken
die wij decennia en zelfs eeuwenlang als vertrouwd en permanent beschouwden,
verdwijnen tegenwoordig razendsnel in de vergetelheid.’ ...
U bent geboren in 1948. Een trotse generatie. Welke fouten heeft uw generatie
gemaakt?
‘De babyboomers zijn de uitvinders van de individualisering. In hun enthousiasme
hebben ze de sociale cohesie in de samenleving zeer ernstige schade berokkend.
Dat hebben ze onvoldoende ingezien. ...
Red.: Een van vele soortelijke voorbeelden - het commentaar is
grotendeels ingebouwd:
Uit: De Volkskrant, 18-04-2006, ingezonden brief van Mariska Roos,
voormalig leerplichtambtenaar (Sassenheim)
Vakantiepolitie
In Forum van 13 april las ik het pleidooi van Xandra van Gelder voor vijf
flexibel op te nemen vrije dagen voor schoolgaande kinderen in de leerplichtige
leeftijd. Mevrouw Van Gelder spreekt over een maatschappij waarin mensen steeds
meer vrijheid krijgen hun eigen tijd en hun eigen leven in te delen, maar waar
de `vakantiepolitie` een stokje voor steekt. Immers, gaat mevrouw Van Gelder een
dagje eerder op vakantie, dan ligt de boete al op de deurmat.
Vakantie is iets dat volwassenen opeisen vanwege hun drukke
leven. Hun kinderen gaan mee, ze zullen wel moeten. Die kinderen hebben echt
geen vakantie nodig op het moment dat mams en paps opgebrand zijn. Een
schooljaar is ingedeeld in periodes die afgesloten worden met toetsen en
voldoende vrije dagen.
Mevrouw Van Gelder vraagt zich af of het veel kwaad kan als
een modaal kind een week school mist. Wie bepaalt welk kind `modaal` is?
Misschien wil mevrouw Van Gelder wel te veel. Beiden een
drukke baan, kinderen, meerdere vakanties. Want het gaat toch niet om één
vakantie? Er is immers keuze uit de herfst-, kerst-, voorjaars-, mei- en
zomervakantie. Dikke kans dat één van die vijf toch wel gaat lukken met z`n
allen?
Red.: Afgekort: mevrouw Van Gelder, gedurende enkele jaren
Volkskrant-redacteur, denkt alleen maar aan zichzelf. En heeft geen seconde
gedachtes over voor de samenleving waar zijzelf en haar kinderendeel van
uitmaken. Waarin het per definitie niet zo kan zijn dat ieder kind op elke
gewenst moment op vakantie kan zonder het begrip "school" af te schaffen.
Een recente uiting:
Uit: De Volkskrant, 31-07-2010, ingezonden brief van Marcus van Engelen
(Leiden)
Loveparade heeft bezoekers blind gemaakt
Nu de eerste onderzoeken naar de oorzaak binnendruppelen, blijkt iedereen
schuldig te zijn aan de ramp tijdens de Loveparade in Duisburg. De organisatie,
de gemeente, de ordedienst en de burgemeester.
Iedereen behalve het publiek. Dat een aanzienlijk deel
daarvan niet de discipline kon opbrengen om op hun beurt te wachten, bleek al
doordat het treinverkeer moest worden stilgelegd omdat men liever het spoor
overstak dan gewoon naar de uitgang van het station te lopen.
Ik herinner me het Dance Valley-festival uit 2001, waarbij
tijdens een regenbui mensen onderkoeld raakten doordat de enige toegangsweg werd
geblokkeerd door grote groepen die, tegen de regels in, te voet de weg
terugnamen of een taxi bestelden, zodat de bussen niet meer konden rijden. Ook
toen was het egoïsme van het individu sterker dan het belang van de groep.
...
IRP: Devolgende riefschrijver verteld waar het vandaan komt:
De Volkskrant, 31-07-2010, ingezonden brief van Rink de Vilder (Oosterbeek)
Doodsdrift
Ach, had die gelijkgeschakelde, indifferente, roeszoekende, pilslikkende,
egotrippende massa maar de woorden van Carry van Bruggen – wie leest haar nog –
ingedronken: ‘Eenheidsdrift is doodsdrift, distinctiedrift is levensdrift.’
Red.: Helaas, verkeerd geïnterpreteerd. Wat de eerste
briefschrijver al terecht stelt: het is juist die individualistische drift die
de problemen veroorzaakt. Loopt iedereen in dezelfde richting en houdt men zich
aan de regels, gebeuren dit soort ongelukken niet (zoals ook een deskundige
adviseerde: "Laat u door de menigte meevoeren - ga er niet tegenin"). Het is de
linksige (overdreven) distinctiedrift die de menigte gevaarlijk maakt - en
tevens de maatschappij. En er zijn nog andere nadelige gevolgen, genoteertd door
de eerste briefschrijver:
| |
Betekent dit dat dit ‘slechte mensen’ zijn? Natuurlijk niet. Maar
waar waardevrijheid tot norm is verheven, is dit het resultaat. Zonder
waarden kan een mens geen onderscheid meer maken. Een Loveparade die
geen parade is, en hedonisme dat wordt voor liefde wordt aangezien. Niet
elke serie tonen is muziek, niet elke opeenvolging van getimede dreunen
ritme. Niet elke beweging dans (of dance). Zonder waarden noemen we
egoïsme prettige anarchie, en onverschilligheid tolerantie.
Het is symbolisch dat houseparty’s mensen enthousiasmeren
voor alles, ongeacht de kwaliteit van het gebodene. |
Mar voor sommigen is het moeilijk wennen:
Uit: De Volkskrant, 24-02-2007, hoofdredactioneel
commentaar
(volledig artikel hier
)
Het moet niet te gezellig worden in het kabinet
Volgens menig nieuwbakken minister is de ‘geest van Beetsterzwaag’, waar de
onderhandelaars van CDA, PvdA en ChristenUnie een gemeenschappelijke missie voor
de nabije toekomst smeedden, ook vaardig geworden over de ploeg als geheel. De
stemming is fantastisch, de neuzen staan allemaal dezelfde kant op.
Het nieuwe kabinet neemt niet alleen politiek afstand van het
liberalisme van de VVD en van D66, maar ook ideologisch. Het primaat van de
markt wordt vervangen door het idee van een maatschappelijk contract tussen
overheid en de georganiseerde samenleving. Door de twee christelijke partijen
wordt het liberalisme bovendien min of meer gelijk gesteld met individualisme –
niet als deugd maar als slechte eigenschap.
Tegenover het individualisme plaatsen de christen-politici
het ideaal van een ongedeelde Nederlandse samenleving, die zijn kracht vindt in
onderlinge betrokkenheid en een stelsel van gemeenschappelijke waarden en
normen. ...
Opmerkelijk is dat de bewindslieden van de Partij van de
Arbeid blijmoedig dit gemeenschapsdenken hebben omarmd. Wouter Bos onderstreept
te pas en te onpas zijn hervormde achtergrond. Op het congres van de PvdA vorige
week zaterdag trok hij ten strijde tegen het ‘doorgeschoten individualisme’. En
dat terwijl het nieuwe beginselmanifest van de PvdA juist de nadruk legt op
vrijheid en het fundamentele recht zelf te kiezen voor het toetreden tot of
verlaten van een groep, gezin, geloof of gemeenschap.
De opdracht van de sociaal-democratie wordt door Bos en zijn
collega-bewindslieden geherformuleerd als ‘houvast bieden in onzekere tijden’ .
Die taakopvatting is honorabel en het is voor de cohesie van de nieuwe coalitie
alleen maar goed als de sociaal-democraten zoeken naar wat hen aan de
christen-democraten en de christelijk-socialen bindt.
Maar de ‘ongedeelde Nederlandse samenleving’ bestaat niet.
Uiteindelijk is het begin- en het eindpunt van een democratische maatschappij de
soevereine, individuele staatsburger. Conflicten, diversiteit, concurrentie en
rivaliteit geven een samenleving de noodzakelijke dynamiek om zichzelf te
vernieuwen.
Red.: Een aantal mensen binnen de PvdA zelf is dus verder,
maar bij de Volkskrant is men duidelijk nog niet zo ver. De reden daarvan
is dat de politici bij hun eigen achterban hebben bemerkt dat men daar naar meer
sturing snakt. De mensen bij de krant echter zijn alfa-literaire intellectuelen,
die echte helemaal los staan van de werkelijkheid van de lagere regionen van de
samenleving.
Hoe ernstig dit verschijnsel is, is ook opgemerkt door de
wetenschap, die eindelijk de moed heeft om zich tegen dit soort dwaze en
misleide cultuuruitingen uit te spreken:
Uit:
De Volkskrant, 03-03-2007, door Paul van Seters, auteur van
Communitarianism in Law and society
Eenheid met diversiteit
Tussentitel: Nieuw motto kan zijn: eenheid waar nodig,en altijd de liefde
Het hoofdredactionele commentaar (Forum, 24 februari) op 'Samen Werken, Samen
Leven', het regeerakkoord van Balkenende IV, liegt er niet om. Het commentaar
identificeert het gemeenschapsdenken als de ideologie waarmee het nieuwe kabinet
aaneen is gesmeed, en bekritiseert dat denken vervolgens als een vorm van
vergaande overdrijving ('geforceerde saamhorigheid').
Een regeerakkoord is iets anders dan een filosofisch traktaat
en de vraag is daarom gewettigd of het zin heeft zo'n document te beoordelen op
ideologische zuiverheid. Het commentaar doet dat laatste in ieder geval zonder
schroom, maar raakt daarbij herhaaldelijk de weg kwijt. Ik tel zeker drie
misverstanden, die men wel vaker tegenkomt in de literatuur over het
gemeenschapsdenken. In de eerste plaats gaat het in dit denken niet om de
tegenstelling tossen individu en gemeenschap, maar om de bijzondere verhouding
tossen die twee. De commentator meent het ideaal van een gemeenschap, zoals
verwoord in het regeerakkoord, onderuit te kunnen halen door te wijzen op de
belangen van individuen, die uiteindelijk altijd het zwaarst moeten wegen. Ik
ken geen gemeenschapsdenker van naam die het daarmee niet eens is. Ik lees ook
niets in het regeerakkoord. dat afbreuk doet aan de waarde of het belang van de
individuele persoon.
In de tweede plaats gaat het mis bij de formulering van de
kritiek op het gemeenschapsideaal van Balkenende IV. Dat ideaal is onhoudbaar,
schrijft de Volkskrant, want uiteindelijk is het begin- en het eindpunt
van een democratische maatschappij de soevereine, individuele staatsburger'.
Zo'n categorische opvatting van het soevereine individu lijkt mij in strijd met
elementaire inzichten uit de sociologie. Zoals de Amerikaanse socioloog Philip
Selznick ooit schreef: In the beginning is society, not the individual.
In de derde plaats raakt het redactionele commentaar
verstrikt in het idee van 'een ongedeelde samenleving'. Het regeerakkoord werkt
dit misverstand zelf in de hand, want verwijst immers naar zo'n 'ongedeelde
samenleving' als 'doel' van het kabinetsbeleid, zonder aan te geven wat precies
wordt bedoeld met het bijvoeglijke naamwoord 'ongedeeld'. Dat klinkt
raadselachtig! De commentator weet kennelijk wat hier speelt, want stelt: 'Maar
de 'ongedeelde Nederlandse samenleving' bestaat niet.' Hoe dan ook, het idee van
een 'ongedeelde' samenleving lijkt niet op zijn plaats in het gemeenschapsdenken
dat de aandacht vestigt juist op de verscheidenheid en pluriformiteit van
(moderne) samenlevingen.
De verwijzing verderop in het akkoord naar Nederland als een
'eenheid in verscheidenheid' is vast het best op te vatten als de keerzijde van
dit misverstand. Immers, de precieze betekenis van 'eenheid in verscheidenheid'
is even raadselachtig als die van een 'ongedeelde samenleving'. Veel helderder
is het bekende uitgangspunt van het gemeenschapsdenken: 'diversiteit binnen
eenheid'. ...
IRP: Maar er is nu ook in links-intellectuele kringen enige
teken van beweging te bespeuren, zij het bij randfiguren als Marcel van Dam, die
al heel lang een aparte en zelfstandige positie heeft, maar door velen nog
tot het PvdA-achtige smaldeel wordt geteld:
De Volkskrant, 22-02-2007, column door Marcel van Dam
Samen en toch geïndividualiseerd
Niemand is tegen meer cohesie in de samenleving of tegen meer samenwerking. De
mens is van nature sociaal. Alléén kan niemand overleven, normen en waarden zijn
ontstaan uit het samenleven met anderen.
Door de geschiedenis heen is de manier van samenleven
veranderd en die verandering gaat door. Heel vroeger leefde iedereen in
stamverband, dat werd later het familieverband, weer later het drie
generatiegezin. Nu leven twee generaties bij elkaar tot de kinderen een jaar of
18 zijn. Het samenleven in steeds kleinere verbanden, uitmondend in de
hedendaagse Individualisering, is een gevolg van de vooruitgang en heeft alles
te maken met het afnemen van de onderlinge afhankelijkheid. Dat laatste
verklaart de versnelling van de individualisering in de afgelopen decennia.
De technologische vernieuwing en de stijging van de welvaart
hebben de onderlinge afhankelijkheid in hoog tempo verminderd. Ouderen zijn voor
hun verzorging niet meer afhankelijk van hun kinderen. Door de ontwikkeling van
de sociale zekerheid zijn bij ziekte of werkloosheid mensen voor hun
levensonderhoud niet meer afhankelijk van familie. De individualisering heeft
ook grote gevolgen voor normen en waarden. Voorbeeld: de uitvinding van de
anticonceptie pil en de doorbraak van de auto als vervoermiddel in de jaren
zestig hebben het overspel, dus het aantal echtscheidingen, doen exploderen. De
grotere welvaart en de groeiende economische onafhankelijkheid van vrouwen heeft
dat proces verder gestimuleerd. Scheiden is nu geaccepteerd.
Door de enorme groei van de internationale mobiliteit en de
grotere welvaart nam eind jaren zestig ook het gebruik van verslavende drugs in
Nederland toe. Dat had weer een explosie van de kleinere criminaliteit tot
gevolg. Ook andere vormen van criminaliteit zijn terug te voeren op de
technologische ontwikkeling. Rijden onder invloed bestond niet toen er geen
auto’s waren.
Individualisering heeft voor- en nadelen. Het proces van
individualisering gaat door zolang het individu onafhankelijker wordt. Wie dat
wil stoppen moet bijvoorbeeld stoppen met het bevorderen van arbeidsparticipatie
van vrouwen, of het verbeteren van de opleiding van jongeren, of het jaarlijkse
verhogen van de koopkracht. Het gaat er juist om te proberen de nadelen te
beperken zonder die trend geweld aan te doen. Het verlangen naar het nieuwe
samenleven, waar het regeerakkoord bol van staat, lijkt niet gebaseerd op een
gedegen analyse van het verband tussen vooruitgang en individualisering. ‘Een
verdergaande individualisering zou ik niet goed vinden’, zegt het PvdA-Kamerlid
Dijsselbloem. Hoe wil hij dat stoppen? Dijsselbloem en andere moderne
sociaal-democraten willen de mensen, vooral de zwakkeren, aanspreken op hun
eigen verantwoordelijkheid en ze pressen of dwingen zich meer maatschappelijk te
gedragen of zich te ‘verheffen’ (Het Vervolg, 17 februari) [zie hier
,
red. IRP]. Door het verkrijgen van uitkeringen moeilijker te maken en door
ze andere normen en waarden bij te brengen.
Er wordt geflirt met de gedachtewereld van de Britse
psychiater Dalrymple, die van mening is dat het probleem van de onderklasse een
probleem is van de onderklasse. In principe is de oplossing heel simpel: die
mensen moeten andere keuzen maken. Als een vrouw niet gaat samenwonen met een
man die zijn vrouw mishandelt, wordt ze niet mishandeld. Waarmee de kern van het
probleem wordt ontkend: veel mensen, vooral in de onderklasse, kunnen geen
andere keuzen maken. Willen moet je ook maar kunnen, weet iedere andere
psychiater.
Er is eigenlijk maar één manier om de cohesie in een
geïndividualiseerde samenleving te bevorderen. Mensen zijn nauwelijks te
veranderen en dan nog alleen via een langdurige, kostbare therapie. Je kunt wel
hun gedrag beïnvloeden door de omstandigheden waarin ze functioneren te
veranderen. Bijvoorbeeld door via inrichtingsmaatregelen de sociale controle te
vergroten of door het veranderen van zeggenschapsverhoudingen mensen tot meer
sociaal gedrag te bewegen. Met andere woorden: door omstandigheden zodanig te
veranderen dat het voor mensen aantrekkelijk wordt het ‘goede’ te doen en het
‘kwade’ te laten. Geef mensen in hun omgeving de middelen en mogelijkheden hun
veiligheid te verbeteren. Of het verkeer mensvriendelijker te maken. Of de
ouderenzorg te organiseren. Of het onderwijs te verbeteren. Of jongeren te
stimuleren tot meer scholing of tot deelname aan de arbeidsmarkt.
De cohesie van de jaren vijftig is alleen te herstellen door
het Nederland van de jaren vijftig te herstellen. Nieuwe cohesie moet passen in
een nieuwe, geïndividualiseerde samenleving.
Red.: In het laatste deel wijkt Van Dam toch weer van de
rechte koers af. Want als mensen nauwelijks te veranderen zijn, zoals hij
beweert, hadden we nog steeds de ongeïndividualiseerde samenleving van de jaren
vijftig. Die verandering is dus wel degelijk mogelijk, en zeker omdat ze niet
dezelfde weg helemaal terug hoeft af te leggen - die nieuwe samenleving hoeft
alleen aanzienlijk gericht te zijn op individualisering te zijn. En dat kan je
inderdaad doen door de inrichting ervan minder individualistisch, dat wil
zeggen: minder grootschalig en megalomaan te maken: kleinschalige bouw,
toegankelijke gemeenschappelijke ruimtes, bestrijding van overlast in die
ruimtes, enzovoort
.
Hieronder nog wat bevestigingen van het linkse en intellectuele individualisme:
Uit: De Volkskrant, 01-03-2007, van verslaggever Marc Peeperkorn
De strategische dans van SP en VVD
Tussentitel: Oppositie gruwt van nostalgisch conservatisme
... Vandaag tijdens het debat over de regeringsverklaring zal blijken dat
kabinet en coalitiepartijen een hecht front vormen.
De oppositiepartijen vinden voldoende munitie in het akkoord
om discussie aan te zwengelen. VVD, GroenLinks en D66 hekelen de
spruitjesfilosofie van Balkenende IV. Halsema: ‘Nostalgie overheerst in het
regeerakkoord. De jaren van wederopbouw dienen als perspectief voor de toekomst.
Maar die homogene samenleving uit de jaren vijftig keert nooit meer terug. We
hebben nieuwe vormen van gemeenschapszin nodig.’
D66-fractievoorzitter Alexander Pechtold verbaast zich over
het naïeve geloof van het kabinet in de maakbaarheid van de samenleving. ‘Een
beklemmend gemeenschapsgevoel’, vindt de D66’er. ‘Het is allemaal weer kerk,
vereniging en gezin wat de klok slaat.’ Rutte deelt die mening. ‘Dit kabinet
stelt staatsbevoogding tegenover mijn geloof in de vrijheid van het individu.’
Naast de gedeelde kritiek op de ‘conservatief-nostalgische
koers’ (Halsema) ...
Red.: GroenLinks is natuurlijk vanuit de linkse kant de
aartsvertegenwoordiger van het links-intellectuele individualisme. Dat de meer
rechtse partijen, D66 en VVD, er hetzelfde over denken, is niet meer dan de
natuurlijke stand der dingen.
Het volgende artikel behandelt zowel de kwaal als de
oplossing:
Uit: NRC Handelslad, 07-09-2008, door Marcia Luyten
Links-liberaal heeft deugden van rechts nodig om de last van
de vrijheid te kunnen dragen
Het was niet onbegrijpelijk dat een deel van de generatie die in de jaren 60 en
70 volwassen werd weinig ophad met moraal en gezag. Individuele vrijheid,
culminerend in het 'Ik-tijdperk', werd beschouwd als het hoogste goed. Helaas,
de meest fanatieke aanhangers van dit ideaal zagen niet dat in de vrije
samenleving corrigerend optreden onvermijdelijk is. En dat een deugd als
zelfbeheersing iemand ervan weerhoudt bij het minste of geringste uit de bocht
te vliegen.
Tussentitels: De aanhangers van de vrije samenleving hebben haar
verwezenlijking
gedwarsboomd
Door niet in te zien dat vrijheid zonder corrigerend optreden gedoemd is te
ontaarden
Ze zijn geboren rond 1968 en groeiden op met de verworvenheden van de jaren
zestig: de sociaal-democraten die geen moeite meer hebben met moraal. De
Amsterdamse wethouder Lodewijk Asscher (1974) veegt de Wallen schoon.
Stadsdeelvoorzitter Ahmed Marcouch (1969) deelt bezems uit in Slotervaart en
voedt Marokkaanse ouders op. Tweede Kamerlid Jeroen Dijsselbloem (1966) wil geen
pooiers en hoeren op MTV.
Niet lang geleden zouden ze op een zijspoor zijn gerangeerd
door de generatie vóór hen, vijftigers en zestigers die de sixties zelf
meemaakten en zich haar nalatenschap hebben toegeëigend: de emancipatie van
vrouwen en homo's, seksuele bevrijding, relativering van autoriteit en een
internationale blik. De kern: het individu heeft de vrijheid verworven zijn
meest eigen leven te leiden. Hij kan zijn spoor zoeken, zonder te worden
gehinderd door sociale controle, stand, klasse of religieus milieu.
Over de samenleving waarin dat autonome individu het beste
gedijt, heeft links sindsdien duidelijk ideeën gehad. Die is vrij, open,
ontspannen en tolerant, iedereen is gelijkwaardig, krijgt gelijke kansen en de
uitkomsten lopen niet al te ver uiteen. Het ideaal is prachtig. Het is alleen
tragisch dat de meest fanatieke aanhangers van de vrije samenleving haar
verwezenlijking hebben gedwarsboomd door niet in te zien dat in zo'n samenleving
correcties onvermijdelijk zijn.
Toenmalig burgemeester van Amsterdam, Ed van Thijn, hield
eind jaren tachtig het eerste rapport over Marokkaanse jeugdbendes onder de pet
- immers, voor hem was niet-ingrijpen een belangrijk principe. Opsporen van
uitkeringsfraude werd geassocieerd met razzia's. Hedy d' Ancona zei in 1973 in
een interview met NRC Handelsblad met haar kinderen te vrijen - "ik ben
erg erotisch". In 1996 begon in Amsterdam een leer-werktraject voor criminele
jongeren. Voor ambachtelijke en mentale vorming gingen die vervallen
vestingwerken opknappen. Toenmalig GroenLinks-wethouder Frank Köhler, geen
voorstander van wat voor dwang dan ook, vroeg de initiatiefnemer of die
"geobsedeerd" was door "oorlogsmonumenten".
Het individu heeft zich in de jaren zestig bevrijd van de
knoet van pa en pastoor. De Moraal werd afgeschaft - het vrijgemaakte individu
zou van nature snappen welke mores horen bij die ongeëvenaarde persoonlijke
vrijheid. De verhouding tussen overheid en burger werd gedicteerd door een
heilig geloof in non-interventie.
Veertig jaar later blijkt dat vrije individu een niet zo mooi
mens. Hij leeft voor en op zichzelf.
Hij houdt van grote auto's en metersbrede flatscreens. Als bestuurder plundert
hij uit de publieke ruif, lager op de ladder haalt hij zijn voordeel uit
verzekeringen en regelingen en dat voelt als handig koopmanschap. Leren is niet
leuk en vet eten lekker. Zijn assertiviteit is agressief.
Het vrije individu werd, in de woorden van Harry Kunneman,
het 'dikke ik'. Met zichzelf en zijn eigen leven is hij ingenomen. zelfs al
geniet hij een 'onderdaanvriendelijke' overheid, als burger is hij een kniezende
klant.
De samenleving lijkt intussen niet meer zo ontspannen en vrij
als het de soixante-huitards voor ogen stond, ze is minder open.
Letterlijk, door beveiligers, camera's, huizen achter hekken en een dam tegen
gelukszoekers. Figuurlijk, door de blik gericht op het eigen leven en argwaan
voor wat van buiten komt - Pool of asielzoeker. Het vertrouwen in politiek en
instituties is sinds 2002 laag, waardoor het SCP onlangs concludeerde dat deze
high-trust samenleving nu low trust is.
Geen wonder dat conservatieve cultuurpessimisten als Theodory
Dalrymple en Andreas Kinneging ploegen in vruchtbare grond. Ze claimen dat het
elitaire streven naar vrijheid volkse massa's van hun kaders heeft beroofd. Als
gevolg zijn hordes mensen veroordeeld tot leven in een uitzichtloze chaos aan de
onderkant. Dalrymple en Kinneging hebben een sterke troef in handen: de
generatie '68 is met haar links-libertaire mentaliteit vergeten de moraal te
onderhouden. ...
Red.: De beweging van het individualisme van de jaren
zestig/zeventig zet zich in golfbewegingen tot in het heden voort:
Uit: De Volkskrant, 26-02-2011, door Wilma de Rek
Interview | psychiater Frank Koerselman over de verwende samenleving
'We willen er zo graag toe doen'
De moderne mens klaagt te veel, is te ijdel en slaat door in zijn behoefte
aan waardering. Psychiater Frank Koerselman: 'Het gebrek aan zelfrelativering,
dat is het kenmerk van deze tijd.'
'De vraag naar hulp is bodemloos, er is geen grens. Het leven brengt nu eenmaal
met zich mee dat er tegenslag is, dat je soms verdrietig en wanhopig bent.
Vroeger loste je dat op in de familie of de kerk, tegenwoordig is het allemaal
geprofessionaliseerd en zoekt men daar hulp voor. En een bijpassend etiket.'
Wat is de nieuwste mode onder therapieën?
'Wat nu geweldig in is, zijn al die dingen die op meditatie berusten,
mindfulness enzo. Iemand verzint een etiket, en dan wordt zoiets meteen een
hausse. In dat opzicht is de psychotherapeutische industrie geen haar beter dan
de farmaceutische industrie. Daar verander je iets in een molecuul en hop, je
hebt een nieuw medicijn. Psychotherapeuten variëren wat op een oude techniek en
hop, iedereen loopt er achteraan. Het zijn modes hè. Alles is altijd eb en
vloed, dingen komen en gaan, mensen willen op een bepaald moment iets nieuws, en
na een tijdje is het nieuwe oud en wil je weer iets anders.'
Frank Koerselman (63) is hoogleraar psychiatrie en
psychotherapie aan het Universitair Medisch Centrum Utrecht, en werkt daarnaast
in het Sint Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam als hoofd van de
psychiatrische afdeling. Afgelopen week werd bekend dat het aantal studenten dat
een beroep doet op psychologen, de laatste jaren groter wordt. Het past binnen
de bredere trend van een almaar toenemende vraag naar psychologische hulp. Die
is groter dan ooit, en blijft volgens Koerselman nog wel even groeien. En er
zullen telkens nieuwe technieken en methoden bijkomen, meent hij, al komen ze
uiteindelijk allemaal op hetzelfde neer.
'Als je wat ouder bent, heb je alles al twintig keer langs
zien komen. In mindfulness zit heus wel een nuttige kern, namelijk dat je je ook
op het hier en nu kunt concentreren. Maar of je daar dan het boeddhisme bij moet
halen en dat soort dingen, daar heb ik grote twijfels bij. Dan krijg ik wel erg
een déjà vu van de jaren zeventig, toen iedereen op matjes zat te mediteren.
...
Naar Linkse denkfouten
, Politiek lijst
,
Politiek & Media overzicht , of site home
.
|