VARA TV magazine, nr.37-2005, door Twan Huys, correspondent van Nova in Amerika

One way ticket to hell

Tussentitel: Wie te kritisch bericht over het Witte Huis dreigt in ongenade te vallen bij
                  de Bush-woordvoerders

Het Amerikaanse (vooral commerciële) televisie-aanbod mag dan misschien ooit als een verlekkerd maken de hoorn des overvloeds zijn beschouwd, Nova's correspondent Twan Huys ervoer in standplaats New York vooral de (journalistieke & culturele) armoede van een bestel waarin de publieke omroep met de dag nog verder marginaliseert.

AMERIKAANSE TELEVISIE is als een enkele reis naar de hel. Veel en vooral eindeloze reclameblokken, stompzinnige spelprogramma's en presentatoren van ochtendprogramma's die uitblinken in leuter en lariekoek. 's Avonds is het al niet veel beter. Nieuwstalkshows van kabelstations CNN, MSNBC en FOX zijn al drie maanden geobsedeerd door de verdwijning van de jonge, blonde Natalee Holloway op Aruba en juryleden die verklaren waarom ze Michael Jackson vrijspraken van pedofilie maar toch overtuigd zijn van zijn schuld. Over de situatie in Irak is het oorverdovend stil. Hongersnood in Niger en genocide in Sudan worden alleen behandeld door BBC America.
    Ik hou van dit land en van de Amerikanen maar na zes jaar ben ik nog steeds niet gewend aan het abominabele niveau van de uitzendingen van CBS, NBC, ABC of FOX.
Natuurlijk is er het betaal tv-kanaal HBO met The Sopranos en Six feet under, maar dat station is toch vooral een exotische uitzondering op de pulp die in een niet aflatende stroom door de glasvezel vloeit. Voor liefhebbers van luchtig televisiedrama zoals Friends of Seinfeld valt er veel te genieten. Ieder uur is er wel ergens een herhaling te zien van de meest succesvolle series. Ook de fans van realityshows als Fear factor, Big Brother en The apprentice zitten goed. Beroepshalve volg ik de nieuwsuitzendingen van de grote stations iedere dag om halfzeven 's avonds. Een zinloze bezigheid. Alle nieuwsberichten heb ik al eerder op de dag gezien via internet of de 24 uurs nieuwsstations. Ook de gemiddelde Amerikaan neemt langzaam maar zeker afscheid van de klassieke bulletins van CBS, NBC en ABC om half zeven.

HET ECHTE GEVECHT om de kijker vindt tegenwoordig plaats tussen 7 en 9 uur 's ochtends, in Amerika omgedoopt tot 'Duel at Sunrise'.
    De twee ochtendprogramma's The Today Show van NBC en ABC'S Goodmoming America zijn verwikkeld in een nek-aan-nekstrijd om een miljoenenpubliek. De formule is simpel. Een mannelijke en een vrouwelijke presentator keuvelen over het nieuws en een weerman voorspelt op straat, omringd door een uitzinnig enthousiast publiek, het weer.
Soms is er een live-band, altijd een acteur die z'n laatste film plugt en een nieuwslezer met nieuwsflitsen.
    Tien jaar geleden informeerden de ochtendshows de kijker over landelijk en buitenlands nieuws, nu is het een podium voor product placing, zeer gewild bij adverteerders van nieuwe mobiele telefoons of vernuftige keukenapparatuur. De omroepen verdienen kapitalen aan de ochtendprogramma's en steeds minder aan het avondnieuws. Niet voor niets verdient NBC's presentatrice Katie Couric van The Today Show 15 miljoen dollar per jaar en is daarmee de bestbetaalde journaliste in het land. Natuurlijk verbleekt dit bedrag dan weer bij David Letterman die 32 miljoen dollar per jaar opstrijkt. Fabelachtige bedragen voor toch vooral doorsnee-shows, die meestal niet meer zijn dan een etalage voor boeken, films en bands.
Niet voor niets is het juist Amerika waar de TIVO bezig is aan een gestage opmars. Deze digitale recorder registreert honderden uren tv-programma's, filtert ze van reclame en maakt televisiekijken weer draaglijk.
    In tegenstelling tot Nederland stelt publieke televisie in Amerika bijna niets voor. Public Broadcasting System is de lange naam voor het marginale publieke station PBS, dat zijn programma's uitzendt via lokale televisiestations. De kijkcijfers zijn laag, de leeftijd van het publiek hoog. Het dagelijkse nieuwsprogramma The Newshour with Jim Lehrer is journalistiek, degelijk maar doodsaai. Presentatoren zitten in lelijke studio's en over vormgeving is voor het laatst nagedacht beginjaren 50. De documentairerubriek Frontline is fenomenaal, het wetenschapsprogrammma NOVA prachtig. Kortom, voor de geïnteresseerde kijkers was er tot voor kort een intelligent alternatief: PBS. Not anymore. De huidige regering van president Bush ergert zich wild aan PBS, in hun ogen een bastion van linkse journalistiek, ook nog eens betaald door de argeloze belastingbetaler. Het afgelopen jaar ging de bijl in de onafhankelijk positie van PBS. In de PBS raad van bestuur werden Bush-getrouwen benoemd, kritische nieuwsprogramma's zoals de uitstekende actualiteitenrubriek Now with Bill Moyers werden gehalveerd in zendtijd. De voorzitter van PBS had in het geniep bovendien een Republikeinse onderzoeker ingehuurd die moest beoordelen hoeveel linkse gasten plaats namen voorde camera van NOW.
    Zelfs de kinderprogramma's liggen voor de loop van de Republikeinse zedenpolitie. Een onschuldig kinderprogramma over twee lesbische moeders en de opvoeding van hun kind in de staat Vermont werd onder druk van de minister van Onderwijs geschrapt. De indruk dat homoseksuelen in staat zijn tot een liefdevolle en verantwoorde opvoeding van een kind moest volgens de minister te allen tijde worden vermeden.

MIJN FAVORIETE INFORMATIEVE programma's zijn letterlijk op de vingers van een hand te tellen. Op zondagochtend kijk ik naar het Amerikaanse Buitenhof, Meet the Press, van NBC. De eerder genoemde documentairerubriek Frontline staat op 1 in de top-drie gevolgd door The Daily Show met Jon Stewart, een onwaarschijnlijk komisch programma dat op ironische wijze bericht over het nieuws. Massaal bekeken door veel hoogopgeleide jongeren die feilloos aanvoelen waar het betere televisiegerecht wordt uitgeserveerd. Verder nog wat? Eigenlijk niet. Een treurige opsomming dus voor het land met eindeloos veel kanalen, omroepen en programma's. Uiteindelijk domineert het betaalkanaal waar voor 3,95 dollar een film à la carte besteld kan worden.
    Vorig jaar december nam presentator Bill Moyers van het PBS' actualiteitenprogramma Now with Bill Moyers afscheid. Niet alleen vanwege z'n leeftijd (71 jaar) maar toch vooral vanwege het treurige klimaat voor informatieve televisienieuwsprogramma's zoals Moyers die graag maakt.
    Bill Moyers was in de jaren 60 perswoordvoerder voor president Lyndon B.Johnson, ruilde zijn treurige bestaan van 'His masters' voice' tijdens de Vietnamoorlog in voor een baan als journalist bij de krant Newsday.Won later meer dan 30 Emmy Awards voor documentaires en werd uiteindelijk dus eindredacteur van NOW. Vorig jaar bezocht ik een lezing van Moyers in de boekhandel Barnes and Nobles op Union Square in New York. Een afgeladen zaal met jong en oud publiek luisterde twee uur lang vol overgave naar deze grootmeester van de journalistiek, helaas een uitstervend soort. Moyers las voor uit zijn nieuwste boek Moyers on America. De openingszin alleen al is een wonderschone parel:
    'Wij journalisten schrijven in het zand en spreken in de wind, meestal is er de volgende ochtend geen spoor terug te vinden van wat we schreven of zeiden.'

BILL MOYERS VERTEGENWOORDIGT de hogeschool van de journalistiek en analyseert in zijn boek feilloos het belang van publieke nieuwsvoorziening en vooral de teloorgang daarvan.
    'De grootste verandering in mijn vijftigjarige journalistieke carrière is de verschuiving van nieuws over de overheid naar nieuws over consumenteninformatie en celebrities. Uit onderzoek blijkt dat bij de kranten The New York Times, Los Angeles Times, de avondnieuws-programma's van CBS, NBC en ABC, en de weekbladen Time en Newsweek het aantal verhalen over de overheid tussen 1977 tot 1997 afnam van een op drie naar een op vijf. Het aantal verhalen over sterren steeg van een op iedere vijftig verhalen naar een op de veertien. Nou en, vraagt u zich misschien af, wat maakt het uit? Simpel, het is de overheid die een greep kan doen in onze portemonnee, ons naar de gevangenis kan sturen, een snelweg aanlegt door uw tuin, of ons op pad stuurt naar een oorlog.'
    De veterane journalist Richard Reeves werd eens gevraagd door een student om 'echt nieuws' te definiëren. Reeves antwoordde: 'Het nieuws dat jij en ik nodig hebben om onze vrijheid te behouden.' In the land 'of the free and the home of the brave is de waarheid de afgelopen jaren ernstig in de versukkeling geraakt. 140.000 Amerikaanse troepen zitten muurvast in een burgeroorlog in Irak. Meer dan 2000 soldaten overleden op het slagveld, 14.000 raakten gewond en naar schatting zijn er 25.000 Irakese burgerslachtoffers. Pas sinds kort vindt een kleine meerderheid (52%) van de Amerikaanse bevolking dat de oorlog van president Bush tegen Irak een fiasco is. Een oorlog gebaseerd op twee grote leugens; massavernietigingswapens in Irak die nooit werden gevonden en de samenwerking tussen Saddam Hussein en Osama bin Laden die nooit werd aangetoond.

DE AFGELOPEN JAREN heb ik me vaak afgevraagd waarom een meerderheid van de Amerikaanse bevolking deze leugens zo lang heeft geslikt. Het antwoord ligt volgens mij onder andere verscholen in het treurige niveau van de nieuwsvoorziening op televisie. De grote commerciële stations zijn in handen van megabedrijven als General Electric (NBC), Viacom (CBS), Time Warner (CNN), Newscorps (FOX) en Disney (ABC). De aandeelhouders en bestuurders van die bedrijven zijn uit op winst en niet op neutrale berichtgeving.
    Het kritisch volgen van de regering-Bush is absoluut niet in het belang van die winstcijfers, sterker nog, dat is schadelijk. De zelfcensuur onder journalisten is dramatisch. Wie te kritisch bericht over bet Witte Huis, dreigt in ongenade te vallen bij de woordvoerders van president Bush en wordt afgesneden van bet nieuws en soms zelfs geëxcommuniceerd. 'Mediamanage-ment' heet dat in het vocabulaire van de persstaf van bet Witte Huis. Je niets aantrekken van journalisten, maar over hun hoofden heen het grote publiek toespreken. Het werkt voortreffelijk omdat het merendeel van de pers is gecastreerd door haar broodheren.

ZOU EEN NEDERLANDS PUBLIEK OOK bewerkt kunnen worden door Amerikaanse 'spindocters'? Ik betwijfel dat. Het Nos-Journaal van 8 uur heeft voor een nieuwsrubriek topkijkcijfers en de actualiteitenrubrieken Nova, Netwerk en Twee Vandaag worden zeer goed bekeken. Ter illustratie; naar Nova kijken iedere avond bijna net zoveel mensen als naar de uitzendingen van CNN in heel Amerika. Wij zijn een nieuwshongerige natie, uitstekend geïnformeerd over binnen- en buitenlands nieuws.
    De plannen van de staatssecretaris voor de media, Medy van der Laan, zijn in dit licht bezien onbegrijpelijk. Met het opheffen van de NPS en het kortwieken van het budget van de publieke omroep tast ze letterlijk het Nederlands cultuurgoed aan. Onafhankelijke publieke nieuwsvoorziening op televisie is belangrijk voor de burgers.
    In Amerika zie ik op televisie iedere dag het bewijs van die stelling.
.

Terug naar Politiek rechts  , Hiërarchie sociologie  , of naar site home .