WERELD & DENKEN
 
 

Linkse denkfouten: de lagere klassen

3 sep.2006

De ambigue houding van de linkse intellectuelen tegenover de lagere klassen is al zou oud als het verschil zelf, mede omdat het gaat over reŰle verschillen tussen de twee. Het conflict is nu zichtbaarder aan het worden, doordat de linkse intellectuelen, als deel van de top van de maatschappij, profiteren van de toenemende inkomensverschillen tussen hoog en lager. Want, hoewel men dat natuurlijk graag vergeet, is inkomen in deze maatschappij ook een mate van waardering, dus grotere inkomensverschillen betekent automatisch ook grotere klassenverschillen. De lagere klassen gaan zich steeds meer minderwaardig voelen. Dat laatste heeft de top heeft inmiddels uitgedrukt in een nieuwe term voor de lagere klassen: maatschappelijk teleurgestelden.

Aanvankelijk werd de term voornamelijk gebruikt in de context van de allochtonen- en immigratiediscussie, waarin de houding van de lagere klassen, die de problemen van de immigratie moeten opvangen, aan deze factor werd toegeschreven. Nu wordt hij ook in ruimere context gebruikt, om mensen aan te duiden die niet de talenten hebben om in de moderne maatschappij hogerop te klimmen, dat wil zeggen: niet de pure intellectuele of andere geestelijke talenten, de connecties, of doodgewoon het geluk hebben om boven het glazen plafond van de scheiding tussen top en de top en de rest uit te komen.

Net als iedere omschrijving van een grotere groep, bestaan er binnen de groep weer aanzienlijke verschillen, en deze groep is zodanig groot dat die groep vele deelgroepen bevat. Het probleem in dit geval is dat de omschrijving van die grote groep een sterke negatieve bijklank heeft, terwijl die bijklank objectief bezien in zeer verschillende mate slaat op de verschillende deelgroepen. Onder deelgroepen als woonwagenbewoners zal zich een vrij hoog percentage maatschappelijk teleurgestelden bevinden, maar onder gewone arbeiders, vrachtwagenchauffeurs en dergelijke, een stuk minder, en zo zijn er veel meer groepen voor welk het nog minder het geval is.

Een van de redenen dat de grotere groep met de term "maatschappelijk teleurgesteld" aangeduid wordt door linkse intellectuelen is dat de deelgroepen wel een aantal overeenkomsten hebben in een aantal culturele en maatschappelijke voorkeuren. Maar het effect is dus dat impliciet een aantal groepen wordt "beschuldigd" van zaken waar ze niet schuldig aan zijn. Die groepen zijn daar terecht verontwaardigd over, en dit gebruik van de term "maatschappelijk teleurgesteld", en de bijbehorende cultureel-elitaire houding, is dus in hoge mate devisive voor de maatschappij. Onderstaand een voorbeeld uit een hoek die algemeen als zeer redelijk wordt gezien, top-journalist en tv-presentator Paul Witteman, en de reactie die de effecten ervan toelicht (VARA TV Magazine #32-2006, column door Paul Witteman)::

  Teleurgestelden

Tussentitel: Maatschappelljk teleurgestelden moet je amuseren en iets meegeven

De voorbereiding voor ons nieuwe programma, Pauw en Witteman, zijn in volle gang en de sfeer zit er al goed in bij de redactie. Die stemming is mede bepaald door het gunstige oordeel over het proefprogramma waarin een aantal prominente gasten debatteerde over Zidane, Rita Verdonk, het beklimmen van de Mount Everest en het karakter van Pietje Paardelul, zoals u weet een kennis van het LPF-Kamerlid Van As. Het ging dus over riskante hobby's, voetbal, politiek en goede smaak. Boeiende televisie, alles bij elkaar. Toch werd door een leidinggevende de vraag gesteld: is dit nu een programma dat zich richt op de doelgroep van het 'nieuwe' Nederland 1?
    Nu bleek mijn mond vol tanden. Want hoe omschrijf je die doelgroep? Op Nederland 1 worden vooral programma's geplaatst voor een breed publiek dat volgens onderzoeksbureau Motivaction 'maatschappelijk teleurgesteld' is. Zelf ben ik helemaal niet maatschappelijk teleurgesteld, integendeel. Ik vind dat de Nederlandse samenleving een fijn leefklimaat oplevert dat mij in ieder geval veel kansen tot ontplooiing heeft geboden. Weet ik als bofkont dan wel wat er omgaat in het hoofd van iemand die niet alleen teleurgesteld is in zijn omgeving maar in de hele maatschappij?
    Ik stel me bij deze groep een wat oudere mopperkontvoor die op de bank zit en geen zin heeft in informatie. Hij houdt van zijn vrouw, maar laat dat niet merken, hij klaagt over zijn baas en houdt de afstandbediening dreigend in de hand. Zodra 'een van die saaie koppen' over politiek begint, zapt hij weg naar een zender die een komedie uitzendt of een quiz met niet te moeilijke vragen. Het verhaal over de beklimming van de Mount Everest in het programma van Pauw en Witteman wilde hij graag zien maar dat smoel van Verdonk, daar zit hij om elf.
uur in de avond niet op te wachten. Zo'n man, Peter van Straaten tekent er bijna elke dag een voor Het Parool.
    Moeten we die man in het achterhoofd hebben, bij elk onderwerp dat we bedenken, bij elke gast die we uitnodigen? Nee, maatschappelijk teleurgestelden moet je amuseren en iets meegeven, ook 's avonds om elf uur.

Het voor de handliggende commentaar op deze visie kwam in hetzelfde medium (VARA TV Magazine #34-2006, ingezonden brief door Onne Knol, Zoutkamp):

  Teleurgesteld

In VARA TV Magazine nr. 32 beschrijft Paul Witteman diegenen die 'maatschappelijk teleurgesteld' zouden zijn, als zijnde oude mopperkonten. Het zal ongetwijfeld zo zijn dat de Nederlandse samenleving de heer Witteman een fijne ontplooiing heeft geboden, maar dan gaat hij wel heel gemakkelijk voorbij aan diegenen die niet diezelfde kans hebben gehad. Gezien het afzichtelijke politieke klimaat, afbraak van het sociale stelsel, de debilisering van het aanbod op de vaderlandse tv en het gebrek aan een kritische en relativerende houding door de makers, de almaar stijgende asociale houding van medemensen en bijbehorende desinteresse in het leven - om er maar een paar te noemen. Ik ben zelf zeer teleurgesteld in de Nederlandse maatschappij, maar ik beschouw mezelf toch echt niet als een mopperkont, integendeel: ik houd van mijn partner en laat dat merken, ben eigen baas en ik vind het dreigen met de 'zapper' beneden alle peil. Ik wil helemaal niet vermaakt worden; ik wil ge´nformeerd worden en wet van alle kanten van situaties, al dan niet politiek, en niet eenzijdig zoals nu in de Midden-Oostenproblematiek. Bovendien is het niet aan de heer Witteman om voor anderen in te vullen hoe zij hun leven invullen cq. beleven. Ik denk dat dit aspect nog wel het meest teleurstellend is aan zijn relaas. Je zou toch denken dat iemand van zijn statuur en interviewkennis ietsjes meer inzicht zou hebben in al die aspecten van het mens-zijn.

Dat de neerbuigende en laatdunkende houding de mainstream is onder de houding van linkse intellectuele alfa-elite tegenover de lagere klassen blijkt uit de grote reeks voorbeelden in deze bronnenverzameling, zie hier  . Een tegenvoorbeeld is nauwelijks te vinden, en het onderstaande is van journalist Kees Sorgdrager, die vanwege zijn afwijkende opvattingen uit zijn positie in de politieke verslaggeving is gewerkt (VARA TV Magazine, nr. 36-2006, door Kees Sorgdrager, programma-aankondiging Andere Tijden, Ned. 2, 14 sep. 2006):
 
 

De kant van het volk

Voormalig Den Haag Vandaag-verslaggever Kees Sorgdrager stemde Pim Fortuyn. Hij legt nog een keer uit waarom.


Tussentitel: Over alles lag een Haagse deken van politiek correct zwijgen
                  over volkomen begrijpelijk onbehagen

Diep verbaasd hoorde ik eind jaren 90 hoe Wim Kok op Prinsjesdag steeds weer kwam verklaren dat het nog nooit zo goed was gegaan in Nederland, terwijl ik daar een heel andere mening over had: het openbare leven verloederde, de publieke diensten gingen in de uitverkoop, alles werd ondergeschikt gemaakt aan de markt en werkende mensen werden van hun arbeidsplezier beroofd door interim-managers. En over alles lag een Haagse deken van politiek correct zwijgen over volkomen begrijpelijk onbehagen van mensen wier buurt werd overgenomen door Turken en Marokkanen en uitkeringsfraudeurs, waardoor hun wereld zijn vertrouwde orde verloor. 'De gedachtenpolitie' noemde Theo van Gogh dat zwijgen.
    Het volk morde, maar het volk zweeg. Wat kunnen gewone mensen anders doen dan morren en zwijgen? Tot Pim Fortuyn de mensen een stem gaf. Het volk stond op tegen de regenten. Ik koos de kant van het volk. Er was geen houden meer aan, ik werd een Fortuyn-aanhanger. Ik heb het volk nooit voor dom gehouden. Gewone mensen hebben uitstekende antennes voor wat er in Den Haag gebeurt.

Ik was onder de indruk van Fortuyns kennis van het openbaar bestuur, ik bewonderde zijn analytisch vermogen, zijn moed om z'n mond open te doen, en ik genoot van zijn theatrale capaciteiten. Uit mijn ooghoeken had ik Fortuyn al een jaar of tien bezig gezien als hij samen met professor Roel in 't Veld in Den Haag een rapport kwam presenteren, of een analyse kwam geven van een maatschappelijk vraagstuk. In een zee van napraterij en gewoontewijsheid brak dan, in glasheldere taal, even de werkelijkheid door.
    Maar in Den Haag is er voor de werkelijkheid weinig belangstelling, daar wordt vooral de macht naar de ogen gezien, ook door Haagse journalisten. De niet-Haagse journalist Gerard van Westerloo beschreef al meer dan 25 jaar geleden hoe de ruggengraat van werkend Nederland ongelukkig werd gemaakt door maatschappelijke veranderingen - in Vrij Nederland-reportages als De vlucht in de stacaravan, De pont van kwart over zeven en De bestuurders van tramlijn 16. Als een trambestuurder de lijnchef meldde dat zijn passagiers werden beroofd door Surinamers met een mes, kreeg hij een antropoloog op z'n dak die hem kwam vertellen over het ontstaan van Paramaribo.
    In de jaren daarna beschreef Van Westerloo, even meesterlijk, de in zichzelf gekeerde politieke klasse, die de last van haar hooggestemde idealen afwentelde op haar oude kiezers. Maar het heeft niks geholpen. Den Haag bleef blind en doof. Zelfs over Paul Scheffers 'multiculturele drama' werd in de PvdA-fractie de schouders opgehaald. Daarom heb ik Fortuyn gestemd. Alleen de macht van de stembus zou Melkert leren.

De mensen die hun stem aan Fortuyn gaven, kwamen uit alle lagen van de bevolking en vormden daar een getrouwe afspiegeling van. Dat was geen stem tegen welke vreemdeling dan ook, maar tegen het autisme van de politieke elite die de belevingswereld van de burger tot gevaarlijk terrein had verklaard.
    De benepenheid en het gebrek aan intellectueel niveau waarmee Fortuyn in de verkiezingstijd is bestreden, heeft mij tegen de borst gestuit. En het dedain waarmee de elite zich uitliet over zijn kiezers heeft mij verbijsterd. De stoeten van rouwbeklag die na zijn dood zwijgend door de straten trokken, heb ik ge´mponeerd gadegeslagen. Ik zag gewone mensen die er naar snakten weer aansluiting te krijgen bij het geheel van de samenleving in een tijdperk van technocratisch bestuur en afgeschudde ideologische veren. Voor deze mensen had Fortuyn het geloof hersteld in de maakbaarheid van de samenleving.
    'De onderbuik,' wierpen velen mij tegen, en anders dachten ze het wel, zag ik in hun ogen. Weet u, de onderbuik behoort tot de menselijke natuur, maar het Nederlandse volk is veel verstandiger dan schrikachtige politici denken. In Tuindorp-Oostzaan, een idyllisch buurtje van werkende mensen in Amsterdam-Noord met nauwelijks uitheemsen, stemde op 15 mei 2002 meer dan 36% van de mensen Fortuyn. Toen Het Parool er de volgende dag een verslaggever naartoe stuurde, was de eerste zin die een LPF-stemmer uitsprak: 'Die Fortuyn, dat was tenminste een normale man.'
    Ik ben een man van het volk.

Vergelijk dit met de andere stukken zoals dat van Witteman en in de nog een stuk extremere in de al genoemde verzameling  , en die laten zich meteen zien als perfide elitair gekakel.

Ht verschijnsel van het linkse elitarisme is natuurlijk geen puur Nederlands verschijnsel (De Volkskrant, 15-02-2011, column door Ariejan Korteweg, correspondent in Parijs):
 
  Links Frankrijk heeft zijn eigen populist

... Kan Europa de opkomst van het populisme overwinnen? Daarover zou in Parijs worden gedebatteerd. Dat populisme komt overigens, zowel in Frankrijk als elders in Europa, voorlopig vooral van rechts. Maar kennelijk vond de krant Le Monde, die het debat organiseerde, het niet kies ook Marine le Pen van het Front National uit te nodigen.
    Wel werd er over haar gesproken. Ze is gevaarlijker, want verleidelijker, dan haar vader, oordeelde Caroline Fourest, een van de scherpste pennen van de jonge generatie Franse intellectuelen. En omdat ze de klassieke republikeinse waarden in de strijd werpt, en zich presenteert als kampioene van de scheiding van kerk en staat, is ze lastiger te bestrijden.
    Ook Nederland kwam, aan de zijde van Zwitserland, langs in het debat. En wel als bewijs dat economische crisis en opkomst van populisme niet direct aan elkaar gekoppeld hoefden te zijn.
    Tot zover de praktische kant van de zaak. Een Frans debat zou de naam niet waard zijn als niet tegelijk de hele wereldorde overhoop zou worden gehaald. Dus waagden de deelnemers - onder anderen minister van Landbouw Bruno Le Maire en Daniel Cohn-Bendit van Europe ╔cologie - zich gezamenlijk aan een karakterisering van het populisme.
    We noteerden: een afkeer van politiek en media, gebrek aan vertrouwen in de elite, neiging tot simplificeren, uitholling van de rol van de overheid, gelijkheidsbeginsel. Laos en demos werden genoemd, de Platoonse begrippen voor het ongeorganiseerde volk en het volk dat, door een zekere gezamenlijke ordening, een doel heeft gekregen.   ...

De term "populisme" is natuurlijk niets anders dan een samenvatting van de mening dat de voorkeuren van de gewonen mensen minderwaardig zijn. Dit vergeleken met de natuurlijk volkomen onbaatzuchtige voorkeuren van de linkse intellectuele elite voor globalisering, kosmopolitisme en massa-immigratie van laaggeschoolden zodat de gewone mensen uit de arbeidsmarkt gedrukt en er des te meer overblijft voor de linkse intellectuele elite  .

Het feit dat dit soort houdingen in de meeste Europese landen voorkomt, bewijst dat er een gemeenschappelijke sociale ondergrond is: gewonen klassieke klassenstrijd.


Naar Linkse denkfouten  , Politiek lijst  , Politiek & Media overzicht  , of site home  .