Kapitalisme en communisme
| 30 mei 2005 |
De redenen om het communisme te veroordelen zijn bekend genoeg, maar voor het
vervolg is het nodig er een aantal expliciet te noemen. Ten eerste is
het communisme geen democratie, verder is er geen vrijheid van meningsuiting, en er is geen
vrijheid in het algemeen. Men kan dat ook samenvatten in de opmerking dat
communisme een dictatuur is. Dictatuur wil zeggen dat er iemand de baas is, en
de rest heeft te gehoorzamen. Doe je dat niet, dan wordt je gestraft, wat precies
het tegenovergestelde van is vrijheid, vrijheid van meningsuiting en democratie.
Over het algemeen wordt kapitalisme gezien als het tegenovergestelde van
communisme. Staatkundig gezien lijkt dat te kloppen, want de meeste
kapitalistische staten, in ieder geval de westerse, zijn ook democratieën, met
vrijheid en vrijheid van meningsuiting.
Maar in een ander opzicht is kapitalisme niet helemaal zo tegenovergesteld aan
communisme. Want de gemiddelde werknemer werkt in een bedrijf. En in een bedrijf
heerst geen democratie. In een bedrijf heeft men een baas, en die baas is de
baas. Om precies te zijn, heeft men meestal meerdere bazen: een chef, soms meerdere lagen aan managers, en tenslotte een directeur. Ten
opzichte van
geen van die personen heeft de werknemer een positie van gelijkwaardigheid, en
zeker niets dat lijkt op een democratische invloed - je doet wat de baas zegt.
Ook je vrijheid van meningsuiting is beperkt, blijkende uit zegswijzen als "Als je
vooruit wil komen, altijd hard lachen om de grapjes van je baas". En met je vrijheid in
het algemeen is het ook redelijk droevig gesteld: je moet op tijd komen, kan pas
na een bepaalde tijd weg, en tussendoor wordt je doen en laten ook grotendeels
voor je ingevuld.
Het meest illustratief is de relatie tussen werknemer en chef: doe je niet wat hij zegt, dan wordt je, afhankelijk van de ernst van
het "vergrijp" gestraft met geen-promotie, loonsverlaging, of ontslag. Dit lijkt
sterk genoeg op de definitie van een dictatuur om te zeggen dat het
een vorm van dictatuur is.
Op dit punt keren we even terug naar het communisme. Toen het communisme
gevallen was in Rusland, vestigden er zich na een paar jaar ook westerse
bedrijven. Tot hun verbazing hadden ze aanzienlijke moeite om genoeg personeel
te vinden, ondanks het feit dat je bij die westerse bedrijven veel meer kan
verdienen dan bij Russische. De reden was simpel: bij de westerse bedrijven werd
je niet alleen beter betaald, maar moest je ook veel harder werken dan in
Russische bedrijven, en vele Russen gaven de voorkeur aan minder hard werken en
minder geld boven harder werken en meer geld
.
Dat minder hard werken is mogelijk in een Russisch bedrijf omdat er niemand is
die straf geeft als je minder je best doet. Het is bekend dat in een Russisch
bedrijf je min of meer kon doen en laten wat je wou, in vergelijking met een
westers bedrijf. Het Russische bedrijf was veel minder een dictatuur dan het
westerse bedrijf.
De vergelijking tussen kapitalisme en communisme is dus niet zo zwart-wit als ze
normaal wordt voorgesteld, althans voor degenen die het gewone werk doen.
Maar er is ook een groep mensen die géén last hebben van de dictatoriale kanten
van het kapitalisme. Dat zijn natuurlijk degenen die de baas zijn - die
hebben het beste van beide werelden. Het is dan ook geen wonder dat dit de
sterkste voorstanders zijn van het kapitalisme. En ook de sterkste tegenstanders van het
communisme.
Nu kan men er ook nog over debatteren of de bazen, de rijken, de top, of hoe men het ook wil
noemen, van huis uit de grootste democraten zijn en hun rijkdom een gevolg, of
dat ze in eerste instantie rijk willen zijn, en de democratische
staatsinrichting een bijproduct is. Ook deze kwestie is natuurlijk geen zwart-wit
zaak, maar er zijn genoeg aanwijzingen om te stellen dat het laatste (veel) meer
waar is dan het eerste. Dit blijkt het duidelijkste uit de ideologie achter het
kapitalisme, zie hier
.
En op het individuele niveau hoeft men alleen maar naar
het uiterlijk te kijken - de gemiddelde industrieel, directeur, of financier heeft
duidelijk meer weg van een dictator dan een geestelijke of een wetenschapper
. Op
grotere schaal is er het voorbeeld van de Verenigde Staten. Dit voorbeeldland
voor de kapitalisten heeft sinds de Tweede Wereldoorlog stelselmatig dictators
gesteund boven meer humanere regeringen, zolang die dictators de
vertegenwoordigers van het kapitalisme maar de vrije hand gaf; het betreffende
lijstje beslaat vrijwel de hele Afrikaanse en Zuid-Amerikaanse continenten, en
een groot deel van Azië.
Kortom, weer wat meer zwart-wit gesteld kan men het volgende zeggen: het
communistische is een staatsdictatuur, en het kapitalisme is een economische
dictatuur. Het grote verschil tussen de twee is dat de staatsdictatuur een enkel
aanwijsbaar hoofd heeft, en de economische dictatuur niet: dat is een veelkoppig
monster (hoewel latere ontwikkelingen als de kredietcrisis van 2008-2009
duidelijk hebben gemaakt dat de financiële sector wel een erg groot hoofd heeft
). Dit grote optische verschil heeft een eenzijdig beeld van het verschil
tussen kapitalisme en communisme veroorzaakt, versterkt door een langdurige
en zeer intensieve propagandacampagne
.
Maar voor de gewone niet-politieke burger die het werk doet, is het verschil
veel kleiner. Het is voor de niet-politieke burger zelfs de vraag of zijn
effectieve vrijheid onder het kapitalisme niet kleiner is. En van de gewone
niet-politieke burger zijn er in alle landen veruit het meest.
Naar Rijnlandmodel en communisme
, Machtsstructuur en
ik-cultuur
, Rijnlands beleid,
lijst
, of site
home
.
|