Psychologische krachten en begrippenDeze verzameling van begrippen-met-korte-uitleg vormt de inventarisatie van de relevante factoren zoals geïntroduceerd in Menswetenschappen, regelsAlfa's (In ontwikkeling) Voorlopig alleen een doorlink naar het hoofdartikel Angst Angst is de emotie die verbonden is met het gedrag van vlucht en vermijding. Van psycholoog William James is het gezegde dat: "Je vlucht niet omdat je bang bent, maar je bent bang omdat je vlucht." Wat James daarmee wilde zeggen, is dat het vluchtgedrag basaler is, eerder is, dan de emotie - het vluchtgedrag is een gevolg van reflexen plaats vindende in het autonome zenuwstelsel of reflexensysteem Het vluchtgedrag van de reflexen (het ruggemerg) is eenduidig, snel, automatisch en vindt altijd plaats. De emotionele angst (emotionele hersenen, met name amygdala) kan meerdere oorzaken hebben, werkt langzamer, en kan al dan niet tot vluchtgedrag leiden. De mate van angst en vluchtgedrag kan in zekere mate variëren onder invloed van ervaringen - vogels die vroeger wegvluchtten van de mens, gaan er nu naar op zoek. De derde vorm van "vluchtgedrag" of vermijding is ten gevolge van rationele overwegingen in de grote hersenen. Dit komt tot stand over langere tijden dan emotionele, hoeft niet tot fysiek vluchtgedrag te leiden, en kan met rationele overwegingen weer verdwijnen. Angst is vermoedelijk de belangrijkste emotie, op alle drie de niveaus, omdat het datgene is dat het individu en dus de groep en soort behoedt voor gevaar. Er zijn drom talloze soorten angsten, die bij de mensensoort ook makkelijk uit de hand kunnen lopen, waarna ze bekend worden als "fobieën". Daarnaast zijn er paar meer algemene angsten die niet niet samenhangen met specifieke gevaren als leeuwen en tijgers, maar met potentieel gevaar, waarvan de belangrijkste is de angst voor het onbekende en het vreemde - hetgeen ook logisch is omdat het onbekende altijd de mogelijkheid tot gevaar in zich heeft. De variant met betrekking tot mensengroepen heet xenofobie, en is sociologische gezien een van de belangrijkste krachten bij de contacten tussen verschillende groepen en culturen De op een na belangrijkste algemene angst is die voor onzekerheid, bijvoorbeeld over een bepaalde gewaarwording. Onzekerheid houdt namelijk ook onduidelijkheid over het al dan niet gevaarlijk-zijn in. Deze vorm van angst is vermoedelijk zeer veel sterker in de mens dan andere soorten .Ter verzachting van dit soort angsten heeft de mens eerst allerlei soorten religie Bij de mensensoort is angst dus een zaak die in zekere mate te sturen is. De mate waarin individuele mensen zich laten leiden door angsten is in hoge mate bepalend voor hun gedrag in de mensengroep, de maatschappij, en de bijbehorende voorkeuren blijkende uit politieke stellingnames. Grofweg is de verdeling: hoe angstiger, hoe rechtser De gevoeligheid van de mensensoort voor angst blijkt erin dat ook de minder angstigen, de "linksen", zich sterk vastklampen aan kunstmatige zekerheden, zij het wat minder ernstige, in de vorm van ideologie Wat meer over onder andere het duale aspect van angst hier Associatie Associatie is letterlijk "het in verband brengen van twee of meer zaken". Zo is alle "in één groep"-plaatsen of -samenvatten een vorm van associatie, en dus zijn ook het benoemen van een verzameling dieren in "vee", of "koeien", in feite vormen van associatie. Omdat deze associaties heel natuurlijk zijn en voor de hand liggend, vallen ze niet meer op. "Associatie" wordt meestal gebruikt voor verschijnselen waarbij een vorm van verband minder voor de hand liggend is. Ook in de geest vinden vele vormen van associatie plaats. Het vermoeden van deze redactie is dat associatie ook binnen de hersenen één van de belangrijkste processen is, en voor zover zaken betreffende "denken" mogelijkerwijs het belangrijkste. Zo belangrijk en zo veelvoorkomend dat het totaal niet meer opvalt. Behalve in uitzonderlijke gevallen, zoals die mensen waarbij in hun hersenen geluid en kleur of smaak-ervaringen met elkaar gekoppeld worden - dit noemt men dan "synesthesie" Voor het idee dat associatie een generaal achterliggend principe van heel veel hersenprocessen is, zijn ook aanwijzingen. Zo verklaart het het verschijnsel dat functies van uitgevallen organen of hersenonderdelen deels overgenomen kunnen worden door andere hersendelen. Dat wijst op gelijkheden in functionaliteit - een wasmachine kan niet de rol van een auto overnemen ook al wacht je honderd jaar, hoewel er toch ook veel draaiende wielen in zitten, maar een moderne telefoon kan wel steeds groter deel van de taken van een computer overnemen - omdat ze een overeenkomstige functionele achtergrond hebben: het doorgeven van informatie. Het idee van de hersenen als een grote associatie-machine kent vele aantrekkelijkheden Bewustzijn Vrijwel anoniem gezien als de hoogste functie van de menselijk geest, en volgens ook vrijwel iedereen gezien als iets uniek menselijks. Dat laatste is vanuit een evolutionair standpunt onwaarschijnlijk - waarschijnlijker is een grote stap van andere soorten naar de mens, maar dus gepaard gaande met lagere vormen van bewustzijn bij andere soorten. Volgens het psycho-fysisch parallellisme Het is niet duidelijk of met het bewustzijn een specifieke lokaliseerbare model correspondeert, of dat het geheel of deels bestaat uit een gedistribueerd proces. De laatste bevindingen dat intelligentie in hoge mate bepaald wordt door de kwaliteit van het netwerk van verbindingen in de hersenen Het is een plausibele intuïtie dat de spraakcentra, het verbaliseren, een belangrijk deel uitmaken van het proces van bewustzijn ("Denken is praten in je hoofd") Overigens kunnen meditatie en soortgelijke training dan gezien worden als oefening in het onderhouden van de bewustzijncirkel zonder er de beelden en emoties uit het hier en nu aan toe te voegen - een vorm van een stationair- of leegloop-cirkelproces dus. Alle zaken opgemerkt over het cirkelproces De sociologische variant van bewustzijn is, verrassenderwijs, de media Binding Binding behoort tot de emoties "Binding" staat dus voor alle gevallen waarin een persoon zich aangetrokken voelt tot een medemens, en vermoedelijk is deze emotie ontstaan tijdens en essentieel voor het groeps- en kuddedier. Wat ook inhoudt dat de emotie van binding niet slaat op niet-leden van de groep of kudde. Hetgeen men in recent onderzoek terugziet in dat oxytocine ook afstoting ten opzichte van (leden van) andere groepen kan veroorzaken. De sociologische equivalenten van binding aan de binnen-groepse kant Cirkels Veel psychologische processen gedragen zich als cirkelprocessen. Op deze pagina staat het voorbeeld van drugs Om het cirkelproces stabiel te houden onder externe verstoringen, gebruikt het onderliggende proces meestal een mechanisme van zelfregulering: bij een kleine afwijking wordt het proces automatisch teruggestuurd naar zijn evenwicht. Een fysiologische voorbeeld daarvan is het dag- en nachtritme - de fysiologische klok die dit regelt draait op circa 25 uur - de daadwerkelijke frequentie wordt het autonome zenuwstelsel bijgeregeld aan de hand van licht en donker van dag en nacht en komt dus uit op 24 uur. Het is dit terugkoppelingsysteem dat ontregeld raakt door vliegreizen, hetgeen nu "jetlag" heet. Meer in het algemeen over terugkoppeling hier Cirkelprocessen zijn ook makkelijk te classificeren. De min of meer stabiele zijn de gezonde, en de cirkels die steeds sterker worden, zoals die van verslaving, zijn ongezond, als een soort tumor. Ook ongezond zijn de cirkels die onderweg een omkering inhouden - in getallen uitgerukt en nemende de cirkel als staande voor 1, en de omkering voor vermenigvuldigen met -1, krijgt het cirkelproces een voortdurende flipperende uitkomst: +1, -1, +1, -1, enzovoort. Zo'n flipperende uitkomst heeft vast ook allerlei verstorende werkingen in de buurt van dit proces. Eén van de zeer veelvoorkomende voorbeelden van zo'n omkering is liegen, en de bijbehorende flipperende cirkel is die van de beroemde uitspraak van de Kretenzer die stelt dat alle Kretenzers leugenaars zijn Op deze website gaan we er vanuit dat zeer veel tot vrijwel alle kleinere en veel van de grotere geestelijke kwalen van persoon en maatschappij te herleiden zijn tot ongezonde denkcirkels Men kan de methodiek van cognitieve therapie en algemene semantiek dus ook omschrijven als een cirkelproces, in dit geval een proces dat een genezing vormt voor de ongezonde cirkelprocessen van de geestelijke kwalen van persoon en maatschappij Een aantal cirkelprocessen zijn dusdanig belangrijk dat ze apart behandeld worden. Alle vormen van verslaving zijn ook cirkels, namelijk cirkels die versterkt worden door een genotsgevoel - het meest bekende en al genoemd zijn de chemische varianten, de drugs. Minder als zodanig bekend, maar maatschappelijk belangrijker, zijn koop- en geldverslaving Dat het bestaan en belang van dit soort cirkelprocessen ook intuïtief ingezien kan worden blijkt bijvoorbeeld uit de uitdrukking "alles op een rijtje zetten", dat wil zeggen: stoppen met piekeren of malen of draaien in een cirkeltje Cognitieve dissonantie De Wikipedia definitie gebruikend: cognitieve dissonantie is een term die de onaangename spanning aanduidt die ontstaat bij het kennis nemen van feiten of opvattingen die strijdig zijn met een eigen overtuiging of mening, of van het deelnemen aan gedrag dat strijdig is met iemands overtuiging. Die onaangename spanning kan reiken van vage of zelfs onbewuste onrustgevoelens tot lichamelijke onpasselijkheid. Dit hangt af van de mate waarin er verschil bestaat, en de mate van verwevenheid van de conflicterende bestaande opvatting in de geest met het geheel van opvattingen. Ook is het sterk afhankelijk van de manier en de snelheid waarmee de conflicterende observatie of werkelijkheid zich aan het slachtoffer opdringt - hoe sneller en hoe onverwachter, hoe groter de schok Een in filosofische kringen bekend voorbeeld van cognitieve dissonantie en defensie is de uitspraak van Friedrich Hegel, die bijvoorbeeld de opvatting huldigde dat op grond van goddelijke symmetrieën en dergelijke er zeven planeten moesten bestaan, het toenmalig bekende aantal. Tijdens een lezing riep iemand uit het publiek: "Uw beweringen zijn in strijd met de feiten!" Hegel's antwoord: "Des te erger voor de feiten!" Als mensen zaken die niet kloppen met de werkelijkheid opnemen in hun geest als waar, is er ook sprake van cognitieve dissonantie, hoewel dat dan dus niet gepaard gaat met een schok - men kan dit geïnternaliseerde cognitieve dissonantie noemen. Het gevolg is dan meestal of een vaag gevoel van onrust dat kan leiden tot andere geestelijke ongemakken, en het maken van diverse redenatiefouten Hoewel de term normaliter anders gebruikt wordt, kan cognitieve therapie Cognitieve psychopathie Cognitieve psychopathie is het extreme eindproduct van van wat in het begin een onschuldige kwaal lijkt: de werkelijkheid weerspreken, oftewel: liegen, en het onderhouden van contradictoire ideeën en dit allemaal uiten. Als dit wat erger wordt, ontstaan er al snel diverse cognitieve ziektes
Zijnde van links naar rechts huidig (schrijvende maart 2013) huidig premier Mark Rutte, de politieke aanvoerder van het neoliberalisme, minister van Wonen Stef Blok die huurders voor de villasubsidies laten betalen, en werkgeversvoorzitter Bernard Wientjes, die al een decennium of meer de lonen van de lagerbetaalden omlaag wil zodat die van de hogerbetaalden omhoog kunnen. Verdere voorbeelden van cognitieve psychopathie staan hier Verder is er ook nog de sociologische vorm van cognitieve psychopathie: culturele psychopathie Cognitieve therapie Methode om contraproductieve emoties en gedragingen te verhelpen met behulp van op kennis, verstand, of rationele overwegingen gebaseerde argumenten, voorgehouden door middel van woorden aan het slachtoffer van die contraproductieve emoties of gedragingen. Het wordt vaak gecombineerd met gedragstherapie Cognitieve ziekte Het begrip "cognitieve therapie"
En in principe werkt dit dan ook de andere kant op: als cognitieve processen
meer andere meer basale psychologische verschijnselen kunnen verhelpen, dan kunnen
cognitieve processen, de "zieke" varianten, ook meer basale
psychologische problemen veroorzaken. Deze relatie is niet alleen logisch, maar vindt ook een onderbouwing in de neurologie. In Hersenstam, overzicht
De methodiek van de traditionele cognitieve therapie,
bijvoorbeeld voor zoiets als hypochondrie, waarvandaan de illustratie
rechts stamt, is een recenter alternatief voor het oudere toedienen van
medicijnen, zoals de psychiater rechts doet, en dat dus werkt door het toedienen
van woorden, taal, en de daarin verwerkte gedachten - van cognitieve processen. Woorden en taal van de therapeut die de "patiënt" zich eigen maakt, in
zijn hoofd herhaalt in de vorm van zijn gedachten, en op die manier deels zelf zorgt voor de
genezing. En daarin is cognitieve therapie effectief gebleken
Voor de behandeling van cognitieve ziekte is cognitieve therapie dus als vanzelfsprekend de methode van eerste keuze. Direct vergelijkbaar met het fysiologische geval: ziektes veroorzaakt door kleine beestjes in je lichaam (bacteriën) bestrijdt het lichaam door middel van andere kleine beestjes: afweercellen. En om dit weer om te keren: de cognitieve ziekte ontstaat dus vermoedelijk eveneens door taal. Taal die van buiten kan komen, maar dan toch in ieder geval door de "zieke" in zijn hoofd herhaald wordt als gedachten. Maar die gedachten kunnen ook in het hoofd van de patiënt zelf ontstaan zijn, bijvoorbeeld als gevolg van foute conclusies uit andere taal van buiten. Of gewoon aanleg voor foute gedachtes. Het eerste signaleren van cognitieve ziekte is eigenlijk eenvoudig, net als bij fysiologische. Waar bij bacteriële besmetting het eerste simpele symptoom dat van koorts is, is bij de cognitieve ziektes het eerste symptoom net zo simpel: de betrokkenen slaan wartaal uit. En niettegenstaande wat velen daarover beweren, zijn er duidelijke criteria voor wat wartaal is: dat is taal waarvan de uitspraken niet kloppen met de werkelijkheid, en taal waarvan de uitspraken elkaar tegenspreken. En beide gevallen zijn ook weer simpel uit te leggen: het eerste is dat van "Daar rijdt een blauwe takelwagen" als er een rode brandweerauto voorbijrijdt, en de tweede is nog simpeler: Je zegt, wijzend op hetzelfde ding, eerst: "Dat is een blauwe takelwagen", en daarna: "Dat is een rode brandweerauto". Deze twee klassen van wartaal hebben een sterk verschillende status: de eerste kan bediscussieerd worden, te begeleiden met nader onderzoek naar wat de twee uitspraken nu eigenlijk zeggen - misschien klopt de gebruikelijk gehanteerde definitie van "rode brandweerauto" wel niet - of de door de spreker gehanteerd termen van blauw en takelwagen hebben ergens een overlap met "rood" en "brandweerauto". De tweede klasse van wartaal, contradictie, is altijd fout. Wat het "Dat" in de combinatie in feite ook is: de combinatie is altijd fout (of beter: zodanig vaak dat "altijd" dit het beste afkort). Met met sterk onderschatte maar verstrekkende gevolgen. De verstrekkendheid van die gevolgen kan ingeschat worden door gebruik van analogie - analogieën uit de logica en aanverwante, want contradictie is een logisch probleem. Wat begint met een intuïtief vermoeden, zijnde dat alle vormen van tegenspraak uiteindelijk te herleiden zijn tot de fundamentele tegenspraak A = niet-A (of x = -x of iets dergelijks). En voer je het equivalent van x = -x in in een computer, en dan "gaat hij plat" - of als hij wat slimmer is, voorkomt hij dat invoeren onder de vermelding: "Poging tot delen door nul", een verbalisatie van: "Je probeert iets oneindig te maken" of "Je probeert iets oneindig keer te herhalen". Dat is ook wat er met de lijder aan de cognitieve ziekte van tegenspraak zou gebeuren, als hij maar lang genoeg doorgaat: "hij gaat plat", dat wil zeggen: zijn cognitieve systeem gaat plat. Het verbale en psychologische equivalent hiervan is: "Jezelf middels een steeds nauwer wordend cirkeltje in de put praten". Die "put" is het oneindig kleine punt dat in het centrum ligt van een voortdurend steeds nauwer worden cirkeltje - het omgekeerde cirkeltje van dat in de illustratie van cognitieve therapie. Talloze psychologische kwalen maken gebruik van dit beeld van "in een negatieve spiraal raken", ook wel afgekort als "valkuil" Voor het geval van de cognitieve contradictie is het ontstaan van die cirkel makkelijk voor te stellen, als je er even vanuit gaat dat het systeem zodanig werkt dat uitspraken één voor één gecontroleerd worden: de eerste uitspraak, "Dat is een blauwe takelwagen", wordt opgehaald voor controle - "controle" wil zeggen: vergelijking met het beeld van de rest van de wereld. Tot dat beeld hoort aangaande "Dat" ook de uitspraak "Dat is een rode brandweerauto". En dus is er iets mis met de combinatie van die twee. Dan gaat het systeem vervolgens die tweede, "Dat is een rode brandweerauto", controleren. Weer wordt alle relevante informatie over "Dat" opgehaald, en nu komt "Dat is een blauwe takelwagen" als alternatief te voorschijn. En weer klopt het niet. Dus gaat het systeem "Dat is een blauwe takelwagen" controleren ... Waarna we weer terug zijn bij "af". De cirkel is gesloten. Het proces stopt niet. De computer gaat plat Maar net als een computer al heel lange tijd deelsystemen ingebouwd heeft om dit te voorkomen, heeft de natuur natuurlijk deelsystemen ingebouwd (hersenen werken sterk modulair) om het platgaan te voorkomen. Daarvoor is al een vanuit andere invalshoeken bekend proces voor handen: "compartimentalisatie" Waarop nog een tweede potentiële cirkel om de hoek komt kijken. Het ontstaan van compartimentalisatie van de betrokken hersenmodule vermindert de effectiviteit van de hersenen als geheel. Wat op zich ook weer een oorzaak van spanningen is. Als bovendien de signalen van buiten die de vaststaande regels tegenspreken aanhouden, ontstaat een toenemende hoeveelheid spanningen, een toenemende behoeft aan compartimentalisatie, enzovoort, en als op een gegeven moment de spanning ten gevolge van de compartimentalisatie zelf genoeg extra spanning opwekt, is er sprake van een meegekoppeld kringproces. Het kleine gelokaliseerd probleem is een probleem van de hele hersenen geworden. Dit is dan het moment van het ontstaan van ernstigere psychologische kwalen, en komen behandelingen middels medicijnen om de hoek kijken, om de door het uit de hand gelopen kringproces uit de hand gelopen hoeveelheid neurotransmitters weer binnen normale waardes te krijgen. Deze beschrijving laat al zien dat cognitieve ziektes niet zeldzaam zijn. Ze zijn het (veel) matigere en (veel) meer voorkomende geval van op zich al niet erg zeldzame ernstigere kwalen (in de jaren 2010 slikt 10 procent van de bevolking anti-depressiva). Die zeer veel voorkomende lichte tot middelzware cognitieve kwalen, meestal te herleiden tot contradictie, vallen niet op omdat de meeste vormen van contradictie ingekleed zijn - verhuld door woordgebruik. Zo zijn de uitspraken "Allochtone immigranten zijn zielig en verdienen onze steun" en alle uitspraken en beleid dat hierop gebaseerd is, en "De allochtone culturen zijn gelijkwaardig aan de Nederlandse en Nederlanders moeten een deel van de allochtone culturen overnemen" en alle uitspraken en beleid dat hierop gebaseerd is evenzeer in strijd met elkaar als A en niet-A - er worden slechts meer woorden gebruikt (eerste stap: vertaal "onze steun" in "speciale behandeling" - enzovoort). In de ideologie van het multiculturalisme zitten beide uitspraken inbesloten, en het multiculturalisme zelf is dus een tegenspraak. En aan deze tegenspraak wordt geleden door het overgrote deel van de politieke, bestuurlijke, intellectuele en kunstzinnige elite, ongeveer de bovenste derde van de maatschappij. Met dit als voorbeeld kan een inventarisatie gemaakt worden van cognitieve ziektes en hun voorkomen. Als eerste heb je de twee klassen van "religie" en "ideologie". Het benoemen van religie als cognitieve ziekte is niet origineel, het meest gelijkende zijnde de formulering van Richard Dawkins als zijnde een "meme" Maar omdat de ideoloog verkeert in een omgeving waar in de praktijk ook altijd ideologen van een andere soort rondwaren dan de zijne, en zelfs niet-ideologen, zal er altijd op één of andere manier discussie ontstaan over de uitspraken van de ideoloog - bijvoorbeeld als de ideoloog zijn regels wil opleggen aan anderen. In welke discussies de ideoloog, ten einde zijn niet met de werkelijkheid overkomende uitspraken te verantwoorden, vrijwel altijd een grote hoeveelheid tegenstrijdige uitspraken produceert. Zoals "Als jij een rode takelwagen zit terwijl het zeker is dat deze blauw is, moet rood wel gelijk zijn aan blauw".
Dit is zeer concreet aangetoond voor het geval van religie. Experimenten aan het
basale optische waarnemingsproces, door proefpersonen uit letters samengestelde letters te
laten lezen, zie de illustratie rechts, tonen aan de religieuzen dezelfde
verschijnselen vertonen als proefpersonen die lijden aan verstoorde communicatie
tussen de hersenhelften
Religie heeft als hoofdklasse van "cognitieve ziekte" in principe vele onderklassen, maar dat onderscheid is qua therapie weinig belangrijk: vrijwel alle vormen van religie zijn grotendeels onbehandelbaar - voor een groot deel veroorzaakt door het feit dat religie aangeleerd wordt op (zeer) vroege leeftijd. De enig bekende "therapie" is langdurige blootstelling aan een geestelijk gezondere omgeving, waarna de betrokkene aan een periode van zelftherapie moet doen, die veel inspanning en gemiddeld rond de vijf jaar vereist De tweede hoofdklasse van cognitieve ziekte is "ideologie". Ook dit heeft vele onderklassen, zijnde zaken als "socialisme" en "kapitalisme", maar ook "politieke correctheid" en "multiculturalisme". Die zijn wat beter behandelbaar dan religie, omdat de basisregels meestal pas op latere leeftijd worden opgenomen dan religie. Terwijl religie dus vrijwel altijd wordt doorgegeven binnen gezin en familie, is ideologie voor haar voorplanting afhankelijk van andere methodes. Ook die komen in een aantal categorieën, met als voornaamste verleiding, propaganda en leugen. Aan de leugen gaat ook meestal de eerste twee vooraf, omdat een leugen zonder voorbereiding nogal ostentatief is. De voornaamste methoden gehanteerd ter verleiding en propaganda zijn retorica en retorische trucs. Retorica is het in mooie taal kleden van een inhoudelijke boodschap. Bij retorische trucs gaat dit gepaard met de vele vormen van misleiding. Die retorische trucs zijn de ziekteoverbrengers en de ziektemakers van de cognitieve ziekte - in fysiologische termen de pathogenen. In dit geval dus verbale of geestelijke pathogenen. Dit zijn de cognitieve ziektes die zich lenen voor cognitieve therapie. Zoals de vele vormen van cognitieve ziekte twee gemeenschappelijke basisoorzaken hebben, foute waarneming en contradictie, heeft de therapie ervan slechts eentje. Het basisprincipe achter vrijwel alle vormen van cognitieve therapie is hetzelfde, en in principe simpel: vraag om de inhoud van de boodschap, en confronteer deze met de werkelijkheid. Het basisprincipe van de therapie is dus simpel, maar de werkelijkheid ervan is ingewikkeld: als de behandeling van confrontatie met de werkelijkheid zo simpel zou werken, zouden de meest cognitieve ziektes al genezen zijn door de automatische confrontatie met de werkelijkheid door het leven in de werkelijkheid. Maar bekend is bijvoorbeeld het argument gehanteerd door gelovigen: "Juist de ervaring van het anders-zijn van de werkelijkheid, maakt mijn geloof sterker". De cognitieve ziekte heeft dus een ingebouwd afweermechanisme, dat bijvoorbeeld de al genoemde compartimentalisatie kan zijn. De therapie, of doodgewoon de discussie over zijn standpunten met een ideoloog, kan in principe leiden tot drie soorten reactie: een gedeeltelijke of hele erkenning, een gedeeltelijk of hele ontkenning, of het negeren van de reactie, door stilzwijgen of op een ander onderwerp over te gaan. Het gedeeltelijk of zelfs geheel erkennen van de contradictie blijkt in de praktijk dus uiterst zeldzaam. De reden daarvan is dat als iemand genegen is zijn contradicties te herzien, hij niet leidt aan contradicties van de opvallende soort - hij heeft ze al herzien. Letterlijk negeren is een minderheidsreactie - in discussies vergt het zelfbeheersing, en daarvoor is de spanning meestal te hoog. Bij daadwerkelijke therapie is het niet zinvol - bovendien wordt het negeren tijdens therapie wordt door iedere therapeut gebruikt als signaal voor het belang ervan. Overblijvend en het meestvoorkomend zijn de diverse vormen van ontkenning, die tevens meestal gepaard gaan met uitingen van de spanningen die de contradicties in de geest van de cognitief hebben opgeroepen, in discussies tezamen te omschrijven als "scheldpartijen". Dit is pure praktijkervaring, en op ieder gewenst moment te bewijzen door reactiefora bij krantensites of weblogs te lezen. Daarbij worden de aanhangers van ideologieën als politieke-correctheid, multiculturalisme, en Europeanisme talloze retorische trucs gehanteerd, met als meest populaire die van het Ad hominem. Ook reguliere media en bestuurders en waarnemers doen hier aan mee, door bijvoorbeeld het gebruik van termen als "populist" en "populisme". Om heel precies te zijn: de meeste vormen van cognitieve ziekte bestaan nog omdat het openbare deel van de maatschappij, bestuur, media enzovoort, er aan lijdt of er ook aan lijdt. Dit maakt behandeling ervan moeilijk tot schier onmogelijk, naderende aan die van religie. Van dit laatste en van het hele probleem van cognitieve ziekte wordt een uitstekende illustratie gegeven door de meest recente en meest actuele vorm van ideologie, zijnde die van het al genoemde multiculturalisme. Dat begon als reactie op de eerste verschijnselen van allochtone achterstand, met als archetypisch voorbeeld de toestanden in de Rotterdamse Afrikaanderwijk Op een gegeven moment kwam er de eerste klokkenluider, die wees op daadwerkelijk in de maatschappij optredende achterstanden. Maar multiculturalisme is een krachtige cognitieve ziekte, die haar eigen afweermechanismen heeft - dus gelijkend op de fysiologische variant genaamd "kanker". Dat afweermechanisme bestond uit boycot en gevangenisstraf, zie Hetze, Janmaat Daarop kwam er een tweede klokkenluider Pim Fortuyn Fortuyn werd vermoord, maar er kwam een derde klokkenluider Geert Wilders. Ook nu verviel men in sterke verbale reacties, zoals deze kreet van Maarten van Rossem, historicus (Joop.nl, 24-11-2010 Nu worden dit soort uitspraken, die redelijk opzichtig tot contradicties leiden, gedaan door als intelligent geziene mensen. Maarten van Rossem is hoogleraar geschiedenis (inmiddels met emeritaat), en andere soortgelijke uitspraken zijn gedaan door de hooggeachte filosoof Rob Riemen en een stel hoogleraren in Tilburg. En in het kader van het proces tegen Geert Wilders zijn ook veel contradictoire uitlatingen gedaan door vele hooggeleerde heren. Uitlatingen die ze in een andere context niet zouden doen. Hier is duidelijk sprake van een verschijnselen van cognitieve ziekte van de tweede soort. De betrokkenen worden geconfronteerd met zaken en uitspraken die niet overeenkomen met het vaststaande regels - in dit geval: "Allochtone culturen en immigranten zijn gelijkwaardig". Daarop beginnen ze eerst in hun rationele geest begrippen en woorden te formuleren die de werkelijkheid weerspreken - die een contradictie vormen. Die contradictie veroorzaakt de eerste spanningen, op een lager niveau, en het al beschreven proces treedt in werking. De betrokkene heeft geen idee meer van de echte waarde van zijn uitspraken, en slaat wartaal uit. Zoals Maarten van Rossen, Rob Riemen, enzovoort. Die niet herkent wordt als wartaal door anderen die aan dezelfde kwaal leiden. En dat kan zelfs een meerderheid van de (relevante) mensengroep zijn. Hetgeen vaak het geval is voor cognitieve ziektes ten gevolgen van religie en ideologie. Voor een uitgebreide verzameling van dit soort wartaal en contradicties in diverse verhullingen, zie hier Dit is dus de manier waarop het foute gebruik van taal of het verkeerde gebruik van de rationele hersenen, de cortex, een neurologische kwaal veroorzaakt: compartimentalisatie. Voor de meer extreme gevallen kan dat zeer gelokaliseerde en zeer fysiologisch uitziende kwalen veroorzaken, zoals de uitval van de functie van een enkele hand Nu de behandeling van deze kwalen - deze cognitieve ziektes. Het antwoord daarop is al ingesloten in de manier waarop je laat zien dat de uitspraak van Van Rossen een contradictie bevat: concentreer je op de inhoud van het gesprokene, de taal, zowel de expliciete als de geïmpliceerde inhoud, en wijs op de werkelijkheid met betrekking tot die inhoud Maar hoewel dit simpel lijkt, is de praktijk voor velen vaak anders, omdat veel van de ideologen die via media en dergelijke tot eenieder komen, een hogere opleiding hebben genoten en taalvaardig zijn, en abstracte en los van de werkelijkheid staande maar schijnbaar betekenisvolle theoretische woorden en terminologie gebruiken - zoals "tolerantie" en "vrijheid van godsdienst". Daarvoor is het volgende, meer universele, recept handig: geloof iemand die retorisch trucs gebruikt per definitie niet, tenzij je zelf het tegendeel kan bewijzen. En, als praktische tip: zoek de andere kant of partij genoemd in een bewering, en spiegel de de bewering . Dus zoek in
de bewering "De proto-criminelen van de PVV" eerst de andere kant - omdat
de PVV ageert tegen de islam, is de andere kant die van de islam of de moslims.
En spiegel de bewering "De proto-criminelen van de PVV" tot "De proto-criminelen
van de islam" of "De proto-criminelen van de moslims". Dan blijkt in dit
geval (maar ook in de meeste andere) in één oogopslag dat de oorspronkelijke
bewering niet deugt. Het verspreiden van de boodschap "De proto-criminelen van de PVV" is de cognitieve pathogeen van de cognitieve ziekte genaamd "multiculturalisme". Het verspreiden van de boodschap "De proto-criminelen van de islam" is de cognitieve "afweercel" uitgezonden door de cognitieve therapie. Voor het verder toepassen en uitwerken van de hier beschreven cognitieve therapie staan er op deze website onder andere een verzameling retorische trucs met uitleg en voorbeelden Compartimentalisatie Uit de ervaringen van mensen met gelokaliseerde hersenbeschadigingen, zoals bijvoorbeeld gerapporteerd door Oliver Sacks Waar hersenbeschadigingen een mechanische vorm van een onderbreking van die samenwerking zijn, zijn er ook bio-chemische en geestelijke oorzaken, die zich voordoen in de vorm van allerlei geestelijke ziekten als schizofrenie. Schizofrenie is de ernstige versie van een algemeen geestelijke conditie, waarvan de minder ernstige varianten worden hier compartimentalisatie genoemd: het verschijnsel dat de uitkomsten van een gedachten proces, een module, worden genegeerd door andere. Het meest voorkomende maar nooit als zodanig benoemde voorbeeld is de negeren door het "ik" van de uitkomsten van de ratio Volgens het psycho-fysische parallellisme moet er voor compartimentalisatie ook een materieel proces zijn. Dat is neurologische inhibitie Het tegenovergestelde van compartimentalisatie is integratie. Het proces van integratie ligt waarschijnlijk ten grondslag aan een flink deel van de creativiteit. Het werkt in de mens een gevoel van plezier en geluk op, en is vermoedelijk een van constructiefste processen in de geest Compartimentalisatie als probleem is vermoedelijk een extremen vorm van een normaal proces van scheiding tussen hersenonderdelen, gewenst om taken apart te kunnen uitvoeren. Dit wordt ondersteund door de hersenontwikkeling van een kind. Jonge hersenen hebben ten opzichte van volwassen exemplaren niet minder, maar juist een overdaad aan verbindingen, welke door het proces van opgroeien en leren voor een deel verdwijnen. Dit klopt tevensmet de relatie gelegd met creativiteit - dat wordt ook voor een deel ervaren als "denken als een kind", dat wil zeggen: met meer verbindingen. De normale sociologische versie van compartimentalisatie is groepsvorming - de meer extreme vormen zijn zaken als "taboe" Conformisme Conformisme, de neiging te gaan doen en denken als andere mensen, is een proces dat vrijwel precies op het midden van psychologie en sociologie ligt - daarom wordt het vermeld zowel hier als bij sociologische krachten. Het kan gezien worden als een evolutionair vervolg op zwerm- en kuddegedrag, waarbij er simpele regels gevolgd worden: vlieg jij naar rechts, dan vlieg ik ook naar rechts - en de hele zwerm vogels draait die kant op. Waaruit meteen een andere regel kan worden afgeleid: naarmate de groep die iets gezamenlijk doet groter is, zijn de regels van het conformisme simpeler. In de mensengroep komt conformisme op meerdere niveaus voor. Van de oude variant in massamenigtes bij stadions en festivals, tot meer specifieke in vergaderingen in groepen die groter zijn dan drie à vijf personen - en ook in zulke kleine groepen kan conformisme optreden, indien er duidelijke machts- Waar in de oudere vormen het verschijnsel vrijwel altijd een positieve invloed heeft (daar zorgt de evolutie wel voor)., is dat bij de recentere menselijke varianten minder het geval (de evolutie heeft zijn kans nog niet gekregen). De reden daarvan is dat conformisme een drift is van het autonome of emotionele deel van de hersenen, terwijl de meeste huidige beslissingen te nemen door de mensheid beter af zijn met een beslissing door de rationele geest - de reden dat die rationele geest is ontstaan. Het is dus een geval van de afweging of strijd tusclassre denksystemen, zie de uitgebreide behandeling daarvan in Beslissingen
Creativiteit
Gedragstherapie wordt tegenwoordig meestal toegepast in een combinatie met het aanspreken van rationele argumenten, als cognitieve gedragstherapie, ook wel afgekort als cognitieve therapie Geldverslaving De verlangen naar geld kan in eerste instantie verklaard worden doordat geld tegenwoordig staat voor materiële goederen, dus ook de goederen die van belang zijn voor een fatsoenlijk leven. Het verlangen wordt een verslaving, zodra het verlangen blijft bestaan als aan deze eerste behoefte is voldaan. het verlangen staat dan los van de materie, en kan oneindig doorgaan, wat in de praktijk ook heel vak het geval is: mensen die al miljoenen hebben nemen risico's en doen enorme inspanningen, om nog meer te verwerven. Het genot zit dat meestal niet meer in de goederen waar het geld voor staat of kan staan, maar aan het geld zelf, of de bijbehorende status of macht. Dat laatste is meestal onontwarbaar met het eerste verbonden. dat het een echte verslaving is, blijkt ook uit het feit dat het door gaat ondanks het meestal wel aanwezige besef dat het schade doet aan de eigen geest, en materiële schade aan anderen. Een voorbeeld is dat van de belastingmoraal, in sociologische termen uitgewerkt hier Geloof Het woord geloof heeft meerdere betekenissen. Nu hebben alle woorden dat, maar dat dit hier zo staat, betekent dat die betekenissen in dit geval nogal uiteenlopen en/of elkaar storen. Het meest algemene "geloof", qua betekenis, staat voor het feit dat je in het leven oneindig veel meer aanneemt dan dat je het zelf kan bewijzen of de bewijzen van anderen controleren. "Zijn er mensen naar de maan geweest?". Hiervoor is moeilijk sluitend bewijs te vinden, omdat het er uiteindelijk op neer komt dat het meest sluitende bewijs: die stenen die ze meegnomen hebben, ook vervalst kunnen zijn, en je dus eerst de wetenschap van de geologie moet gaan bestuderen om zeker te zijn. Voldoende zeker. In dit soort situaties is het meestal beter om af te gaan op een ander proces dat onder "geloof" in algemene zin valt: intuïtie. Intuïtie levert ook een vorm van "kennis"of "weten" die niet gebaseerd is op directe waarnemingen. Maar afkomstig is van onbewuste denkprocessen. In het geval van de maanreizen zou die intuïtie als volgt verwoord kunnen worden "Het kost meer moeite om al die op zich dubieuze bewijzen voor maanreizen te fabriceren, plus het omkopen van een enorme massa mensen, dan het is om de reis daadwerkelijk te ondernemen". Kortom: mensen geloven altijd. In deze betekenis van het woord. De tweede betekenis is de meest algemeen gebruikte, en dat is als synoniem voor "religie". Het verschil tussen geloof in de eerste zin en geloof in de tweede ligt besloten in dat het eerste uit te drukken is in "Ik geloof dat de maan van steen is", en de tweede in "Ik geloof dat de maan van groene kaas is". Nu is het geloof dat de maan van groene kaas is ook ooit eens begonnen als een soort van geloof dat de maan van steen is, namelijk in tijden dat de kennis van de werking van de natuur dusdanig dunnetjes was, dat de gelijkenis met kaas logischer was dan die met steen. De maan heeft tenslotte een licht-gelige/groenige kleur, en dat lijkt meer op kaas dan op steen. En kaas is ook vaak rond, en steen veel minder. Met dat laatste is ook meteen het verschil tussen de twee soorten geloof te illustreren. Want het geloof dat de maan van groene kaas is bestaat nog steeds, omdat het vastgelegd is in regeltjes. het geloof dat de maan van steen is, si dat niet. Als er over tien jaar weer mensen op de maan staan, en die ontdekken dat de maan van beton is, en geconstrueerd door buitenaardse wezens om ons een plezierige nacht te bezorgen, dan is vanaf dat moment de maan een buitenaardse constructie bedoeld om ons een plezierige nacht te bezorgen. Dan gaan we niet nog eens 8000 jaar geloven dat de maan van steen is. Helaas is dat "we" in voorgaande alinea bedoeld voor een beperkte groep mensen, namelijk diegenen die er geen geloof in de vorm van religie op nahouden. Op de hedendaagse aarde een kleine minderheid. Het feit dát er mensen op de maan hebben gestaan, bewijst dat die gelovige minderheid er eigenlijk betrekkelijk weinig toe doet, behalve dat ze een potentieel gevaar zijn voor de niet-gelovige minderheid. De hardnekkigheid van geloof in de vorm van religie laat zien dat de behoefte van de mensheid zijn cirkel van niet-begrijpen en niet-bewijsbaarheden terug te dringen groot is. Die behoefte leidt ertoe dat een groot deel van degenen die afvallen van geloof in de vorm van religie, overgaan op geloof in de vorm van ideologie Genot De meest algemene naam voor allerlei vormen van beleving als plezier, vreugde enzovoort. Emotie door de natuur ontwikkeld om het individu te stimuleren tot bepaald gedrag. Belangrijkste voorbeeld is het genot verbonden met seks, ten einde het individu te stimuleren tot voortplanting. Voortplanting is namelijk helemaal niet van groot belang voor het individu, zeker niet voor de moeder, omdat het zeer veel lichamelijke bronnen kost. Maar voor het voortbestaan van de soort is het essentieel, vandaar dat het gebrek aan individuele belang gecompenseerd moet worden met een grote hoeveelheid genot . Geur Geur is één van de fundamentele zintuigwaarnemingen, en behoort qua indeling in de drie lagen Het verband tussen geur en emoties is al heel lang bekend Geweten "Geweten" is een algemene en nogal abstracte term die door zijn algemeenheid veel aanleiding geeft tot misbruik, zoals blijkt uit een uitspraak van de Duitse filosoof Schopenhauer Er bestaat vermoedelijk ook een echt geweten, dat samenhangt met het feit dat de mens een groepsdier is - we mogen aannemen dat roofdieren geen geweten hebben. Een mogelijke formulering is: "Het besef nodeloos kwaad te doen of te kunnen doen aan anderen". Of een definitie die opkwam bij het lezen van een artikel over het gevangenendilemma Bij groepsdieren, zoals de mens is, is het hebben van een geweten ten opzichte van de eigen soort vermoedelijk in hoge mate aangeboren - het niet-hebben ervan wordt geclassificeerd onder de ergste vormen van psychologische afwijking, in het algemene taalgebruik aangeduid als psychopathie De manier waarop de beperkingen van het geweten tot stand komen kunnen verschillen. Er zijn aangeboren varianten, cultureel verworven varianten, en cognitieve varianten. Deze verschillen in het tijdstip waarop ze in de geest ingebracht worden: aangeboren vooraf, cultureel in de eerste levensjaren, en cognitief na het volwassen worden. Het is duidelijk dat de variant van Afrikaanse leiders voornamelijk bestaat uit de culturele en mogelijk ook ingeboren variant (Afrikanen die al generaties lang niet in Afrika geboren zijn, lijden er ook nog aan). Bij westerse leiders gaat het meer om de cognitieve variant - de oorspronkelijke Noordwest-Europese culturen hadden een relatief egalitair leiderschap. De aangeboren variant is vermoedelijk onbehandelbaar - er kan vermoedelijk alleen iets bereikt worden met de symptomen. De culturele variant vereist isolatie van oorspronkelijke cultuur, en is dus ook een bijzonder moeilijke zaak. Hetgeen ook nog eens blijkt uit de situatie rond de cognitieve variant, die ook al in de praktijk een moeilijk geval blijkt te zijn. Voor de behandeling van de cognitieve variant, ook wel te benoemen als cognitieve psychopathie In de rubriek "religie" gaat het, vanuit de westerse cultuur kijkende, om de drie monotheïstische godsdiensten De islamitische godsdienst kent een aantal verschillen met de judaïstische, maar het idee van de superioriteit van haar aanhangers overgenomen. De derde godsdienst, het christendom, is een voortzetting van de judaïstische in vel;e opzichten, maar een sterke afwijking in het hier relevante, in dat er sterk wordt opgekomen voor de zwakke medemens, en het idee van religieuze superioriteit sterk afgezwakt is. Het idee als gelovige superieur te zijn aan anderen houdt automatisch het idee in dat de belangen van jou als gelovige superieur zijn aan de belangen van andere. En daarmee zijn het judaïsme en de islam factoren die bijdragen aan een verzwakking van het geweten ten opzichte van niet-gelovigen Voor ideologie En als derde hoofdgroep zijn daar de aanhangers van "eigenbelang". Nu zit in ieder individu een vorm van eigenbelang ingebakken, maar hier gaat het om die vormen die het eigenbelang stellen boven alle andere, inclusief de belangen van de groep. Deze groep is in de westerse cultuur sterk in opkomst sinds de jaren tachtig, onder de noemer "neoliberalisme", dat vroeger was "kapitalisme" oftewel de dominantie door het geld, en dat sociaal gezien gekenmerkt wordt door de houdingen "Ikke, ikke, ikke en de rest kan stikke", "Het recht van de sterkste", en "Winner takes all".. Onder de theoretici en aanvoerders van het neoliberalisme, vooral de financiële kant ervan, bevinden zich veel mensen uit de groep die op grond van religie al te maken hadden met een verzwakking van het geweten: het judaïsme. Het neoliberalisme kan in dit opzicht ook wel gezien worden als een seculiere voortzetting van het judaïsme . Ook het
neoliberalisme heeft natuurlijk trekken van een ideologie, met name wat betreft
de houding van "Het recht van de sterkste". Dat wordt als idee ontleend aan "De
wetten van de natuur", en als absoute waarheid een ideologie.Voor al deze oorzaken van een verzwakt geweten geldt dat er twee manieren zijn waarop het getoonde gebrek aan geweten tot stand kan komen: het geweten zelf is zwakker geworden, of het geweten blijft hetzelfde maar wordt geblokkeerd door andere processen - datgene wat hier compartimentalisatie Samenvattend: Geweten is het maken en bijhouden van een verlies- en winstrekening van daden ten gunste en ten nadele van andere leden van de sociale groep. Gebrek aan geweten wordt mede veroorzaakt door het beperken van de groep en door superioriteitsdenken. En de belangrijkste oorzaken daarvan zijn religie, ideologie en absoluut-eigenbelang. Gezond verstand Gezond verstand is hoogstwaarschijnlijk een combinatie van ervaringen en vele denkprocessen, een aantal waarvan beschreven zijnde hier Een bijzondere eigenschap van gezond verstand is dat vrijwel iedereen denkt dat hij er genoeg van heeft, terwijl betrekkelijk weinig mensen dat hebben Vermoedelijk vindt het proces erachter voor een (over)groot deel plaats in die delen van de hersenen die niet direct deelnemen aan of toegankelijk zijn voor het bewustzijn, hetgeen blijkt uit het feit dat de resultaten zich vaak plotseling opdringen en moeilijk onder redenaties te vatten, welk geval men ze vaak gewoonlijk aanduidt met de term intuïtie Een vermoedelijke essentieel (tussen)resultaat van het gezond verstand is het kunnen inzien welke factoren voor een specifieke situatie van belang zijn, en het geven van een relatief belang aan die factoren. Een tweede vermoedelijk essentiële factor is het leren van ervaringen. Daarvan bestaat er verschillend lagen, omdat het leren in de kindertijd natuurlijk ook voor een essentieel deel het leren van ervaringen is, wat duidelijk ook op hiërarchische wijze gebeurd: bepaalde geleerde ervaringen zijn nodig om aan andere leerprocessen te kunnen beginnen. De regels voor dit soort processen lijken natuurlijk in hoge mate op, of zijn dezelfde als, de regels voor het meest bekende (bewuste) leerproces van de mensheid: de wetenschap Gezond verstand is dus niet hetzelfde als het kunnen oplossen van abstracte, formele, problemen zoals de meetkundige, rekenkundige en dergelijke testjes die deel uitmaken van de standaard intelligentietests. Het is een ervaringsfeit dat mensen die extra hoog scoren op deze schaal eerder lager dan hoger scoren op de schaal van gezond verstand dan het gemiddelde, leidende tot het geval van "intellectueel neuroticisme" Gezond verstand als begrip moet waarschijnlijk gerangschikt worden naast het rationele denken en het emotionele denken als één van de drie basisfactoren van menselijke capaciteiten - zoals voor die andere twee al een IQ-test en meer recent een EQ-test bestaan, lijkt ook een GQ-test zeer wenselijk. De relatieve verhoudingen van de scores op deze drie schalen bepalen vermoedelijk in aanzienlijke mate de waargenomen evenwichtigheid en stabiliteit van het karakter. Scores die, zeg, binnen 20 procent van elkaar liggen, bijvoorbeeld 110-120-130, staan voor evenwichtigheid - iets als 100-130-140 is rekenkundig wel hoger, maar minder evenwichtig en daarom misschien wel minder effectief - voor de situatie dat de IQ-score aanzienlijk hoger is dan de GQ-score leidende tot al genoemde "intellectueel neuroticisme" Een bijzonder geval van dit laatste betreft alle aanhangers van religie of andere vormen van ideologie. Religie en ideologie hebben vaststaande regels omtrent in principe het hele leven, dus ook alle specifiekere zaken, en die regels zijn volstrekt willekeurig. Dat betekent dat bij het vaststellen van de factoren die van belang zijn in een specifieke situatie, de religieus of ideoloog factoren kiest die in het geheel niet van belang zijn. Te illustreren met de aanpak van droogte - de aanpak van de religieus luidt: "De oplossing van droogte is bidden tot God" - de aanpak van iemand met gezond verstand luidt: "De oplossing van droogte is aanleggen van irrigatie". Religie en ideologie zijn dus letterlijk het tegenovergestelde van gezond verstand - het laatste zoekt de prioriteiten in oorzaken en regels op grond van wat werkt, het eerste wijst deze aanpak expliciet af. In deze zin zijn religie en ideologie in het algemeen min of meer ernstige vormen van geestesafwijkingen Gezond verstand is, als er al een volgorde is aan te wijzen, misschien de belangrijkste van de drie basisfactoren, en zoals we gezien hebben, is het vermoedelijk, vooral in de hogere regionen van de maatschappij, helaas ook de zwakste. Maar het positieve nieuws is dat gezond verstand van de drie factoren waarschijnlijk degene is die, gezien de essentiële rol van ervaring, het makkelijkst is te verbeteren - suggesties daarvoor staan hier Glijdende schaal Uit de sociologie is bekend dat alle eigenschappen voorkomen volgende normale verdeling, dat wil zeggen: er is een gemiddelde, de meeste mensen zitten in de buurt van het gemiddelde, en naarmate men verder van het gemiddelde is, zijn er minder mensen met die eigenschap: er zijn heel veel mensen rond de 1,80 meter, de normale lengte, weinig mensen van 2 meter of 1,60 Zonder verder experimenteel bewijs nemen we op deze website aan dat voor alle psychologische eigenschappen precies hetzelfde geldt Heimwee Heimwee is één van de spontaan minder genoemde emoties, maar gezien het hoge percentage van mensen dat er last van heeft, één van de belangrijkere. Het leidt weinig twijfel dat dieren er ok last van hebben. En het leidt ook weinig twijfel wat de reden is dat de emotie van heimwee ontstaan is het spectrum van emoties: het verlaten van de bekendheid en dus relatief veilige omgeving brengt onbekendheid en dus onbekende gevaren met zich mee. En minder bekendheid met plaatsen van voedselbronnen, enzovoort. Het algemene karakter van heimwee bewijst ook dat migratie Meer over deze aspecten hier Hersenen en geest Psychologie gaat in principe over de werking van de menselijke geest. Volgens strikt wetenschappelijke opvattingen is dat hetzelfde als de werking van de hersenen. Dit is geformuleerd als het psycho-fysisch parallellisme Hersenhelften Naast de verdeling in drie evolutionaire, hiërarchische, lagen, is er nog een tweede globale deling in de hersenen: de tweedeling tussen linker en rechter hersenhelft. Globaal gezien ordent men de meer exacte, analyserende, en taalkundige denkfuncties in de linkerhelft, en de meer verbeeldende, synthetiserende, ordenende en dergelijke functionaliteiten aan de rechterkant. De meeste mensen hebben ook een duidelijke voorkeur in het gebruik van één van de hersenhelften - voor een directe, visuele test daarvan, zie hier Homofilie (In ontwikkeling) Homofilie is voor bestuurders van de evolutie een interessant verschijnsel, omdat het in eerste instantie daarmee i n tegenspraak lijkt. De evolutie draait om maximale voortplantingkansen, is een veelgehoord argument. En homofilie is daarmee in tegenspraak, om voor de hand liggende redenen. Dus is het voorkomen ervan, van rond een (kleine) tien procent, een vorm van een raadsel. Een groot deel van het raadsel kan onmiddellijk worden opgelost, in de zin van ontdaan van de mist, door op te merken dat als snelheid van voortplanting het enige criterium was, dat de natuur dan had kunnen volstaan met simpelere procedures ervoor dan bij de mensheid gebruikelijk is, om het met enige ironie uit te drukken. En er is weinig fantasie voor nodig om te bedenken waarvoor al die ingewikkelde procedures bedoeld zijn: dat gaat om de kwaliteit van het nakomelingenschap. Minstens net zo belangrijk als de hoeveelheid, want wat heb je aan veel, als er niets overblijft. Humor Humor is tot nu toe één van de ongrijpbaarste menselijke emoties gebleken - wat de beste suggesties leken, zoeken een verband met wat er gebeurt tijdens het geconfronteerd worden met tegenstellingen in de hersenen, omdat veel humor dit soort tegenstellingen betreft. maar niet alle, terwijl de erop volgende emoties sterk gelijken. De nieuwste verklaring lijkt sterker: humor is de beloning voor een belangrijke doch onaangename taak: het verwerken van nare ervaringen Er is nog een verschijnsel dat klopt met deze uitleg van humor: de afwezigheid ervan bij ideologen, en de afkeer ervan bij religieuzen. Ideologen en vooral religieuzen wíllen niet geconfronteerd worden met de tegenspraak tussen hun opvattingen en de werkelijkheid. Iets dat met name zichtbaar is bij moslims, die bij confrontatie met humor massaal de straat opgaan om de symbolen van de vijand te vertrappen en brand te stichten Ideologie Ideologie is het onderhouden van een stelsel van vastomlijnde ideeën, meestal samen met een rijtje op schrift staande regels, en meestal ook slaande op gedragingen van mensen. Vastgelegde ideeën hebben het voordeel dat men over veel vragen niet hoeft na te denken, hetgeen met weinig twijfel ook de belangrijkste bestaansreden voor ze is - de natuur vertoont een sterke voorkeur voor processen die de afhandeling van zaken in de wereld sneller en effectiever maken. Echter: de werkelijkheid verandert voordurend, dus ook ideologieën zullen op de kortere of langere termijn niet of niet meer goed werken en bijbehorende regels dus steeds minder toegesneden zijn op de werkelijkheid. Het proces van conflicten tussen ervaren werkelijkheid en in het hoofd vastgelegde ideeën is in zijn meest plotselinge vorm cognitieve dissonantie De aanpassing van het beeld van de werkelijkheid gebeurd door filtering van "ruwe" waargenomen werkelijkheid, iets dat altijd plaatsvindt De keuze tussen de twee methodes is afhankelijk van interne aanleg en externe stimulus. De externe stimulus bestaat voornamelijk uit de sociale omgeving, en hoe directer de sociale omgeving, hoe sterker de stimulus. En ook: hoe meer de sociale omgeving dezelfde ideologie aanhangt als het individu, hoe sterker de stimulus richting de ideologische keuze. De toename van de sterkte van de filtering gaat normaliter tot een bepaalde evenwichtswaarde, waarbij er zodanig weinig cognitieve dissonantie optreedt dat er geen verdere aanpassing nodig is. Afhankelijk van aanleg en de ernst van de ideologie, kan dat in extremere gevallen ertoe leiden dat sommige informatiekanalen gedeeltelijk of geheel uitgeschakeld worden, hier compartimentalisatie Een probleem daarbij is dat in de menselijke geest noch de informatiestromen noch de functionaliteiten van de diverse onderdelen zo strikt gescheiden als in de digitale computer, dus als er in de geest bepaalde stromen of modules min of meer uitgeschakeld worden, gaat ook de werking van andere capaciteiten achteruit waarvan dat niet de bedoeling is. Voor wat betreft de primitievere vorm van ideologie, religie, is aangetoond dat die schade neurologisch is, in de zin dat ook de waarneming van de werkelijkheid erdoor wordt aangetast Die achteruitgang in kritisch denken en mogelijkerwijs denken in het algemeen Er zijn ook zaken die gestimuleerd worden door ideologie. Met name tijdens discussies valt daarvan op het hanteren van vele denkfouten Een wat uitgebreidere versie van dit verhaal staat hier Ik Zoogdieren, met relatief gezien al vrij grote hersenen, verwerken een groot aantal zintuig-prikkels via bijpassende systemen in gedrag. De belangrijkste aspecten van dat gedrag liggen min of meer vast - die zijn bepaald door de soort. Minder belangrijke aspecten van het gedrag variëren, door de variërende sterkte van de verschillende deelsystemen in verschillende exemplaren (net als in: koeien zijn zwart-wit, maar ieder met hun eigen patroon). Het totaal van dit onderscheidende gedrag is het unieke van het exemplaar. Mensen hebben door de nog grotere complexiteit van hun hersenen de capaciteit verworven om werkelijkheid en gedrag te symboliseren, met als belangrijkste uiting de taal Het "ik" kan ook weer gezien worden als een systeem, met zijn eigen regels. Dat systeem is, net als het lichaam, ongetwijfeld samengesteld uit een aantal onderdelen, die samenwerken - en soms niet Een van de regels van dat systeem is dat van (relatieve) stabiliteit. Een uiting van die stabiliteit van het "ik" is de "psychologische reactie of compensatie": is een persoon lange(re) tijd blootgesteld aan een extreem, heeft hij de neiging dit te compenseren door zich bloot te stellen aan het tegenovergestelde extreem Impulsen / impulsief gedrag Gedrag geïnitieerd door of onder invloed van het reflexensysteem van de hersenen, gelegen in de hersenstam. Zie verder aldaar Individualiteit In de algemene indeling "solitaire dieren - groepsdieren" staat de mens in hoge mate aan de kant van de groepsdieren, zoals blijkt uit vrijwel ieder dagelijks gedrag. Als om dit te benadrukken hebben sommige leden van die groep, die vooral onder de abstracter denkenden te vinden zijn, een theorie opgesteld die propageert dat de mens een individu is, samengevat in de slagzin: "Iedereen is uniek." Wat ieder van die abstracte denkers, meestal aangeduid als "intellectuelen", natuurlijk beweert is dat hijzelf uniek en een individu is. Helaas handelen ze daar in hun eigen dagelijkse leven in het geheel niet naar, want in tegenstelling tot de echte solitair bemoeien ze zich met van alles en iedereen, waarbij ze ook nog eens iedereen voorhouden dat iedereen uniek is, dus. Kortom, deze mensen zijn van de beroemde soort van de Kretenzer die beweert van alle Kretenzers liegen. Een kleine en amusante verhandeling over de praktische individualiteit van de mens is te vinden hier Integratie Integratie als psychologisch proces is het omgekeerde van differentiatie, verschil-maken, analyse (omdat dat ook meestal beperkt wordt tot "uit elkaar halen"), en meer van dergelijke denkhandelingen. Deze vormen van demontage lijken belangrijker en meer vooraan te staan, omdat de werkelijkheid zich nu eenmaal aan ons voordoet als een samengebald geheel, en daar eerst ordening in aangebracht moet worden. En ordening bestaat uit onderdelen. Desalniettemin zijn het heel vaak niet de onderdelen zelf die elementen zijn van de betere constructie van de werkelijkheid die de analyse oplevert, maar nieuwe combinaties van onderdelen. Dat recombineren van onderdelen is "integratie" - "bij elkaar voegen tot een geheel". Uit deze beschrijving is meteen duidelijk dat integratie een basaal deel uitmaakt van een andere door mensen belangrijk geacht proces: creativiteit. Nu wordt dat laatste meestal in kunstzinnige context gebruikt. Maar dat is vermoedelijk een misvorming veroorzaakt door de dominantie van de alfa's, degenen met de nauwe binding met kunst, in maatschappij Neurologisch gezien is integratie het gaan samenwerken van diverse onderdelen van de hersenen. Op dat vlak is integratie het omgekeerde van compartimentalisatie De capaciteit tot integratie lijkt moeilijk te onderzoeken. De entertainment biedt uitkomst (VARAgids, nr. 43-2011, door Roger Abrahams):
En dat lukte. Een glasheldere vorm van integratie van beeld- en geluidsinformatie die natuurlijk ook, meestal in veel minder extreme mate, aanwezig bij musici die noten lezen . Intelligentie Intelligentie is een van de meest bediscussieerde begrippen in de psychologie. De reden daarvan is niet dat het een zeer vage eigenschap is, maar precies het omgekeerde: het is die eigenschap in de psychologie die het makkelijkst is te meten. Want geen groter angst bij de meeste mensen dan gedetermineerdheid in menselijke eigenschappen of gedrag - 'mensen' hier staande voor degenen die het over psychologische eigenschappen hebben: intellectuelen. Van intelligentie staat het volgende wel redelijk vast: Het is in hoge mate genetisch bepaald: één-eiige tweelingen verschillen nauwelijks of niet in intelligentie. Het is in aanzienlijke mate erfelijk bepaald - maar dat volgde al uit het eerste. En het is in beperkte mate oefenbaar - en dat volgt eigenlijk ook uit ten eerste. Dat laatste betekent overigens niet dat oefening geen zin heeft - het betekent alleen dat de bandbreedte van bereikbare resultaten redelijk vastligt: een gemiddelde wiskundige kan nooit door oefening een wiskundig genie worden - en pogingen dit soort dingen te doen zullen slechts een beperkt resultaat hebben Hoewel deze observaties redelijk vast staan, liggen ze maatschappelijk dermate gevoelig, dat nog steeds met regelmaat pogingen worden ondernomen om ze te ontkennen Introversie De ene kant van een koppel tezamen met extraversie. Deze termen afkomstig van Carl Gustav Jung, waarbij introverten ('naar binnen gekeerden') zich kenmerken door een zuinig energieverbruik, voorzichtigheid, en het genoegen nemen met een eenvoudiger leven. Extraverten ('naar buiten gekeerden') daarentegen bruisen van energie en durven meer risico's te nemen. Voor het tijdperk van de wetenschappelijke psychologie waren dit ruwe kwalificaties, die voornamelijk gebruikt werden in de volksmond - modern onderzoek laat zien dat het verschil in de hersenen zelf zit De populaire benadering van introversie en extraversie heeft geleid dat introversie altijd een slecht imago gehad - extraverten zijn tenslotte van die gezellige mensen ... . Dit ging zo ver dat bij geschiktheidtests bij sollicitatie in alle mogelijke beroepen, extraversie als positieve zaak werd zien, en waarschijnlijk gebeurd dit nog steeds. De werkelijkheid voor de meeste beroepen, waaronder vrijwel alle inhoudelijke, is omgekeerd; meer over introversie hier Intuïtie Een conclusie, gedachte, opinie of idee die/dat in de geest opkomt, waarvoor onvoldoende aanwijzingen, bewijzen en dergelijke lijkt te bestaan
Meer details over dit proces in gezond verstand Jaloezie Jaloezie is een van de belangrijke menselijke drijfveren. Het is nauw verwant aan eergevoel en prestatiedrang, waarbij de eerste twee een positievere bijklank hebben. Je kan het verschil misschien zo definiëren dat de laatste twee voornamelijk uitgaan van de eigen prestatie, en jaloezie ook plezier geeft als het een ander minder gaat. De natuur hecht kennelijk aanzienlijk belang aan deze drift, dat ook deze variant voorkomt. De vermoedelijke reden daarvan is dat de de drijfveer factor belangrijk is voor de vooruitgang van de soort - meer daarover hier Karakter Karakter is een term die veel voorkomt in het dagelijkse taalgebruik, maar minder in de psychologie als vak. Dat komt omdat karakter in feite een containerbegrip is, dat wil zeggen: er zitten diverse meer fundamentele kenmerken in verzameld - bijvoorbeeld als in: meisjes hebben een ander karakter dan jongens. Een paar van die meer fundamentele kenmerken zijn intro-/extraversie, gelijkmoedigheid/opvliegendheid, en dergelijke. Hoewel deze kenmerken in principe als onafhankelijk van elkaar gezien kunnen worden, lijkt het dat bepaalde kenmerken vaker voorkomen met bepaalde andere, welke correlaties men dan kan aanduiden met "karakter" - er weinig tegengestelde kenmerken voorkomen, spreekt men van een "evenwichtig karakter". Met het psycho-fysisch parallellisme En de rol van neurotransmitters wijst op een nog fundamentelere bron van karakter, namelijk dat deel van het brein waar veel van die neurotransmitters vandaan komen: het reflexensysteem Maar ook in de rationele delen van de hersenen, de cortex, blijken karakteristieke verschillen op te treden, hoewel men dan de meer technische term van "denkstijl" gebruikt - wat meer over een speciaal geval daarvan hier De sociologische versie van "karakter" is "cultuur", wat eveneens bestaat uit een combinatie van eigenschappen, gekenmerkt door de relatieve sterktes binnen de combinatie Kwalen Geestelijke kwalen komen net als lichamelijke kwalen voor in allerlei varianten en sterktes. Maar waar vrijwel alle lichamelijke kwalen zonder schroom besproken, wordt het bestaan van de meeste, of vrijwel alle, psychologische kwalen ontkent. De enige psychologische kwalen die men toegeeft zijn de ernstige, de ziektes, zoals schizofrenie en paranoia. Dat zijn de geestelijke equivalenten van kanker en hartziektes. De meeste lichamelijke kwalen zijn van minder ernstige aard, denk bijvoorbeeld aan huidontsteking, verkoudheid, en dergelijke. Dit soort kwalen komt veel meer voor dan de ernstige, natuurlijk (natuurlijk). Er is geen enkele reden om te veronderstellen dat dit bij psychologische kwalen anders ligt. Een groot deel van deze kleinere kwalen uit zich op verbale wijze. Om die reden is op deze site ook een deel over algemene semantiek Leren Het algemene idee van leren is dat je mensen iets vertelt of laat lezen, zij erover nadenken of het anderszins in hun bewustzijn opnemen, en het daarna in hun geheugen stoppen. Wel is redelijk bekend dat er nog een methode bestaat, lichamelijk voordoen: de haptische methode, bekend van sport en dergelijke. Deze laatste methode heeft nu een heel nieuwe dimensie gekregen door onderzoek aan de werking van de hersenen. Dat heeft laten zien dat bij het waarnemen van beweging van anderen, een deel van de hersenen de beweging naspeelt, in wat de spiegelneuronen genoemd wordt. Dat gaat zover dat zelfs de uiteindelijke doel van de handeling van begin af aan wordt waargenomen, en wel zonder betrokkenheid van het bewustzijn, dat pas later in het spel komt. Deze waarnemingen hebben grote gevolgen voor het begrijpen van de manier waarop vooral kinderen leren hoe ze met hun omgeving om moeten gaan. En het is aannemelijk dat vele hogere leerprocessen ook door deze meer basale processen beïnvloed worden. Onderzoekers noemen ook het verband met autisme . Lichaam De relatie tussen lichaam en geest is al bekend uit de oudheid, bijvoorbeeld van de oude Grieken met hun uitdrukking "Mens sana in corpore sana" Maar ook in de moderne psychologie wordt het bestaan van de relatie wel erkend. Van Nederlands eerste "media"-psycholoog, Piet Vroon, is de uitspraak bekend dat (parafraserend) "Drie rondjes hardlopen rond het blok is vaak effectiever dan uren therapie". Ook op deze website gebruiken we dus de relatie, als onderdeel van de algemeen semantische training Meer over de relatie hier Liefde Een veelgebruikte term toegepast op alle mogelijke vormen van aantrekking - in die laatste betekenis beter te vervangen door de term binding "Liefde" wordt ook vaak gebruikt als tegenhanger voor angst, maar de meer natuurlijke tegenhanger daar is "afkeer" - de tegenhanger van angst, staande voor vluchten of afstand nemen of "afstoting", is weer "binding". Een derde factor naast binding en seksuele aantrekking is empathie Waar seksuele aantrekking zeer basaal is (komt bij alle diersoorten voor), en emotionele aantrekking vermoedelijk ook een rol speelt bij zoogdieren, is er bij de mens nog een derde laag: een aantrekking of overeenstemming op het rationele vlak. Deze wens of noodzaak tot overeenstemming op de drie lagen Liegen Er zijn twee hoofdsoorten van liegen: de sociale en de rationele. Van sociaal liegen wordt algemeen aangenomen dat het noodzakelijk is om sociaal te kunnen functioneren - er zijn talloze situaties waarin je werkelijke mening, bijvoorbeeld als antwoord op een vraag, niet tot de gewenste resultaten leidt: "Wie is de allermooiste van de hele wereld?" heeft als enig redelijke antwoord niet de "objectief" mooiste vrouw van de hele wereld, maar de vrouw die het vraagt. In werkelijkheid is dit geen liegen, omdat de vraag ook niet een objectieve vraag is: er wordt niet gevraagd naar wie de mooiste vrouw van de wereld is, maar "Hou je (nog een beetje) van me?" Objectief liegen op het sociale vlak is meestal wel schadelijk, bijvoorbeeld in het geval dat je zegt van iemand te houden als dat niet zo is. Deze vormen van liegen slaan wat betreft deze website op de categorie "pyschologie", want ze gaan over emoties. De rest, slaande op sociologische, economische en dergelijke interacties, wordt hier geschaard onder "rationeel liegen". De term "rationeel liegen" gaat uit van een vooronderstelling. Die vooronderstelling is het bestaan van een objectieve werkelijkheid - zonder objectieve werkelijkheid bestaan er alleen maar meningen. De denkwereld waarin er alleen maar meningen bestaan, is de denkwereld van de alfa's en gamma's Minstens even groot als het taboe op het kunnen ontdekken van liegen, is het taboe op de mogelijke schadelijkheid van het (rationele) liegen. Tot het domein van het gezonde verstand behoorde wel de wetenschap dat veel-liegende mensen er bepaald niet aantrekkelijker op worden (The Portrait of Dorian Grey De werkelijkheid is dus dat er op zijn minst een relatie is tussen liegen en talloze vormen van schade aan of disfunctioneren van de menselijke geest. Waarvan de meest gevaarlijke is dat de daders van aanvankelijk "kleinere" leugens heel vaak vervallen, met name bij confrontatie, tot ontkenningen gepaard gaande met ergere leugens De ernstigste schade van liegen ligt vermoedelijk in de potentiële neurologische gevolgen ervan. Vrijwel alle processen die het leven in stand houden zijn evenwichtsprocessen Bij de "rationele" leugenaars zijn twee hoofdtypes te onderscheiden: zij die liegen uit eigenbelang, en zij die liegen uit ideologie, waaronder religie. De leugenaars uit eigenbelang doen dit door de invloed van het onderste deel van de hersenen, de hersenstam De tweede hoofdgroep is die van de ideologische leugenaars. Onderhouders van een ideologie Voor beide hoofdgroepen geldt dat liegen schadelijk is. Voor de egoïstische variant is dat al duidelijk gemaakt: het is aan het uiterlijk af te lezen. Mensen met harde koppen zijn vrijwel zonder uitzondering ook ongelukkige mensen. Ook hier zit vaak en zelfversterkend proces achter: die mensen waren om één of andere andere reden al niet zo gelukkig, om om dat te compenseren gaan ze dingen doen voor hun eigen voordeel maar ten nadele van anderen. Waarvan de onbewustere delen der hersenen weer nog minder gelukkig worden (de mens is tenslotte een groepsdier). Enzovoort. Iets dergelijk geldt voor degenen die uit ideologische motieven liegen. Die maken zichzelf meestal wijs dat het voor een goed doel is - en vrijwel onveranderlijk blijkt dit ideologische goede doel bij nadere analyse een slecht doel te zijn - voor goede doelen hoeft niet gelogen te worden. Bij ideologieën als nazisme of communisme heeft men, sociologen en de rest van de politiek-correctheid, er geen enkel moeite mee om deze argumentatie toe te passen. Natuurlijk is ze even geldig voor de ideologieën die de sociologen en de andere politiek-correcten zelf aanhangen, zoals cultuurrelativisme, migratiefundamentalisme, kosmopolitisme en multiculturalisme. Wat alleen al bewezen wordt door de zonder meer aan het afwijkende grenzende (en over die grens heengaande) soort leugens dat men verkondigt in de discussies rond die onderwerpen Er is dus een overduidelijke en harde relatie tussen liegen en slechte bedoelingen of een slechte geest - slechte bedoelingen leiden vrijwel altijd tot liegen en liegen is een vrijwel zeker teken van slechte bedoelingen
Maar dit geldt, in diverse mate voor het overgrote deel van de alfa- en gamma-sector, die zowel sterk is in liegen als in het onderhouden van ideologie Waarna nog een stapje verder terug gemaakt kan worden, naar het geval van religie. In dit geval lijken de regels wat minder streng, maar dat is omdat het geval van religie ten opzichte van het geval van wetenschappers als sociologen en economen sterk verdund wordt door het grote aantal lekenaanhangers - waarvan een groot deel veel minder streng en principieel is. Neem je de religieuze elite, zou je vermoedelijk precies dezelfde soort relatie vinden als bij de alfa- en gamma-wetenschappers. Wat interessante consequenties heeft, omdat voor religieuzen de werking van de schade van hun ideologische opvattingen aan hun denken inmiddels wel wetenschappelijk is vastgesteld: die lijkt op de schade aan de verbinding tussen de hersenhelften Voor vele voorbeelden van leugens zoals gebruikt in de maatschappij en met name politiek en media, zie vanaf hier Voor meer voorbeelden van het verband tussen liegen en geestelijke schade, zie hier Macht Macht is niet zo zeer een psychologisch begrip als wel een sociologisch, omdat het over de invloed van één persoon op meerdere personen gaat. Het al dan niet hebben van macht is een voorbeeld van de situatie waarin meerdere psychologische eigenschappen tezamen een sociologisch effect hebben, dat wil zeggen: een sociologisch begrip of een sociologische kracht vormen. Tot die eigenschappen behoren onder andere slimheid, intensiteit, drang tot zelfbehoud, eigenwaan, emotionele expressiviteit, dominantie, en voortplantingsdrift. Volgens "kwade tongen" is de laatste factor de belangrijkste en volgens nog kwadere tongen de enige. En daar zit wat in, in dat machtige, of tegenwoordig dus rijke, mannen vrouwen kunnen krijgen die zonder die macht zeker volkomen onbereikbaar voor ze zouden zijn. Of dat laatste nu waar is of niet, in ieder geval is het zo dat het hebben van macht dusdanige voordelen met zich meebrengt, dat een hoog percentage (vooral mannen) er dingen voor doet die niet zonder negatieve gevolgen voor anderen zijn, met name hun concurrenten, en heel vaak zelfs zwaar negatieve gevolgen. Omdat in de huidige maatschappij dit soort situaties van het benadelen van concurrenten en anderen op in materieel opzicht positief kan uitwerken voor de betrokkene, vindt men in de huidige maatschappij in de groep machtigen mensen met meer negatieve dan positieve psychologische kenmerken, zoals diverse vormen van meedogenloosheid en zichzelf hoogachten. Meer over het machtsproces hier Man-vrouw In het kader van de vrouwenemancipatie is in de jaren zestig en langere tijd daarna gesteld dat man en vrouw gelijk waren Zoals zo vaak was het middelpunt van de discussie het begrip IQ, omdat dat destijds het best te meten was. Daarin zijn geen noemenswaardige verschillen. Toch zijn er op vele terreinen die IQ-afhankelijk lijken meer mannen dan vrouwen in de top. De verklaring van deze tegenstrijdigheid is dat dat bij mannen de spreiding groter is: er zijn meer intelligentere, en meer dommere mannen (ook bij bijvoorbeeld zwakzinnigen). En de reden dat de natuur meer risico heeft genomen met de mannenhersenen dan met die van de vrouwen, is dat mannen in de jacht in de natuur altijd meer risico liepen, en dat de voortplanting van de soort meer afhangt van het aantal vrouwen. Waarbij de combinatie van de twee natuurlijk optimaal is voor de vooruitgang van de soort. Voor wat geschreven bronnen, zie hier Modulariteit Modulariteit is een term die staat voor het opdelen van een complexe te vervullen functie in diverse onderdelen die min-of-meer zelfstandig functioneren, en de resultaten van dat zelfstandig functioneren als samengevatte signalen aan elkaar doorgeven. Het dierlijke en menselijke lichaam is een uitnemend voorbeeld van modulariteit, met onderdelen als armen en benen (voor het voortbewegen, en de tientallen organen die deel uitmaken van het voedselverwerkingssysteem. Modulariteit is dus geen puur psychologische kracht of begrip. Het staat toch hier, omdat het vrijwel zeker ook van toepassing is op alle onderdelen van het psychologische functioneren. hetgeen voor het autonome zenuwstelsel ietwat minder zichtbaars is - de hersenstam doen zich van buiten voor als één lange "stok". Anatomische nadere beschouwing laat ook daarbinnen diverse onderdelen zien De rationele of grote hersenen, de cortex, doet zich fysiologisch gezien voor als een homogeen geheel. Toch is het uiterst waarschijnlijk, en steeds meer aanwijzingen te vinden, dat ook hier sprake is van functionele modules, zoals bijvoorbeeld bij diverse vormen van uitval veroorzaakt door hersenbloedingen. Meer over de algemene modulariteit hier Mooi Net als intuïtie Maar "mooi" wordt ook buiten het menselijke uiterlijk gehanteerd, en heeft daar dezelfde waarde: wat wordt ervaren als mooi is in principe datgene dat goed past bij zijn omgeving, zijn taak, of anderszins in harmonie met zijn omgeving. In de vliegtuigbouw wordt expliciet onderwezen dat een mooi uitziend ontwerp een hogere kans heeft op zijnde een goed en effectief ontwerp, omdat de praktijk bewezen heeft dat die correlatie bestaat. Maar net als bij intuïtie is mooi een kracht die gemakkelijk verstoord wordt door bijvoorbeeld emotionele drijfveren, die vertaald worden als een esthetisch oordeel. Ook kan het heel makkelijk uit de hand lopen, zoals de pauwenstaart bewijst: de esthetiek van de mooie staart heeft daar het mannetje een belangrijke andere capaciteit doen verliezen: het kunnen vliegen. Natuur De houding tegenover natuur kan je opsplitsen in twee extremen: degenen die met bomen praten, en degenen die dat waanzin vinden. Onderzoek heeft uitgewezen dat patiënten die in een ziekenhuis liggen, twee tot drie dagen eerder naar huis kunnen als ze op een boom of tuin uitkijken, dan degene die op een blinde muur of huizen uitkijken De groep van natuurhaters worden voornamelijk bevolkt door twee subgroepen: de materialisten in de zin van de liefhebbers van geld boven al het andere, de homo economicus Negativiteit Er zijn diverse aanwijzingen dat negatieve gevoelens natuurlijk zijn: ze behoren waarschijnlijk bij het oude overlevingsinstinct om in het onbekende een potentieel gevaar te zien. Het is een overlevingsinstinct, omdat het de oude mens op de hoede deed zijn, wat zijn overlevingskansen in een gevaarlijke wereld vergrootte. Dit is iets dat de mens hoogstwaarschijnlijk gemeen heeft met minstens alle andere zoogdieren. Het uit zich ook in de gedachten die een mens heeft, waarvan volgens schattingen 70 procent negatief gekleurd is Het feit dat die oorspronkelijk normale negatieve instincten uit de hand kunnen lopen, heeft waarschijnlijk te maken met het nieuwe van de mensheid ten opzichte van alle andere diersoorten die soortgelijke instincten hebben, namelijk zijn de overcapaciteiten van zijn brein, zie hier Onbewuste Het onbewust is een verzamelnaam voor alle processen die zich buiten het bewuste afspelen. En aangezien steeds duidelijker begint te worden dat het deel van de hersenen dat direct betrokken is bij het bewustzijn bepaald niet het grootste deel ervan is, is "het onbewuste" eigenlijk bijna net zo vaag als "de geest". Het beste dat je er van kan maken is: al die invloeden die het bewuste van buiten lijkt te krijgen en weinig tot geen vat op heeft. En dan heb je het dus over zaken als intuïtie Ontwikkeling In de psychologie slaat de term ontwikkeling normaliter op die van het kind, bestudeerd door een apart vak genaamd ontwikkelingspsychologie - in feite is dit natuurlijk hetzelfde als de ontwikkeling van de hersenen. Het belangrijkste begrip daarin is dat het ontstaan van bepaalde vaardigheden bij bepaalde leeftijden dus groeifasen van de hersenen horen. - de meest genoemde naam hierbij is die van Piaget, die verschillende fasen van het jonge kind heeft beschreven. Moderne technieken die in de hersenen zelf kunnen kijken, hebben laten zien dat de periode van ontwikkeling zich uitstrekt tot in de twintiger jaren, hetgeen belangrijke consequenties heeft voor een aantal belangrijke zaken, zoals onderwijs Opvoeding Opvoeding is een deel van het menselijke reproductieproces - de reproductie is namelijk pas voltooid als er een nieuw volwassen exemplaar is ontstaan. De opvoeding richt zich op een specifiek deel van dit proces: het volwassen worden van de hersenen. Het volwassen worden van de hersenen onderscheidt zich van het volwassen worden van andere delen van het lichaam dat het onmogelijk is zonder de directe steun van volwassen. Voor het volwassen worden van het lichaam is die steun ook nodig, maar indirect: de volwassen zorgt voor de beschikbaarheid van voedsel -maar helpt niet bij het spijsverteringproces. Kinderen die al op zeer jonge leeftijd verdwaald raken in de wildernis, kunnen lichamelijk overleven. Geestelijk niet, is inmiddels bewezen. Hun hersenen worden niet meer volwassen. Uit dit voorbeeld wordt ook meteen duidelijk dat dit niet de zichtbare fysieke toestand van de hersenen betreft, want ook die is dan wel "volwassen". Het gaat hier om hoe die hersenen werken - in computertaal: de programmering. De programmering van de hersenen is weer een heel nieuw terrein voor de natuur (we hebben het hier nog steeds alleen maar over natuurverschijnselen). Op nieuwe terreinen is die natuur gewoon methodes en "trucs"van eerdere terreinen te herhalen. Dus ook bij de programmering van de hersenen is er sprake van heel veel zelf-werk. Hetgeen ook moeilijk anders kan, want het gaat over gecoördineerde verandering van op zijn minst duizenden en naar de miljoenen onderdelen. Tegelijkertijd laat het voorbeeld van de verwilderde kinderen zien dat er een aantal stappen genomen moeten worden die de hersenen niet in hun eentje kunnen nemen. Dat is omdat de hersenen, temidden van alle lichaamsonderdelen, in een totaal unieke klasse zitten qua aanpasbaarheid. In volwassen toestand is die aanpasbaarheid een overlevingsvoordeel, tijdens het volwassen worden is die aanpasbaarheid een nadeel, want er is geen richting voor ontwikkeling - op kennelijk een aantal cruciale punten. En ook hier is het des natuurs dat die ontwikkeling niet volkomen geleidelijk gaat, maar met duidelijk zichtbare stappen gescheiden door periodes van langzamere ontwikkeling. Het menselijke opvoeden bestaat uit het aanbieden door de onvolwassen van dusdanige stimuli, dat tijdens de periodes van langzame groei die groei de juiste richting opgaat, en dat tijdens de periode van overgang, instabiliteit, er geen ongelukken gebeuren. In de praktijk wordt opvoeding geregeerd door twee nadere fundamentele evolutionaire krachten: voorzichtigheid en nieuwsgierigheid. Voorzichtig is die houding die voordeel brengt wegens het vermijden van gevaar en daarmee het levenseinde, en nieuwsgierigheid is die levenshouding die voordeel brengt in de vorm van nieuwe voedselbronnen en daarmee meer voortplanting. Beide hebben voordeel in verschillende omstandigheden, en kennelijk was het voordelig om snel te kunne overschakelen van de ene houding naar de andere, wat in vele soorten geresulteerd heeft in twee duidelijk te onderscheiden onderpopulaties: de voorzichtigen en de nieuwsgierigen. Hetgeen ook bij de mens valt waar te nemen. Het is duidelijk dat de opvoeding van de twee ondertitels langs verschillende lijnen moet verlopen. De voorzichtigen hebben, ten einde en meer veelzijdige persoon te worden, voordeel bij een stimulerende opvoeding, de nieuwsgierigen bij een meer remmende. Praktisch: sommige kinderen moeten naar het avonturenpark gestuurd worden, anderen zijn mee gediend met een harnas en een looplijn. Waarmee onmiddellijk duidelijk is dat er geen universeel recept bestaat voor opvoeding. En omdat voorzichtigheid en nieuwsgierigheid beslist geen sterk erfelijk bepaalde eigenschappen zijn, speelt dit zelfs binnen één enkel gezin. Waarna twee vormen van opvoeding meteen afgeschreven kunnen worden als voorbeeld van onzinnigheid: de dictatoriale opvoeding, zoals gebruikelijk voor de revolutie van de eind zestiger jaren, en de permissieve opvoeding van erna. De dictatoriale opvoeding, die buiten het westen nog volstrekt dominant is, kent veel te weinig ontwikkeling van nieuwsgierigheid. De dictatoriale opvoeding in bijvoorbeeld de hindoestaanse en de meeste Aziatische culturen heeft zijn weerslag in het onderpresteren op gebieden als creativiteit en inventiviteit. De permissieve opvoeding van na de eind-jarenzestig revolutie is duidelijk een vorm van doorschieten na een eerder extreem De centrale term in dit alles is "zelfbeheersing" In zijn meest algemene formulering kan dus gesteld worden dat het doel van opvoeding is het aanleren van zelfbeheersing. Iets waar zowel de dictatoriale als de permissieve opvoeding Voor wat praktisch voorbeelden, zie Praktijktips Partnerkeuze Na overlevingsdrang vermoedelijk de meest belangrijke drift en neiging in de menselijke geest - volgens boze tongen zelfs de enige. Het belang ervan kan worden afgemeten aan de buitengewoon gecompliceerde manier waarop het proces, inclusief het resultaat van het krijgen van kinderen, bij de mens in zijn werk gaat, terwijl voor het bereiken van dat laatste niets meer nodig is dan dat, zoals bij de vissen, een mannetje zijn zaad over een bedje met eieren spuit, en met ruim meer nageslacht tot gevolg. De complicaties van de menselijke partnerkeuze zijn het gevolg van het moeten werken met drie niveaus, ten opzichte van het enkel van de vis. Naast het gemeenschappelijke niveau van het lichaam en autonome zenuwstelsel, zijn er bij de mens ook nog de emoties en het verstand die geschikte combinaties moeten vormen. De autonome geschiktheid is van belang voor de compatibiliteit van het immuunsysteem van moeder en partner en moeder en foetus, en wordt bepaald door geur en feromonen, dat laatste middels een apart orgaan in de neus. Er zijn tests gedaan die één op één een verband leggen tussen normaal uitgesproken voorkeur, en gemeten compatibiliteiten van het immuunsysteem: hoe aantrekkelijker een persoon gevonden werd, des te beter bleek het immuunsysteem te passen, qua maximalisering van diversiteit De compatibiliteit van emoties is een bekende en veelbeschreven factor. De rol van het verstand wordt normaliter van ondergeschikt belang geacht, maar verbintenissen tussen partners met meer dan matig verschillende intelligentie zijn zeldzaam - hetgeen wijst op een invloedrijke rol. De selectie op compatibiliteit van is van belang omdat kinderen uit ouders met een aanvullend immuunstelsel zelf een beter immuunsysteem hebben, en dus een betere kans op een gezond leven. En dus weer beter en meer nageslacht. Men mag aannemen dat de selectie op emoties dezelfde achtergrond heeft: een hogere kwaliteit van nageslacht, net als die op verstandelijke compatibiliteit. Harmonie tussen de ouders betekent een langere relatie, dus een betere zorg voor het kind enzovoort. Een paar van de meer opvallende onderverschijnselen zijn verliefdheid en liefde. Het doel van verliefdheid is duidelijk: dat is het signaal vanuit de autonome en emotionele hersenen dat het andere individu een geschikte partner is. De verschijnselen zijn er allemaal op gericht om het individu te brengen tot gedragingen die de partnerrelatie tot stand brengt, ten eerste om het andere individu de boodschap en aantrekkelijkheid van een mogelijk partnerschap over te brengen, en inclusief de capaciteit tot het in mindere of meerdere mate overtreden van andere driften, emoties en conventies om toch het doel te bereiken. Omdat voor de mens het grootbrengen van nageslacht een langdurige en zware taak is, moet de keuze van de juiste partner van eminent belang - het proces van verliefdheid is zo intensief mede om de andere partij van het bestaan van een serieuze en diepgaande interesse te overtuigen. Daar waar het bij het immuniteitssysteem gaat om compatibiliteit van factoren binnen het immuunsysteem, gaat het zowel bij emoties, het karakter, als bij het verstand om soortgelijke overwegingen. Waarbij op dit tweede en derde niveau hoogstwaarschijnlijk steeds minder duidelijke en strenge regels gelden. De noodzakelijke minimale compatibiliteit op drie niveaus is wat het proces van de menselijke partnerkeuze zo ingewikkeld maakt. Voor de sociologische aspecten van partnerkeuze, zie hier Pedofilie Pedofilie is een persoonlijke kwaal zonder belang voor maatschappelijke inrichting of iets dergelijke. Haar vermelding is omdat het een belangrijker psychologisch verschijnsel illustreert, namelijk dat van de glijdende schaal Persoonlijkheid Persoonlijkheid is het verzamelwoord voor de combinatie van emotionele voorkeuren en houdingen van en persoon. Er zijn diverse manieren om persoonlijkheid te beschrijven, waarvan de meeste proberen ze uit te drukken als sterkte in bepaalde basisemoties of basiskenmerken - een van die methodes is beschreven hier Psycho-fysisch parallellisme De opvatting dat iedere proces in de geest overeenkomt met een fysiek, biochemisch, proces in de hersenen. Er zijn voortdurend meer aanwijzingen voor de juistheid van deze opvatting, de laatste stroom komende van het gebruik van MRI-scans op de hersenen. Een aantal artikelen met betrekking tot het psycho-fysische parallellisme is verzameld hier Psychologiseren Psychologiseren is het algemene verschijnsel van het toeschrijven van handelingen of verschijnselen aan psychologische verschijnselen - in het normale gebruik van het woord, slaande op individuen, bedoelt men met het woord dat dit ten onrechte gebeurt. Er zijn ook levensvisies die lijden aan psychologiseren, meestal van de soort: "Een succesvol leven maak je zelf", en van Amerikaanse oorsprong . Psychopathie Psychopathie is het extreem van de ongevoeligheid voor de wereld, en/of de belangen van anderen, en/of de overschatting van de eigen kwaliteiten. Volgens pyscholoog-onderzoeker Robert Hare is of er sprake is van een cluster van specifieke eigenschappen en gedragingen waaronder gewetenloosheid, een volslagen gebrek aan empathie, een opgeblazen zelfdunk, egocentrisme, een ontbrekend schuldgevoel en een indrukwekkend vermogen om met gladheid, leugens en charme iedereen te manipuleren. Ook speelt de directe bevrediging van een behoefte een cruciale rol in veel van hun handelingen, terwijl de behoeften van anderen volledig worden genegeerd Onder de groepen mensen die neiging tot dit soort gedragingen hebben bevinden zich niet alleen veel soorten misdadigers, maar ook diverse types bekend uit de top van de maatschappij - veel van deze karakteristieken komen overeen met die van de wens naar macht Pijn Bij een fictieve verkiezing van de meeste primitieve emotie, is pijn de belangrijkste kanshebber. Al bij de vroegste levensvormen, nog zonder zenuwstelsel, is gedrag van de vermijding van gevaar waargenomen, een gedrag dat hetzelfde is als het menselijke gedrag om een hand uit het vuur te trekken - je doet dat omdat je metabolisme, je lichaam, schade oploopt. In levensvormen met een zenuwstelsel wordt het signaal van mogelijk schade door neuronen doorgegeven, welke functie in wat hoger georganiseerde zenuwstelsels gegeneraliseerd is tot het signaal "pijn". Daarna kon de organisatie een stap verder, waarin "pijn" voorzien kon worden, en dus vermeden. Leidende tot een nieuw signaal: "angst" - "angst is het voorzien van "pijn", van schade. "Pijn" is dus zeker primitiever dan "angst", en van het primitieve karakter van het laatste hoeft niemand overtuigd te worden. Pijn is dus mede een fysiologische functie, en maakt zeker deel uit van het autonome zenuwstelsel - de pijn-signalen worden getransporteerd om door de allang bekende en genummerde zenuwbanen van het ruggemerg. Snij zo'n zenuwbaan door, en weg is de pijn. En onmiddellijk zal dan ook blijken dat dit signaal onmisbaar is, omdat mensen per ongeluk dingen gaan doen die schade veroorzaken. Maar, zoals de natuur zo vaak doet: oudere mechanisme worden hergebruikt in nieuwe. Het emotionele zenuwstelsel, de emotionele hersenen, maken natuurlijk ook gebruik van het pijnsignaal - zoals bijvoorbeeld bij de "angst" En op dezelfde manier is de functie ook terecht gekomen in de rationele hersenen, de cortex. Bij zaken die misgaan maar geen aanwijsbare lichamelijke schade veroorzaken, zeg scheiding, voelt men eenzelfde soort signaal en eenzelfde soort emotie als bij het snijden van de vinger - plastisch omschreven als "pijn in het hart". De manier waarop de natuur dat hergebruik implementeert is vermoedelijk de modulaire aanpak - de oude functionele delen worden middels signaalverbindingen ook ingeschakeld door de nieuwe, en de uitkomst ervan weer teruggevoerd naar de nieuwere modules. Voor dat vermoeden bestaan meerdere aanwijzingen - zo bestaat ongeveer tweederde van het volume van de grote hersenen uit verbindingen. Meer daarover hier. Dit hergebruik op meerdere niveaus is terug te zien in meerdere verschijnselen aangaande pijn, zoals het feit dat de ervaring, hoe fysiologisch ook, duidelijk beïnvloed wordt door emoties: angst leidt tot meer pijn, en zelfs het denken: sommige mensen lijken in staat pijn "weg te denken". Ratio De ratio is een psychologische kracht die zich onderscheidt van alle andere, in dat ze een veel strikter universele waarde heeft. Een muzikaal wonderkind geboren in India produceert andere muziek dan één geboren in Oostenrijk. Een mathematisch wonderkind geboren in India produceert dezelfde wiskunde als één geboren in Oostenrijk (en trouwens, net ontdekt, bij gewone kinderen ook Het fundamentele verschil tussen ratio en emoties op het fundamenteel-psychologische vlak, of zelfs fysiologische vlak, leidt ook tot verschillen in algemene houding tegenover de wereld voor individuen die verschillend getalenteerd zijn in dit opzicht Het gebruik van de ratio als dominante beslisser lijkt voorbehouden aan een vrij beperkte groep mensen, hoewel de overigen dat natuurlijk nooit zal erkennen - openlijk. Ze doen het wel impliciet, in negatieve kwalificeringen van die ratio-dominanten als "nerds", "autisten", enzovoort, aanduidende dat de betreffende mensen relatief minder belang hechten aan emoties - wat hetzelfde is als zeggen dat deze groep de rationelere mensen zijn - en volgens het drie-lagen model en de onderliggende evolutie: voorop in het pad naar de toekomst. Een vermoeden dat onderstreept wordt door het feit dat dit soort mensen het meeste werk hebben gedaan en doen aan wat de drijvende motor achter de vooruitgang is: (natuur)wetenschap en technologie. Reflexensysteem Het reflexensysteem is de meest basale van de drie hoofdlagen De emotionele en rationele systemen bieden voor de meeste situaties een betere beslissing, zijnde de reden dat deze systemen geëvolueerd zijn. Maar dat wil niet zeggen dat het reflexsysteem daarmee volledig onbruikbaar of overbodig is geworden - was dat het geval, zou het al verdwenen zijn. De belangrijkste reden voor het blijvend bestaan van het reflexensysteem is dat sommige lichaamsfuncties niet vatbaar zijn voor betere beslismodellen, zoals de basale lichaamsfuncties als de bewegingsmechaniek, ademhalen, zweten enzovoort. Het reflexensysteem is als eerste verder onder te verdelen in tweeën: het ruggemerg, huizende, in verband met het belang ervan, in de wervelkolom, en de hersenstam, die zich voordoet als een verdikking daarbovenop - die laatst is in feite de allereerste vorm van wat je anatomisch gezien "hersenen" zou noemen (overzicht met de hieronder gebruikte termen Het ruggemerg bevat de bewegingsmechaniek, wat lijkt op een soort "electro-mechanisch" systeem, dat wil zeggen: het werkt voornamelijk met neuronen, de "elektrische bedrading" die werkt met voornamelijk met elektrische signalen In de hersenstam bevinden zich de voornaamste mechanismen om het lichaam als geheel aan te sturen, dat wil zeggen: hartslag, ademhaling, ontlasting, enzovoort, tezamen genoemd de "autonome lichaamsfuncties". De autonome functies worden voor een groot deel aangestuurd middels een chemisch-vasculair systeem, dat wil zeggen: chemische stoffen worden langs buizen of vaten verstuurd. De vaten natuurlijk zijn de bloedsomloop. De chemische stoffen zijn de stoffen bekend als "hormonen", met als meest bekende adrenaline: de stof die het lichaam in "alarmtoestand" brengt, klaar voor vechten of vluchten. Hormonen hebben vaak een dubbelfunctie: als "hormoon" in het chemisch-vasculaire systeem, en als "neurotransmitter" in het electro-mechanische systeem. In de vroege stadia van de evolutie was de hersenstam het enige systeem om beslissingen omtrent gedrag te nemen: de beslissingen van de soort "vechten of vluchten". Voor het overbrengen van die beslissingen zijn de hormonen ontwikkeld - de primaire bron van de meeste hormonen en neurotransmitters bevinden zich dan ook in de hersenstam, in de "raphe"-of "rand"-kernen. Waaruit je mag afleiden dat het centrum van de hersenstam, bekend als "reticular" of "netvormige" formatie, het oude beslissingsysteem is. Wanneer de hogere hersendelen gebruik willen maken van lagere lichaamsfuncties, doen ze dat meestal door passende, afgekorte, signalen te sturen naar het reflexensysteem, dat de details ervan afhandelt: er worden gewoonlijk geen gedetailleerde instructies gegeven omtrent het beweging van ieder onderdeel van de benen, maar het algemene signaal: "beweeg naar achteren" - het bewegingssysteem handelt de details af, zodat de hogere hersenprocessen zelfstandig verder kunnen werken. De emotionele hersenen doen voor een belangrijk deel hetzelfde wat betreft de uitkomst van hun beslissingen. Zij sturen een boodschap de hormonale delen van het reflexensysteem, dat de de rest van het lichaam aanstuurt - de adrenaline aanmaakt en in de bloedvaten pompt, enzovoort. Het emotionele beslissysteem geeft betere resultaten dan het reflexmatige, omdat het werkt op basis van eerdere ervaringen van het individu zelf, in plaats van evolutionair ontwikkeld en ingeprogrammeerd gedrag - het emotionele systeem kan "bang" (is: "gewaarschuwd") worden op basis van ervaringen. Met de komst van de rationele hersenen is deze relatie nog een keer herhaald. De rationele hersenen zijn ook de drager van bewustzijn, en de mogelijkheid om gedetailleerde ervaringen uit te wisselen met andere individuen, zodat het niet nodig is om zelf (pijnlijke) ervaringen te ondergaan om toch "gewaarschuwd" te zijn. Hetgeen dus nog meer mogelijkheden biedt tot aanpassen van beslissingen en gedrag aan actuele toestanden. Omdat er drie beslissystemen zijn die werken op verschillende manieren, hoeven de uitkomsten ervan niet identiek te zijn. Zo kunnen de rationele hersenen, die vaak denken de absolute baas te zijn over het gedrag van het individu, zich dus waarneming gewaar worden van gedrag dat stamt van "beslissingen" genomen door de emotionele en reflexmatige hersenen. In dat laatste geval is de oorzaak van dat gedrag vaak niet te achterhalen door de rationele hersenen - het komt van een laag te diep. In dat geval spreekt men wel van irrationeel gedrag - voorbeelden daarvan zijn "plotseling uitbarsten in tranen", waarbij het hier gaat om het "plotseling" (natuurlijk is er iets aan voorafgegaan maar dat lag buiten het waarnemingsveld van de rationele hersenen), en "zinloos geweld" De gegeven voorbeelden kunnen moeiteloos uitgebreid worden tot vele anderen, wat laat zien dat het reflexmatige systeem nog steeds een belangrijk factor van invloed voor ons gedrag is. De term "impuls" of "impulsmatig gedrag" is vermoedelijk niets anders dan een beschrijving van deze invloed, voordat bekend was waar die invloed vandaan kwam. Oude kennis omtrent het oorsprong van en het eventueel min of meer bewust kunnen hanteren van het reflexensysteem en het bijbehorende gedrag, is de vermoedelijk de bron achter begrippen als "sjamanisme" (volgens Wikipedia (13-02-2013) Het reflexensysteem is ook de meest fundamentele bijdrager aan een ander ondergewaardeerd psychologische begrip: het karakter Voorbeelden van hoe het reflexsysteem een rol speelt in het geheel van functioneren van het zenuwstelsel hier Religie Theoretisch: Geestelijke houding ontwikkeld ter bestrijding van diverse andere geestelijke processen, voornamelijk angst voor onzekerheid, zie geloof Neurologisch: Een semi-permanent systeem van blokkades binnen de hersenen, dat zorgt dat diversiteit van waarnemingen worden gefilterd tot een beperkter aantal basale, de angstreflexen automatisch opgewekt bij conflicterende waarnemingen dempt en eventueel blokkeert Praktisch: In hun houding ten opzichte van religie zijn er vijf soorten mensen: de fundamenteel gelovigen, de gewone gelovigen, de ietsisten, de agnosten en de niet-gelovigen. De eerste leeft actief naar de leerstellingen van het geloof, de tweede belijdt ze maar leeft er niet naar, de derde belijdt niet de leerstellingen, maar gelooft wel dat er iets religieus (god, hemel) is, en de vierde gelooft helemaal niet in onveranderlijk leerstellingen. In de praktijk zijn de verschillen tussen de eerste twee groepen en de laatste twee groepen onbelangrijke ten opzichte van die tussen de tweede en de derde groep: gewone religieuzen staan veel dichter bij fundamenteel religieuzen dan bij ietsisten, en ietsisten staan veel dichter bij niet-gelovigen dan bij gewone gelovigen (hun hele praktische leven ziet er hetzelfde uit als dat van niet-gelovigen, en meestal ook hun beslissingen). Voor alle vormen van religie geldt dat het de primitievere vormen zijn van het meer algemene proces van ideologie Een tweede effect van het op jonge leeftijd ingeprent zijn, is dat de denkt religieus dat zijn ideeën daardoor meer waarde hebben dan de ideeën die anderen op latere leeftijd hebben gekregen. En daardoor ook boven ideeën van anderen prevaleren. En daardoor ook zijn ideeën aan anderen wil opleggen, in het volgende verwoord in zijn meest empathische vorm (de Volkskrant, 14-12-2012, door Mark van de Voorde, publicist):
Waarin de religieus denkende beweert dat de maan tegelijkertijd van steen en van groene kaas is. Wat zo'n religieus doet die zijn religieuze privé-opvatting ook van toepassing verklaart op anderen, zoals in discussies over abortus, euthanasie enzovoort, is ook in de kaas-analogie uit te drukken: "Ik geloof dat de maan van groene kaas is en heilig. En omdat ík geloof dat de maan van groene kaas is en heilig, mag jíj geen groene kaas eten. Want groene kaas ís heilig". Als je schrijft dat geloof uiteraard een privé-zaak is, weet je dus eigenlijk wel dat je daarmee anderen niet mag lastigvallen. Maar dat lastigvallen wordt wel meteen verexcuseerd, het is 'wel met een maatschappelijke betekenis' - omdat het een diepere betekenis heeft:
Dus er zijn meningen, en er zijn 'de diepste overtuigingen van mensen'. Waarbij deze religieus oproept tot dialoog, wat natuurlijk onmogelijk is als er een fundamentele ongelijkheid bestaat in de waarde van meningen. Een fundamentele ongelijkheid die direct valt terug te voeren tot dit ene feit: religie wordt ingebracht, geïndoctrineerd, in de jeugd. En waarbij de kaas-analogie ook meteen laat zien: met een religieus valt niet te discussiëren. Een discussie met een religieus waarbij zijn religieuze opvattingen betrokken zijn, is als het voeren van een gesprek met iemand met een denkprobleem waarvoor nog vijf jaar therapie nodig is om het überhaupt onder ogen te kunnen zien. Overigens zijn er binnen alles wat er onder de term religie valt natuurlijk ook gradaties. Vuistregels daarbij zijn dat de westerse religie daarin ernstiger zijn dan de oosterse (Aziatische), en dat binnen de westerse hoofdreligies de volgorde van minder naar meer schadelijkheid voor de geestelijke gezondheid is: christendom, islam, judaïsme Schaamte Schaamte is de emotie die gevoeld wordt bij een aandrang tot gedrag, daar waar iets anders dat gedrag lijkt te voorkomen - zoals uitgedrukt in "je doet iets niet uit schaamte". Schaamte lijkt daarmee een zelfde soort geval als wat William James heeft opgemerkt over angst Het gebied dat het sterkst geassocieerd wordt met schaamte is seks. Het is duidelijk dat seks al een factor is op het niveau van het autonome zenuwstelsel - zelfs planten kennen een begrip "sekse". Een blik op de natuur leert dat voor de meeste diersoorten het een evolutionair kennelijk gunstige strategie is om voortplanting, dus de seksuele daad, min of meer gelijktijdig te hebben. Dus is het ook waarschijnlijk dat in de genen van deze soorten zit ingeprogrammeerd om de neiging te hebben zich te gaan voortplanten als soortgenoten zich gaan voortplanten. Als dat zo is, is het uiterst waarschijnlijk dat ook nog in het menselijke genenpakket zit, tezamen met de bijbehorende neiging van het autonome zenuwstelsel dat wij meegekregen hebben van de lagere diersoorten: seks verleidt tot seks. Maar in ons hogere emotionele pakket, aangepast aan veel latere vormen van groepsgedrag, zit ook dat we aangeleerd hebben trouw te zijn aan een enkele partner, vanwege de lange zoogtijd van met name de mensen diersoort. Die hogere emoties zorgen voor een tegenimpuls bij de neiging van seks leidt tot seks - de emotionele impuls die wij verwoorden als "schaamte". Dus á la James: het is niet zo dat we geen seks hebben als we het zien omdat we ons schamen, het is zo dat we ons schamen omdat we geen seks hebben als we het zien . Seks Niettegenstaande de vele en ingewikkelde verhalen over dit onderwerp gaat seks voornamelijk, dat wil zeggen: op plaats 1, 2, 3, en misschien nog meer, over voortplanting. Ook is het zeer waarschijnlijk dat seks in belangrijke mate een laag één proces is (zie de drie lagen De succes van de soort wordt in hoge mate bepaald door de hoeveelheid en kwaliteit van de voortplanting. Hierbij geldt de simpele regel: hoe meer nageslacht, hoe minder de zorg, en dus hoe minder de kwaliteitsbewaking. Bij diersoorten ziet men van laag tot hoog de hoeveelheid nageslacht, gemiddeld, voortdurend afnemen. Bij mensen ziet men bij het voortschrijden van de beschaving ook voortdurend het kindertal afnemen (kindertal is dus ook een maat voor beschaving, getuige het afnemen ervan bij toename van het onderwijsniveau van de vrouw). Bij de mens wordt de seksuele partnerkeuze bepaald door de vrouw, en boze tongen beweren dat ook alle anderszins gericht lijkende activiteiten van de man gericht zijn op het verkrijgen van een zo goed mogelijke vrouw (dus zo mooi mogelijk, dus zo gezond mogelijke, dus zo goed mogelijke kinderen krijgend, zie boven), en de activiteiten van de vrouw op het verkrijgen van een zo krachtig/machtig mogelijke man (die goed voor voedsel voor het nageslacht kan zorgen). De rest van het verhaal van seks is versiering (nog een enkele illustratie: de vruchtbaarheid van de vrouw bij verkrachting is twee maal zo hoog als bij de gewone paring; uitleg: verkrachting = geweld = kracht = gunstige genen Slaap Slaap is geen menselijk maar een algemeen dierlijk verschijnsel, dat in ieder geval bij zoogdieren nauwelijks lijkt te verschillen van dat bij mensen. Van vele jaren geleden kent de redactie een verslag van een experiment met varkens die vele dagen uit hun slaap werden gehouden, en daar duidelijk "krankzinnig" van werden. Zeezoogdieren moeten voorturend doorzwemmen, en hebben het slaapprobleem opgelost door de twee hersenhelften apart en afwisselend te laten slapen. hetgeen ook laat zien dat slaap ook één van de belangrijkste menselijke bezigheden is, zoals ook al volgt uit het simpele feit dat er een aanzienlijk deel van de beschikbare tijd mee wordt doorgebracht, dat wil zeggen, zo'n dertig procent. De reden voor de noodzaak voor slaap is minder bekend, maar een veelvoorkomend idee dat het gaat om de verwerking van ervaringen ondergaan overdag. Hier wordt dat idee ook overgenomen, met aan paar aanvullingen. Als eerste wordt aangenomen dat de verwerking van ervaringen een vorm is van het evalueren van voorspellingen. Die voorspellingen zijn de projecties aangaande mogelijke gebeurtenissen in de toekomst op basis van datgene dat tot dan toe is gebeurd. Dit soort projecties of voorspellingen zijn natuurlijk een groot voordeel en in sommige gevallen essentieel, ten einde op toekomstige gebeurtenissen te kunnen anticiperen en snel op passende wijze te kunnen reageren. Stap twee in de toevoegingen is dat dit proces in meerdere stappen gebeurt, opgesplitst naar urgentie: het waarnemen van een leeuw wordt als eerste geëvalueerd op het niveau van het direct afgaan van mogelijke vluchtroutes of andere handelswijzen. Ook van belang is om te weten of de plaats van ontmoeting toeval is of systematisch - in het laatste geval moet de plaats in de toekomst vermeden worden. Maar op het moment van de ontmoeting is dit minder urgent dan de keuze in vluchtroutes, die dan ook alle aandacht krijgt. De evaluatie van de gebeurtenis op langere termijnen kan later. Stap drie is de veronderstelling dat de evaluatie van latere gebeurtenissen door dezelfde modules gebeurt als die van de instantane. Dan zijn die modules overdag dus bezet met de korte-termijn verwerking van de directe ervaringen. Voor de lange-termijn ervaringen die minder urgent zijn maar toch wel belangrijk, dient dan "rekentijd" op gunstige momenten gereserveerd te worden. Dit is dan de "slaap" die plaatsvindt 's nachts omdat het instantane verwerken van gebeurtenissen dan veel minder urgent is. Waarbij die slaap het meest zichtbaar is door de roerloosheid van het individu dat slaapt. Een roerloosheid die geregeld wordt door een van de modules van de autonome hersenen: de pons Stap vier is dat die projecties en voorspellingen dus geen werkelijke gebeurtenissen zijn. De hersenen lopen er daarvan zo veel mogelijk af, want met een groot bereik heb je de beste kans om de juiste voorspelling te vinden. Een deel van die evaluaties wordt waarschijnlijk opgeslagen en gebruikt bij latere evaluaties, zodat het mogelijk is patronen te ontdekken in de combinaties van omstandigheden en mogelijke en werkelijk gebeurde gebeurtenissen. De voorspellingen maken deel uit van, of staan bekend als, het proces van "dromen". De grote reikwijdte van de voorspellingen blijkt uit de hoeveelheid "fantasie" aanwezig in dromen, en in de voor het bewustzijn vaak absurde combinaties van en in gedroomde gebeurtenissen. Net als de pons ervoor zorgt dat de signalen tijdens de slaap niet doorgegeven worden aan de ledematen, is er vermoedelijk een module die ervoor zorgt dat er geen signalen aan de langetermijn-evaluatie worden onderworpen tijdens het bewustzijn. Een pluspunt van deze beschrijving is dat ze ook andere verschijnselen in de hersenen kan meenemen zonder extra aannames - dat wil zeggen: ze voldoet sterk aan het principe van Occam's razor, oftewel: simpelheid van aannames Meer voorbeelden ter illustratie van het verschijnsel van verwarring van de oorsprong van signalen hier De gevolgen van overbelasting van de evaluatiemodules zijn vermoedelijk onder andere verschijnselen als stress en depressie Spiegelneuronen Neuronen zijn de cellen in de hersenen die onze acties aansturen: het afvuren van een neuron stuurt, via de zenuwen, het uitsteken van de tong - net als bij alle dieren. Spiegelneuronen zijn een bepaald soort neuronen, die afgaan bij acties waargenomen in de buitenwereld: zie je iemand zijn tong uitsteken, dan gaat het bijbehorende spiegelneuron af. Spiegelneuronen zijn dus een soort snelweg in het ervaren wat er in de buitenwereld gebeurd. In mensen lijken ze vooral nuttig te zijn bij het aanleren van mechanische taken ("moeder doet jong voor"), en het begrijpen van elkaars acties. Men neemt aan dat ze essentieel zijn voor sociale interacties, en hun bestaan verkaart ook dat veel van die sociale interacties, zoals verliefd worden en dergelijke, op zo razendsnelle wijze kunnen gebeuren Meer over het proces zelf hier Uiterlijk Psychologie is puur een kwestie van de geest, het innerlijk - en staat dus los van het uiterlijk. Dat is een keiharde leerstelling van de huidige psychologie, die meestal onderstreept wordt vanuit het ongerijmde, door te wijzen op mislukkingen als die van Lombroso Dat dit denkbeeld op dit moment op het psychologische vlak nog steeds bestaat is verbazingwekkend. Uit onderzoek bij dieren zowel als bij mensen is bekend dat wat ervaren wordt als schoonheid, in hoge mate samenhangt met symmetrie, en dat hang weer in hoge mate samen met genetische gezondheid. Kortom: waarom vinden iemand mooi: vanwege de belofte van veel en sterk nageslacht In de dagelijkse praktijk gebruikt natuurlijk iedereen in hoge mate het uiterlijk om psychologische inschattingen te doen, want we zien iemand eerst voordat we hem spreken - zie bijvoorbeeld het waarnemen van emoties Daar waar het uiterlijk essentieel is voor psychologische inschattingen door individuen, en mensengroepen bestaan uit individuen, zijn inschatting op grond van het uiterlijk natuurlijk ook belang voor de sociologie. Meer daarover hier Valkuilen De term valkuil heeft zijn origine in de aloude jagers- en krijgerstruc om in een bospad een kuil te graven en dit onzichtbaar met takken en dergelijke af te dekken, zodat de niets vermoedende pad-beganer als slachtoffer "in de kuil valt". In de psychologisch context hier zijn een aantal deze elementen terug te vinden. Maar eerst een beschrijving van het psychologische proces achter de typische valkuil. De meeste en vermoedelijk alle psychologische toestanden zijn het resultaat van twee of meer elkaar tegenwerkende meer elementaire processen, die tezamen zorgen voor een min of meer stabiel evenwicht Deze algemene omschrijving laat zich direct vertalen naar allerlei psychologische processen: als iemand een laag zelfbeeld heeft, gaat hij daardoor vaak fouten maken. Als daardoor zijn zelfbeeld verder afneemt, en maakt hij daarna nog meer fouten - enzovoort. Vertaald: iemand met de neiging zijn zelfbeeld naar beneden bij te stellen bij het maken van fouten, heeft een valkuil. Het is duidelijk dat deze beschrijving slaat op vrijwel zaken die men in psychologische zin aanduidt als "valkuilen" Verliefdheid Het doel van verliefdheid kan afgeleid worden uit het erbij horende waarneembare gedrag: het is het signaal vanuit de autonome en emotionele hersenen dat het andere individu een geschikte partner is. De verschijnselen van verliefdheid zijn er allemaal op gericht om het individu te brengen tot gedragingen die de partnerrelatie tot stand brengt, ten eerste om het andere individu de boodschap en aantrekkelijkheid van een mogelijk partnerschap over te brengen, en inclusief de capaciteit tot het in mindere of meerdere mate overtreden van andere driften, emoties en conventies om dit ultieme doel te bereiken ("de dwaasheden van verliefdheid") . Meer hierover onder partnerkeuze Verslaving Verslaving lijkt in hoge mate op een valkuil Merk als eerste op dat hier geen enkele invulling is gegeven aan het specifieke zelfversterkende proces - het geldt in principe voor allemaal Binnen het spectrum van verslavingen zijn er ook variaties in de mate waarin men aan de verslaving vastzit. Iets dat direct het genotscentrum (nucleus accumbens En dan zijn er nog de psycho-sociale verslavingen, waarvan de belangrijkste grotendeels via het rationele deel lopen, zoals daar zijn religie, ideologie en aanverwante. Deze zijn het minst ernstig qua biochemische processen, maar desalniettemin moeilijk te bestrijden omdat ze voor een belangrijk deel binnenkomen via de sociale omgeving, en afkicken ervan deels ook een breuk met de sociale omgeving betekent. Hetgeen het sterkst geldt als de verslaving wordt ingeprogrammeerd tijdens de jeugd, zoals meestal bij religie, in welk geval een afkickperiode van rond de vier jaar als norm blijkt te gelden Vrije wil Het hebben van een vrije wil wordt beschouwd als een van de meest kenmerkende eigenschappen van de mens, dat hem plaatst boven andere diersoorten. Het is tevens de meest overschatte. In de praktijk vertoond de mens nauwelijks meer vrije wil dan een aap in een dierentuin, zoals blijkt uit de voorspelbaarheid van veel gedrag Tussen twee haakjes: daar waar vrijwel iedereen gelooft in de volledige vrije wil, verandert bovenstaande niets aan de situatie rond de beoordeling van bijvoorbeeld misdadig gedrag: zowel niet-misdadiger als misdadiger hebben dezelfde beperking, en dus blijft de misdadiger even verantwoordelijk. Pas als een substantieel deel der mensen in de beperkingen van de vrij wil overtuigd is, kan de beoordeling van misdaad bijgesteld worden. Maar dat wil allemaal niet zeggen dat er principieel geen vrije wil bestaat - alleen is ze beperkt tot mensen die hun rationele hersens wensen te gebruiken Woordgebruik Het hoeft nauwelijks betoog dat veel psychologische processen ten nauwste verbonden zijn met woordgebruik - misschien is het zelfs wel geldig om een onderscheid te maken tussen de zware en licht psychologische problemen als die primair veroorzaakt door biochemische factoren, en die veroorzaakt door fout woordgebruik, waarbij "fout" staat voor een foute relatie tussen woorden (externe en de interne verbalisaties van gedachten), en de werkelijkheid. Dat laatste toont ook meteen de nauwe band tussen therapieën als cognitieve therapie, en de theorie van de Algemene semantiek Wraak Wraak is, net zoals de (meeste) andere emoties, het extreme uiterste van een heel spectrum - een glijdende schaal Tussen "wang toekeren" en wraak zit dus een ruim middenveld. In dat midden is het voor het overgrote deel zo dat de reactie op de beschadigende daden van anderen een goede zaak is. Het is één van de manieren om ervoor te zorgen dat die beschadiging niet herhaald wordt. Oftewel: "wraak" is het uiterste van het veld van "correctie" of "straf" Van deze gezonde emotie is wraak dus de extreme en schadelijke variant. Maar ook deze komt in verschillende sterkst. Bij de Europese volken is dat van oudsher beperkt tot het vergelden van een moord met een moord op de dader. Verder naar het zuiden, beginnende in de Balkan en met name een land als Albanië, breidt zich dat steeds verder uit naar de rest van de sociale omgeving: niet alleen de dader van de moord, maar ook zijn directe familie wordt beschouwd als een legitiem doewit. Een hoogtepunt bereikt het verschijnsel wraak in het Midden-Oosten, waarvan we nu aan den lijve de islamitische variant ondervinden, middels het proces van immigratie Het sociologische equivalent van wraak, in de gezonde vorm, is tit-for-tat Zelfbeheersing Zelfbeheersing
is altijd al een teken van beschaving geweest, in die streken waar een zeker
niveau van beschaving heerst. aan dat oordeel van gezond verstand en intuïtie is
nu ook een wetenschappelijke onderbouwing gegeven, middels het zogenaamde
"marshmallow"-experiment: een kind wordt alleen gezet achter een tafeltje met
daarop een marshmallow, met de belofte dat als het er een kwartier niet van
snoept, het er twee krijgt - een experiment in uitgestelde bevrediging dus.
Kinderen (ruim) onder de vijf lukt het niet, en er (ruim) boven altijd. Op de leeftijd van
circa vier ligt dus de grens waarin de rationele overweging het gaat winnen van
de instantie emotionele bevrediging.Het experiment stamt uit de jaren zestig. De grootste verrassing kwam pas later, toen men op het idee kwam om te kijken wat er van de kinderen uit het experiment geworden was. Er bleek een sterke correlatie tussen de mate van getoonde zelfbeheersing, en maatschappelijk succes op veel latere leeftijd. Zelfbeheersing, en wat daar aan vast zit, blijkt dus een cruciale factor. Dat "wat eraan vastzit" is hoogstwaarschijnlijk van fundamenteler neurologische aard. De neiging tot het directe snoepen komt van de emotionele hersenen - de middels van de drie hoofdlagen Het al snel je goed kunnen beheersen wijst dus op extra goed functionerende cortex of een extra goed functionerend afwegingsmechanisme. Beide zijn natuurlijk voordelig op allerlei terreinen. leidend tot gemiddeld veel meer maatschappelijk succes. Maar daar waar het ook tot de gezond-verstand Welke constatering leidt tot de zoveelste aanwijzing dat deze instantie lange reeks ideeën ingeburgerd met de revolutie van de eind-jaren zestig Meer over de interactie tussen zelfbeheersing en het huidige maatschappelijke denken hier Zingeving De vraag naar de zin van het bestaan wordt wel de ultieme menselijke vraag genoemd. De vraag kan in principe met een een enkele opmerking worden afgedaan: Stel dat je de zin van het bestaan zou weten, wat dan? Dan is namelijk onmiddellijk duidelijk dat het weten van de zin van het bestaan, het bestaan onmiddellijk van het grootste deel van haar zin ontdoet. Het weten van de uitkomst van een spel verpest de lol in het spelen ervan voor de meeste mensen. Slechts een enkeling kan het spel spelen om het spel Ook heel illustratief is als je de vraag zelf wat verder gaat ontleden, een idee dat opkwam naar aanleiding van het uitkomen van een boek onder de titel "Why does the world exist?" (2012, auteur Jim Holt). Als je die vraag wilt beantwoorden, moet je eerst weten waarover je praat. Een korte uitleg van de drie basistermen: - "the world" is iets dat voor een individu niet bestaat, want hij kent alleen maar zijn eigen zintuiglijke waarnemingen - "the world" is het product van communicatie tussen die individuen en een overeenstemming over en (hopelijk) in die waarnemingen. - "exist" is een werkwoord, en beschrijft de mogelijkheid om iets te verifiëren: iets "exists" als je iets kunt waarnemen, of laten zien dat het aannemelijk is dat anderen dat hebben waargenomen of kunnen waarnemen. De maan "bestaat" omdat je naar de horizon kan wijzen en zeggen tegen je jachtgenoot: "Straks komt daar een grote gele ronde kaas tevoorschijn". En die kaas komt dan inderdaad tevoorschijn. - "why" is een term die twee andere termen verbindt, bijvoorbeeld "banaan" en "krom" in "Waarom zijn de bananen krom?". In meer wetenschappelijke termen is dat de vraag naar "causaliteit" - twee zaken zijn causaal verbonden als het één noodzakelijkerwijs het andere aanroept, meestal verbonden in tijd: eerst "dit", dan "dat" (verbondenheid in plaats is meestal wel duidelijk, zoals bijvoorbeeld die van het voor- en achterwiel van een fiets). Waarbij "dit" en "dat" natuurlijk per definitie ook weer zaken uit de werkelijkheid zijn, of "de wereld" - of zaken die "exist". Het "waarom" van een zaak is de vraag naar het causaal verbondene van die zaak, dat wil zeggen: hoe de zaken in de wereld verbonden zijn. En als je er van begin af aan van uitgaat dat de wereld bestaat uit dingen die voor een deel verbonden zijn (denk maar aan die communicerende mensen), dan is de vraag naar "waarom" dus dezelfde als de vraag naar "de wereld". Oftewel: in de uitdrukking "Why does the world exist" die het verband zoekt tussen drie termen, staat in feite drie keer hetzelfde. Het is helemaal geen vraag. Het is een voorbeeld van de cirkelredenering al lang geleden ontdekt en besproken en al vele malen gepersifleerd, bijvoorbeeld door Ambrose Bierce in The Devils Dictionary (1911) :
Een leuk spelletje, dit, hè ...? De vraag naar de zin van het bestaan is dus een zinloze vraag. En het nastreven van zinloze zaken brengt heel vaak ook andere vormen van ellende. Waarvan het meest pregnante voorbeeld natuurlijk de religie is. Hoe hardnekkiger het streven van de religieus of de religieuze stroming om zin aan het leven te geven, des te naargeestiger die mens Overigens: als goede tweede mag hier ook nog de filosofie genoemd worden, met name die variant die zich kenmerkt door titels als "Das Wesen das Daseins" Naar Psychologie lijst |